De sublieme triomf (en het smetje) van Sotsji

Het oranje trio reed in Sotsji een vlekkeloze ploegachtervolging. Na mislukkingen bij de Olympische Winterspelen in 2006 en 2010 veroverde het Nederlandse schaatsteam, bestaande uit kopman Sven Kramer, Jan Blokhuijsen en Koen Verweij, op overtuigende wijze goud. Na de finale, waarin Zuid-Korea vrij lang goed partij gaf, sprak bondscoach Arie Koops – tevens directeur sport

Jan Blokhuijsen, Sven Kramer en Koen Verweij tijdens de medailleceremonie in de Adler Arena. Foto ANP / Robin Utrecht

Het oranje trio reed in Sotsji een vlekkeloze ploegachtervolging. Na mislukkingen bij de Olympische Winterspelen in 2006 en 2010 veroverde het Nederlandse schaatsteam, bestaande uit kopman Sven Kramer, Jan Blokhuijsen en Koen Verweij, op overtuigende wijze goud. Na de finale, waarin Zuid-Korea vrij lang goed partij gaf, sprak bondscoach Arie Koops - tevens directeur sport van de KNSB - van een fantastische prestatie. Niemand vond dat hij daarmee overdreef.

Desondanks moest Koops na afloop van de gouden race lastige vragen beantwoorden. Wat was er nu precies aan de hand met reserve Jorrit Bergsma, die zich anderhalf uur voor de kwartfinale tegen Frankrijk had teruggetrokken omdat hij zich ‘genaaid’ voelde? Koops noemde Bergsma’s afmelding “een smetje”. Bergsma, eerder winnaar van de olympische tien kilometer, was laaiend omdat hij tegen de zwakke Fransen geen invalbeurt kreeg. Aangezien hij ook in de halve eindstrijd tegen Polen ‘op de bank’ bleef, kreeg hij géén medaille bij de ceremonie.

“Ik heb werkelijk geen moment het idee gehad dat ik deel uitmaakte van een ploeg”, vertelde Bergsma aan NOS-verslaggever Bert Maalderink na zijn afhaken. “Ik wil me niet geforceerd opdringen, maar ze hebben me gevraagd deel uit te maken van de ploeg. Als er straks een medaille wordt gewonnen, ben ik degene met lege handen. Dat steekt me gewoon.” Hij zei dat zijn humeur door het voorval flink was verpest. Dat hij een bonus van 25.000 euro misliep, nam hij op de koop toe. “Dit kan gewoon niet, ik ben zo ontzettend teleurgesteld.”

Koops zei later te begrijpen dat Bergsma op deelneming had gehoopt. “In topsport gaat het niet om hopen, maar om het beste resultaat”, zei hij in NRC Handelsblad. Hij haalde zijn gelijk met de triomf op Zuid-Korea, in een fabelachtige tijd van 3,37,71. Volgens NRC kreeg Koops in veel media kritiek toen hij op een persconferentie voor de ploegachtervolging steeds herhaalde dat het doel van Oranje “de beste taakuitvoering” was en weigerde te spreken over goud in Sotsji.

Kramer, Verweij, Blokhuijsen en Bergsma tijdens een training voor de ploegachtervolging

Kramer, Verweij, Blokhuijsen en Bergsma tijdens een training voor de ploegachtervolging. Foto ANP / Jerry Lampen

In de kwestie-Bergsma was ook sprake van ‘oud zeer’. Zo zette Koops Bergsma afgelopen zomer (tijdelijk) uit de achtervolgingsploeg omdat hij zich voor een trainingskamp op Vlieland afmeldde. De commerciële ploeg BAM van Bergsma en trainer Jillert Anema verweten Koops al langer dat hij veel meer oog had voor de formatie TVM van Kramer en Verweij dan voor BAM. NRC meldde dat chef de mission Maurits Hendriks van sportkoepel NOC*NSF na het bedanken van Bergsma prompt verhaal ging halen bij Anema. Maar Anema zei dat hij zich nergens mee had bemoeid.

Zonder Bergsma kwamen de Nederlandse mannen voor het eerst in de geschiedenis van de Olympische ploegachtervolging (begonnen in 2006, dankzij toenmalig ISU-bestuurder Ard Schenk) in de eindstrijd. Zowel in Turijn (2006) als in Vancouver (2010) ging Oranje in de halve finale ten onder, maar won wel brons.

Verweij, Blokhuijsen en Kramer tijdens de finale

Verweij, Blokhuijsen en Kramer tijdens de finale van de ploegenachtervolging. Foto ANP / Robin Utrecht

Kramer was bij beide toernooien van de partij. In Turijn, waar Nederland in de halve finale tegen Italië in zijn sterkste formatie aantrad, nam Oranje snel de leiding. De Italianen brachten de achterstand vervolgens langzaam terug. De krachtmeting beloofde een spannende ontknoping te krijgen totdat Kramer op een blokje stapte, onderuit ging en Carl Verheijen in zijn val meenam. Erben Wennemars bleef overeind, maar kon als eenling niets meer uitrichten: Nederland liep uiteindelijk een ronde achterstand op.

In 2010 faalde het Oranje-trio op de ploegachtervolging in Vancouver in de halve finale tegen de Verenigde Staten. Kopman Kramer kwam getergd aan de start, nadat hij de zege op de individuele tien kilometer had gemist doordat zijn coach Gerard Kemkers hem de verkeerde baan in stuurde. Maar “totale miscommunicatie”, aldus Kramer maakte dat het optreden van Nederland een flop werd.

De sublieme triomf in Sotsji schreef Kramer toe aan “de ideale route” die de formatie “met dank aan de KNSB en NOC*NSF” had bewandeld. Kramer was “dolgelukkig” met het goud, maar het poetste zijn verlies op de individuele tien kilometer niet zo maar weg, vertelde hij. En de afmelding van Bergsma begreep hij niet goed. Tegen Nusport zei hij: “Er was in ieder geval geen hetze richting Bergsma binnen het team. Ik kan zelf ook goed met hem opschieten.”

    • Guido de Vries