Europa kan zonder Russisch gas – eventjes

Als Moskou aan de Oekraïense gaskraan zou draaien, heeft dat onmiddellijk gevolgen voor Europa. Met een plan-B kunnen we het in ieder geval een paar weken uitzingen.

De Oekraïense crisis duurt voort en Europa begint steeds nerveuzer naar de drukmeter op de gaspijpleidingen te kijken. De ervaring heeft geleerd dat Moskou zijn gas als politiek instrument gebruikt, als het dat nodig vindt. En 50 procent van het Russische gas komt via Oekraïne Europa binnen.

Europa haalt gemiddeld een kwart van het gas dat het gebruikt om huizen te verwarmen, te koken en fabrieken te laten draaien, uit Rusland. Hoe oostelijker, hoe groter de afhankelijkheid. De Baltische staten en Bulgarije zijn voor hun gasimport 100 procent afhankelijk van de Russen. Alleen Groot-Brittanië, Ierland, Denemarken, Spanje en Portugal nemen geen Russisch gas af. Wat niet wil zeggen dat zij buiten schot blijven als Moskou de kraan dichtdraait: de Europese gasmarkt is onderling sterk verbonden.

De zorg dat de toevoer via Oekraïne om politieke redenen opnieuw zal stagneren, is reëel. Kiev heeft een schuld van 1,5 miljard dollar bij het Russische staatsbedrijf Gazprom. Zelfs de korting van 30 procent die de inmiddels vertrokken president Janoekovitsj had bedongen, was onvoldoende om de Oekraïense betalingsachterstand bij de Russische leverancier in te lopen.

Aan het eind van maart zal de schuld 2 miljard dollar bedragen, liet de Russische president Poetin gisteren dreigend weten. En omdat Kiev niet aan zijn betalingsverplichtingen jegens Gazprom kan voldoen, zal de korting van 30 procent per 1 april ‘waarschijnlijk’ – Moskou schept graag verwarring – worden opgeheven. Dan gaat het gas weer gewoon 400 dollar per duizend kubieke meter kosten, in plaats van 268,50 dollar. Wie niet betaalt, moet maar voelen, zegt de Russische logica. De prijsverhoging zou de doodsklap beteken voor de Oekraïense economie die nu al zo goed als failliet is.

Als Moskou aan de Oekraïense gaskraan zou draaien, zou dat onmiddellijk gevolgen hebben voor Europa. Er is simpelweg geen mogelijkheid om via deze route Europa te blijven bedienen en tegelijkertijd Oekraïne af te knijpen.

Er zijn wel alternatieve routes buiten Oekraïne, zoals de Jamal pijpleiding die via Wit-Rusland naar Polen loopt. Bovendien stroomt er sinds een jaar of anderhalf gas rechtstreeks naar Europa via de Nord Stream-pijpleiding, vanuit Rusland, via de Oostzee, rechtstreeks naar Duitsland.

Die pijpleiding is een gezamenlijk project van het Russische Gazprom, de Duitse energiebedrijven Wintershall en Eon, het Franse GDF Suez, en de Nederlandse Gasunie. Met de gedachte dat Nederland ook na het opraken van de Groningse gasbel een gasexporterend land zou moeten blijven – de gasrotonde – heeft Gasunie een aandeel van 9 procent genomen in Nord Stream. Maar Gazprom is de baas, met een meerderheidsbelang van 51 procent in de onderneming.

South Stream via Sotsji

Intussen is Gazprom ook druk bezig met een bypass ten zuiden van Oekraïne: South Stream. Die pijpleiding moet straks ter hoogte van Sotsji de Zwarte Zee induiken om in de buurt van het Bulgaarse Varna weer boven water te komen en via Servië, Hongarije en Oostenrijk uiteindelijk in Italië te belanden. Een ingewikkelde, kostbare operatie met tal van partners, maar op het kantoor van South Stream aan de Amsterdamse Zuid-As, zijn de plannen zo goed als rond en de contracten getekend.

Nord Stream, South Stream, gasrotonde, Zuid-As: ook al stroomt er slechts zo’n 4 procent Russisch gas door de Nederlandse leidingen, de Nederlandse energiesector is inmiddels wel nauw verweven met Gazprom. Voor buurland Duitsland dat via Nord Stream direct aan het Russische infuus ligt – Gazprom levert ongeveer 30 procent van het Duitse gas – geldt dat nog veel sterker.

Het Russische staatsbedrijf liet deze week, middenin de Oekraïense crisis, dan ook vol zelfvertrouwen weten dat het in de toekomst alleen maar méér denkt te gaan leveren aan Europa.

Niet 25 procent, maar eerder 30 procent, zoals afgelopen jaar al het geval was dankzij een langdurige koude winter in Europa. Maar dan moet de doorvoer door Oekraïne wel overeind blijven, gaf Aleksandr Medvedev, de tweede man van Gazprom op een persconferentie in Londen toe.

Sinds de crisis van 2009, toen in Hongarije en de Tsjechische republiek kachels uitgingen omdat er geen Russische gas doorkwam door politiek gesteggel tussen Moskou en Kiev, heeft Europa een plan-B.

Geen gezamenlijk beleid, maar wel een richtlijn dat ieder land voor zijn eigen strategische gasreserves moet zorgen in ondergronds opslag. Volgens gegevens die in Brussel worden bijgehouden, zit de ondergronds opslag op dit moment ongeveer voor de helft vol. Genoeg om het in geval van een plotselinge onderbreking in Oekraïne een paar weken uit te zingen.

Noodscenario’s

Daarnaast wordt er hard gewerkt om de landen onderling zo goed mogelijk te verbinden en leidingen gereed te maken voor vervoer in twee richtingen. Zodat het gas in geval van nood een land als Hongarije ook uit westelijke richting kan bereiken.

Ook verrijzen er op tal van plaatsen in Europa LNG-terminals waar vloeibaar gas uit andere delen van de wereld aan land kan worden gebracht. Juist gisteren zetten Finland en Polen hun handtekening onder een plan om twee LNG-terminals aan te leggen, een in Finland en een in Polen, en die onderling te verbinden.

De gasinfrastructuur wordt steeds flexibeler, daar wordt door alle partijen flink in geïnvesteerd. Problemen met Oekraïense doorvoer kunnen wellicht worden opgevangen. Als het niet te lang duurt en niet toevallig middenin een ijskoude winter is.

Maar de invloed van Gazprom op de Europese markt zal voorlopig niet afnemen, integendeel. Het Russische bedrijf duikt op steeds meer plaatsen op. Wat niet verwonderlijk is omdat Gazprom een belangrijke geldstroom genereert voor de Russische regering.

Tot nog toe vloeit het Russische gas naar Europa alsof er niks aan de hand is. Ook dat is Russische politiek.