Allemaal baasjes in Wassenaar

Relletjes, vetes en gekonkel. Dat was de Wassenaarse politiek. Het college viel en daarna kwamen wethouders ‘van buiten’. „Het vertrouwen in de politiek is hier tot een nulpunt gedaald.”

Burgemeester Jan Hoekema. Foto David van Dam

Er valt iets te kiezen in Wassenaar op 19 maart. Verstoorde politieke verhoudingen hebben ertoe geleid dat nu negen partijen een gooi doen naar de 21 raadszetels. In de afgelopen raadsperiode zijn er liefst drie lokale partijen bijgekomen. „Al deze partijen zijn geboren uit onvrede en persoonlijke rancune, en allemaal zijn ze direct of indirect voortgekomen uit de ooit oppermachtige VVD”, zegt aftredend fractievoorzitter van GroenLinks Antoon Claassen.

Meer dan een halve eeuw werd Wassenaar gedomineerd door de VVD. Verkiezingsuitslagen waren voorspelbaar, want Wassenaar was de VVD en de VVD was Wassenaar. In de periode tot aan 2006 hadden de liberalen niet zelden de absolute meerderheid. „Met een stroperige politiek tot gevolg”, zegt Claassen. „Politici waren regentesk en arrogant en hautain tegenover de raad en de burgers.” Wethouders beantwoordden raadsvragen niet of informeerden de raad onjuist, zegt Claassen, die sinds 1998 onafgebroken in de Wassenaarse raad zit. Daardoor kregen burgers volgens hem „steeds meer een hekel aan het gemeentebestuur en vervolgens de partijleden aan hun eigen partij: de VVD”.

En toen kwam Wat Wassenaar Wil (WWW), de partij die zich in 2005 afsplitste van de VVD, en kwam er een einde aan de almacht van de liberalen. De partij, die succesvol campagne voerde voor transparante politiek, kwam in 2006 uit het niets met zes zetels in de gemeenteraad. Er was blijkbaar behoefte aan. Daarmee werd WWW net zo groot als de VVD en kwamen de liberalen voor het eerst sinds mensenheugenis in de oppositie terecht.

Sindsdien is het onrustig in Wassenaar en leiden de „grondig bedorven” politieke verhoudingen, zoals oud-PvdA-senator Joop van den Berg het later als informateur verwoordde, tot problemen en incidenten in het rijke villadorp.

Geruzie

De VVD relativeert de afsplitsingen. „Al die nieuwe partijen verbazen mij, maar er gebeuren wel meer onverwachte dingen in de Wassenaarse politiek”, zegt VVD-fractievoorzitter Anouk van Eekelen. „Natuurlijk willen we als partij mensen aan ons binden, maar wij zijn er niet voor om mensen binnenboord te houden.”

Sinds de gemeenteraadsverkiezingen van 2010 is de VVD weer de grootste in Wassenaar. Om het risico op ruzies te verkleinen, besloot de partij twee jaar geleden dat raadsleden na twee termijnen uit de raad moeten. Maar daar neemt niet iedereen genoegen mee, zegt Van Eekelen, die zelf sinds 2010 in de raad zit en kandidaat-wethouder is voor haar partij. „Wassenaar is een dorp waar veel mensen wonen die zich liberaal voelen, die veel tijd hebben, graag de VVD willen vertegenwoordigen en het gewoonweg moeilijk vinden om afscheid te nemen na jarenlang in de politiek te hebben gezeten.”

Politici hebben de naam ijdel en eigenwijs te zijn, dus ligt afsplitsing op de loer – niet alleen in Wassenaar, meent GroenLinkser Claassen. „In Wassenaar wonen veel welgestelden die in de top van het bedrijfsleven zitten en gewend zijn de baas te zijn en bevelen uit te delen. Als zij hun zin niet krijgen, zijn ze oprecht verbaasd over zoveel onbegrip: kennelijk heeft ‘men’ hen niet goed begrepen, is er bij ‘men’ intern iets mis gegaan. We kunnen geen schop de grond insteken of burgers spreken ons in niet mis te verstane taal toe en we kunnen geen bestemmingsplan bespreken of de advocaten komen in slagorde binnen marcheren. De meest initiatiefrijken beginnen een eigen politieke partij, geboren uit het gevoel niet gehoord te worden.”

Ter illustratie: „In de voorlaatste raadsperiode waren alle fractievoorzitters in hun werkzame bestaan directeur dan wel oud-directeur van een bedrijf of instelling, met uitzondering van mijzelf”, aldus Claassen.

