Opinie

    • Floor Rusman

Sorry, ik ben kritisch

Columnisten leveren graag kritiek op politici. Dom, oppervlakkig, hypocriet, egocentrisch – je bent het allemaal wel eens genoemd als je een tijdje in de politiek zit. Oud-PvdA-leider Wouter Bos werd het onlangs te veel. In zijn Volkskrant-column klaagde hij dat columnisten als Bas Heijne niet snappen hoe het is om compromissen te sluiten en onder druk te staan van de media. Vorige week ergerde Femke Halsema zich in een vergelijkbare column aan de manier waarop campagnefilmpjes worden geridiculiseerd.

Het is niet mijn hobby om politici belachelijk te maken. Ik weet ook wel dat ze hard werken, goede bedoelingen hebben en meer inhoudelijks zeggen dan we doorgaans te zien krijgen. Wie wel eens notulen van Kamerdebatten leest, kan niet anders dan onder de indruk raken van de gedrevenheid en, in sommige gevallen, emotie waarmee de Kamerleden elkaar te lijf gaan op punten die voor de meesten slaapverwekkend saai zullen lijken.

Maar, en dit is het probleem, van die inhoud zien we weinig in campagnetijd. Dan heeft elke partij ineens een praatje paraat dat geen verband lijkt te houden met de werkelijkheid. Wouter Bos zou zeggen dat dat aan ‘de media’ ligt die nu eenmaal niet geïnteresseerd zijn in inhoud. Mijn indruk is eerder dat politici de inhoud in campagnetijd verstoppen onder een dikke laag dooddoeners.

Gisteren kreeg ik een flyer van GroenLinks in mijn handen gedrukt waarop in grote letters stond: ‘Het gaat om mensen, niet om cijfers.’ Thuis keek ik op de GroenLinks Amsterdam-website. Daar las ik: ‘Economie is voor GroenLinks geen doel. Wel een middel.’ En: ‘In Amsterdam moet de overheid naast de burgers staan in plaats van er tegenover.’

Wat betekent dit allemaal? Als je de slogans omdraait worden ze belachelijk: het bewijs dat ze niets zeggen. Dat geldt trouwens niet alleen voor GroenLinks, maar voor alle partijen. In verkiezingstijd spreken ze de burger aan alsof hij zwakbegaafd of naïef is.

Dit wordt het beste duidelijk als je de verschillende programma’s vergelijkt op hun standpunt over bureaucratie. Bureaucratie is qua reputatie vergelijkbaar met hondenpoep. Elke burger ergert zich eraan, dus ligt het voor de hand dat politici zich ertegen uitspreken.

In Amsterdam wil D66 dat scholen en werkgevers minder worden belast met bureaucratie. SP en PvdA willen minder bureaucratie in de zorg, en de SP wil daarnaast ook de ondernemers en de dierenambulance bevrijden van bureaucratie. GroenLinks richt zich bij zijn bureaucratiebestrijding op de jeugdzorg, duurzaamheid, stadsmoestuinen en gehandicapten.

Dit bureaucratie-bashen is een terugkerend ritueel in verkiezingstijd. Het klinkt aardig, maar is net zo leeg als de eerder genoemde slogans. Er staat namelijk nergens hoe de bureaucratie precies teruggedrongen gaat worden.

Het spijt me, Bos en Halsema, maar ik kan niet anders dan hier kritisch over zijn.

    • Floor Rusman