In de file is een seizoen Borgen zo voorbij

Mijn verlosser heet Vario. Ze heeft Japanse roots, maar is honderd procent Indonesisch. Vario is rood met zwarte strepen. Ze houdt van hard rijden. Zo hard dat ik op haar rug even de Indonesische hitte niet meer voel.

Totdat ik een brommer kocht, voelde ik mij dagelijks opgesloten. Voor iedere boodschap of afspraak moest ik een taxi bestellen en aanschuiven in de eindeloze slang van auto’s die langzaam door de smalle straatjes van Jakarta kronkelt. Ik heb geprobeerd te wandelen, maar dit is een stad zonder stoepen. Ik heb geprobeerd te fietsen, maar overal gutsend van het zweet aankomen, is niet fijn. Dus dan maar weer die file in. Zelfs het kleinste klusje werd een expeditie die door het verkeer opeens uren kon duren. Mijn Honda Vario 110cc heeft dat veranderd.

Waar andere steden in Zuidoost-Azië als Bangkok, Singapore en Kuala Lumpur flink hebben geïnvesteerd in openbaar vervoer en handige snelwegen, is er in Jakarta weinig gebeurd. Er werden prachtige plannen geschreven voor een monorail, een metro en een tweede ringweg, maar door een mengeling van corruptie, besluiteloosheid, problemen met het opkopen van land en incapabele stadsbestuurders kwam er weinig van terecht.

De Indonesische economie groeit stevig (5 tot 6 procent per jaar), maar vergeleken met de hausse van de jaren negentig wordt er volgens het Internationaal Monetair Fonds minder aan infrastructuur uitgegeven. In 1995 gaf de regering een bedrag gelijk aan 9,2 procent van bruto binnenlands product uit aan wegen, havens, vliegvelden en spoor. Vorig jaar was dat nog geen 5 procent.

Gevolg is dat Jakarta steeds meer dichtslibt. Geschat wordt dat er in Jakarta dagelijks 200 nieuwe auto’s en 1.000 brommers bijkomen, maar het aantal kilometers asfalt blijft nagenoeg hetzelfde. Jakarta dreigt over iets meer dan een jaar in een permanente staat van verkeersopstopping te verkeren. De ochtendspits gaat naadloos over in de avondspits die weer de ochtendspits wordt.

Op lijstjes van de Wereldbank over het zakenklimaat scoort Jakarta doorgaans slecht wegens de verkeersproblemen. Meer dan twee afspraken op een dag plannen in Jakarta is onmogelijk. En minder afspraken leiden tot minder deals, luidt de redenering. Dat schaadt de economie.

Maar er zijn ook bedrijfjes die geld verdienen aan de opstopping. Slimme monteurs hebben zich gespecialiseerd in het herinrichten van auto’s. Internetverbindingen, vergadertafels, vliegtuigstoelen en breedbeeldschermen kunnen geïnstalleerd worden voor de rijke Jakartaanse automobilist. Een kennis vertelde dat sinds hij in Jakarta woont hij uitstekend op de hoogte is van alle televisieseries. Tien keer file op Jalan Tol is weer een achterstallig seizoen van Borgen weggewerkt.

Mijn besluit een brommer te kopen zegt ook veel over wat er met een westerling gebeurt in een ontwikkelingsland. Mijn Nederlandse risicobesef, dat alarmbelletje dat rinkelt bij gevaarlijke situaties, raakt steeds minder scherp afgesteld. De eerste maanden in Jakarta vond ik motoren veel te gevaarlijk. Een paar maanden later had ik mijn toevlucht al gezocht in brommertaxi’s. Maar zelf rijden? Veel te gevaarlijk. Toen ik mijn brommer had gekocht, ging ik niet op de grote weg. Veel te gevaarlijk. Inmiddels manoeuvreer ik moeiteloos tussen vrachtwagens en bussen, alles om maar een paar meter te winnen. Ik breng mijn dochter op de brommer naar school.

Na ruim een jaar in Jakarta heeft mijn vrijheidsdrang het gewonnen van mijn voorzichtigheid. Dat in geval van een ongeluk de ambulance vaststaat in de file, is een gedachte die Vario en ik diep wegstoppen.

    • Melle Garschagen