opinie

    • Margriet Oostveen

Feestelijke Oekraïne-dag op Het Loo

De feestelijk bedoelde Oekraïne-dag, aanstaande zaterdag op paleis Het Loo in Apeldoorn, gaat door. De Oekraïense ambassadeur komt ook, al is onduidelijk wat zijn precieze rol nu is. Wat, zei Iryna Savenko, kinderpsychiater bij de GGZ Drenthe, moesten ze anders?

We spraken over de telefoon: de eerste Oekraïense voorzitter van de Stichting Samenwerking Nederland-Oekraïne herstelde thuis in Groningen hoestend van een zware griep, wat haar er niet van weerhield ruim een uur geëmotioneerd te praten over „de nachtmerrie”, haar doodsbange vrienden en hoe zelfs haar Russische familieleden haar opeens beginnen te vertellen wat er met haar land moet gebeuren: „Ik zeg dan: de Russen zijn onze buren. Je komt toch niet opeens de deur van je buren intrappen?”

In Nederland wonen zo’n 6.000 Oekraïners. Iryna Savenko (43) kwam zeventien jaar geleden voor een studiestage naar Nederland en werkt nu als kinderpsychiater bij de GGZ Drenthe. Zij paste zich snel aan en kreeg probleemloos Nederlandse vrienden. Hoe? „Een Russisch gezegde luidt: Naar een ander klooster ga je niet met eigen regels.” Zij was nieuwsgierig naar Nederlanders en andersom, met één kanttekening: „Nederlanders vragen zelden wat je deed voordat je naar Nederland kwam, ze zijn alleen geïnteresseerd in je geschiedenis hier.”

Haar stichting is van oorsprong Nederlands, ontstaan uit groepen die hier jarenlang hulpgoederen naar Oekraïne stuurden. De laatste tijd kwam de nadruk meer op culturele zaken te liggen. Zoals overal in Oekraïne sinds een jaar of vijf een eigen identiteit in zwang raakte. Gewone meisjes dragen weer met de hand geborduurde, typisch Oekraïense jurken. Een bekende Oekraïense actrice schreef een bestseller over een zoektocht naar haar grootmoeder. En misschien wel het meest ingrijpende: haar eveneens in het Russisch opgevoede Oekraïense vrienden wilden thuis opeens Oekraïens praten.

Iryna groeide op in Dnjepropetrovsk, een Russisch sprekende stad in het oosten van Oekraïne. Werd groot gebracht met de gedachte dat de Russen een broedervolk zijn „en dat ís ook zo”. Maar zo Russisch georiënteerd als Poetin het nu laat lijken zijn ze daar helemaal niet, zegt Iryna. „De helft hooguit. En dan nog vooral omdat de Russen hen wijs maken dat zij worden gediscrimineerd, en het dus goed is dat Rusland komt helpen.” De Russen verspreiden geruchten, zegt ze, bijvoorbeeld dat iemand je op straat kan vragen hoe laat het is, en dat je dan in elkaar geslagen wordt wanneer je geen Oekraïens spreekt.

In oktober was ze nog bij vrienden op De Krim, nu hoort ze hoe zij uit De Krim vertrekken. Ze hebben kinderen en laten alles achter. Het is te gevaarlijk om te wachten. Van haar mag Oekraïne De Krim opgeven. Ze zou het jammer vinden, maar kan zich niet voorstellen dat daar doden voor moeten vallen.

Alleen, zegt Iryna: een karaktertrek van Oekraïners is dat ze erg veel kunnen verdragen, maar na de laatste druppel is er geen houden meer aan.

Zover zijn ze daar nu. Vandaar haar paniek.

Haar beste vriendin in Oekraïne heeft één zoon. Die wil nu ook al vechten: een jongen van negentien.

    • Margriet Oostveen