Bert Ooms, jarenlang fractievoorzitter van de VVD en nu lijsttrekker van Passie voor Wassenaar, zegt dat de afsplitsingen zijn ontstaan door onvrede over het gemeentebestuur. Ooms, in het dagelijks leven patholoog, staat in doktersjas op de verkiezingsaffiches in het dorp. Hij is de man die Wassenaar ‘beter’ moet maken en moet verlossen van een „posttraumatisch politiek stresssyndroom”, zoals zijn partij het onlangs met een kwinkslag verwoordde in de lokale Wassenaarse Krant. „Het is gezond dat Wassenaarders straks ruim kunnen kiezen.” Dat helpt blokvorming in de raad te voorkomen.

Hoewel de verziekte bestuurscultuur een veelbesproken onderwerp blijft in de Wassenaarse dorpskern, spelen er genoeg andere politieke thema’s. Zo is er de aanleg van de omstreden Rijnlandroute, de nieuwe snelweg tussen Katwijk en de A4 bij Leiden die langs het dorp voert. Gevreesd wordt voor verkeersoverlast, luchtvervuiling en de sloop van woningen die voor de snelweg moeten wijken. Ook de onroerendezaakbelasting (ozb) staat in menig verkiezingprogramma. Boodschap: niet meer verhogen dan met de gebruikelijke inflatiecorrectie. Een ander thema is ambtelijke samenwerking tussen Wassenaar en Voorschoten. Lokale partijen als WWW en Democratische Liberalen Wassenaar (DLW) vrezen dat de samenwerking een voorportaal is van een bestuurlijke fusie.

Seksrel

Aan media-aandacht voor Wassenaar was de afgelopen jaren geen gebrek. Dat geldt zeker voor de beruchte seksrel, de uit de hand gelopen nazit in de nacht van 13 op 14 februari 2012, waarbij toenmalig VVD-wethouder Henk de Greef tegen een oppositieraadslid zou hebben gezegd dat hij haar een lesje wilde leren „met de gordijnen dicht en de kleren uit”. Burgemeester Jan Hoekema (D66) stelde een onderzoek in en zei zich diep te schamen voor de negatieve publiciteit.

De uitspraken zijn nooit bewezen, maar de zaak werd drie maanden geleden door het collegebestuur geschikt om een „langdurig juridisch conflict” te voorkomen. Dat de gemeente ruim 1,5 ton aan gemeenschapsgeld uitkeerde om van de zaak af te zijn, was voor inwoner Martin Schuitema reden om de actiegroep Stop de Verspilling te beginnen. Door middel van opiniestukjes in de lokale krant en bijeenkomsten die hij organiseert in dorpshuizen, blijft de netelige kwestie op de achtergrond napruttelen.

Rijke gemeenten zijn altijd al moeilijk te besturen geweest, zegt Rinus van Schendelen, emeritus hoogleraar politicologie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Daar wordt, stelt hij vast, „niet klassiek geprotesteerd”, maar nemen ruziënde partijen „al snel een advocaat in de arm”. Dat leidt tot lange procedures en verstoorde politieke verhoudingen, weet hij. „In Wassenaar is de seksrel uiteindelijk op de valreep afgekocht, omdat er maar geen einde aan kwam. De politieke tegenstander heeft slechts een klein foutje nodig om uit te vergroten en het gemeentebestuur gaat onderuit.”

Dure fietstunnel

Vorig jaar keerde de bestuurlijke rust in het dorp terug nadat drie wethouders van buiten Wassenaar aantraden. Het vorige college viel over de bouw van een fietstunnel, die bijna 2 miljoen euro duurder werd dan begroot. Er kwam een akkoord dat wordt gedragen door vijf partijen (VVD, CDA, D66, PvdA en DLW) en de bestuurskracht is duidelijk verbeterd – daarover zijn veel politici het eens. De financiën zijn op orde gebracht, veel bestemmingsplannen vernieuwd en de onderlinge verhoudingen verbeterd nu op een zakelijker manier politiek wordt bedreven. De drie wethouders blijven volgens afspraak tot de verkiezingen, daarna kunnen lokale kandidaten het weer overnemen.

Dreigen daarmee de politieke toestanden weer van vooraf aan te beginnen? Van Eekelen (VVD) denkt van niet: „We hebben het afgelopen jaar laten zien dat we wel degelijk kunnen samenwerken. We willen een heel saai bestuur na 19 maart. Minder ego en meer politiek.”

Of dat gaat lukken. is de vraag. Ex-VVD’er Ben Paulides, enig fractielid van DLW: „De aanstaande coalitievorming zou weleens het volgende probleem kunnen zijn in Wassenaar. Het zal van grote invloed zijn welke kandidaat-wethouders door partijen naar voren worden geschoven; oude of nieuwe gezichten.”

Door alle „onderlinge vetes en rancunes is het vertrouwen van de Wassenaarse burger in de politiek naar een nulpunt gedaald”, verzucht Claassen. „Het bestuur blijft zwak of uiterst zwak, afhankelijk van de kwaliteit van de nieuwe wethouders.”

    • Marije Willems