Achtergrond Waarom is dit een belangwekkende zaak?

Joris Demmink was dertig jaar ambtenaar op het ministerie van Justitie. De laatste tien jaar was hij er secretaris-generaal, de hoogste ambtelijke functie. Hij was ook hoofd van de directie Politie, directeur-generaal Rechtspleging en directeur-generaal Internationale Aangelegenheden en Vreemdelingenzaken. In 2012 ging Demmink met pensioen.

Rondom de oud-topambtenaar woedt al ruim tien jaar een geruchtencampagne. Die verhalen gingen over seksuele uitspattingen en kindermisbruik. Vraag daarbij was altijd: zijn de verhalen een poging om Demmink uit te schakelen of heeft de hoogste ambtenaar van Justitie een verleden dat niet past bij de invloed die zijn werk met zich meebrengt? Tot nu toe werden de beschuldigingen altijd weerlegd.

De afgelopen tien jaar op een rij:

2003: Gaykrant en Panorama

De Gaykrant en weekblad Panorama publiceren gedetailleerde artikelen over Demminks vermeende seksuele uitspattingen in Tsjechië en in Eindhoven. Een Tsjechische jongeman verklaart daarin dat hij als 14-jarige jongen betaalde seks zou hebben gehad met Demmink. Beide bladen moeten de beschuldigingen intrekken. De man die aangifte deed tegen Demmink wordt veroordeeld voor het doen van valse aangifte.

2007: Hüseyin Baybasin

De beschuldigingen over pedofilie komen opnieuw boven, nu naar aanleiding van aangifte door de tot levenslang veroordeelde drugscrimineel Hüseyin Baybasin. Demmink is dan vijf jaar secretaris-generaal van het ministerie van Justitie. De advocaten van Baybasin stellen in een kort geding dat zij over verklaringen beschikken waaruit zou blijken dat Demmink in 1996 in Turkije aanwezig was op een seksfeest met minderjarige jongens. De rechtbank oordeelt dat Baybasin de beschuldigingen niet aannemelijk kan maken.

2012: Algemeen Dagblad

Volgens het Algemeen Dagblad zou Demmink in de jaren tachtig contacten hebben onderhouden met een pooier van minderjarige jongens. Demmink, net met pensioen, daagt het AD voor de rechter wegens onjuiste berichtgeving. Minister Ivo Opstelten (Veiligheid en Justitie, VVD) schrijft de Tweede Kamer dat de nieuwe beschuldigingen geen onderzoek rechtvaardigen.

Juni 2013: gevangenisdirecteuren

Twee voormalige gevangenisdirecteuren hebben bij de notaris een verklaring afgelegd met beschuldigingen over de pedoseksuele belangstelling van Demmink, zo wordt bekend. Jacob van Huet en Bart Molenkamp zouden hebben gezegd dat ze in 1992 tijdens een dienstreis in Londen een stafmedewerkster van het ministerie hebben horen klagen over Demmink. Zij zou hebben gezegd dat ze „via de telefoon jonge jongens” moest regelen voor Demmink, die overigens niet mee was naar Londen. Demminks advocaat Haro Knijff verwerpt de aantijgingen.

November 2013: verhoren

De rechtbank in Utrecht stemt in met een verzoek van de stichting De Roestige Spijker, om in het openbaar getuigen te horen die iets kunnen verklaren over pedofiele contacten van Demmink. Het is een getuigenverhoor, dat wil zeggen een civiele procedure en geen strafrechtelijk onderzoek. Demmink mag (als hij dat wil) getuigen voordragen in een tegenverhoor. Daarna wordt het getuigenverhoor gesloten. De rechter-commissaris geeft dus geen oordeel over wat de partijen verdeeld houdt. Deze verhoren zijn dinsdag begonnen.

Januari 2014: strafonderzoek

Het gerechtshof in Arnhem gelast het Openbaar Ministerie een onderzoek te beginnen naar mogelijke betrokkenheid van Joris Demmink bij het verkrachten van twee minderjarige Turkse jongens in 1996 in Turkije. Volgens het hof zijn er voldoende feitelijke omstandigheden die een onderzoek naar Demmink rechtvaardigen. Demmink heeft altijd gezegd een alibi te hebben: hij zou na 1986 nooit meer in Turkije zijn geweest. In een Turks document dat door het ministerie van Justitie en Veiligheid als authentiek wordt bestempeld, staat dat Demmink in 1996 wel in Turkije zou zijn geweest. Onder leiding van drie officieren van justitie en een Haagse rechter-commissaris is nu een strafrechtelijk onderzoek begonnen.