NK zorgt voor langer olympisch schaatsfeest

Mobiele baan in het Olympisch Stadion zou ook het internationale schaatsen kunnen promoten

De ijsbaan in het Olympisch Stadion waar dit weekeinde de Nederlandse kampioenschappen werden verreden. Foto ANP

De vele fans die naar Amsterdam zijn gekomen om de olympische schaatshelden te zien zullen wel even met hun ogen geknipperd hebben. Geen oranjezwarte schaatspakken meer op de baan, maar paarse, groene en blauwe van de merkenteams.

Toch ademt alles tijdens de NK Allround en de NK Sprint nog de Spelen, en dat is niet alleen vanwege de naam van het stadion waar het gehouden wordt. Voor de olympiërs is het een verlenging van de feestweek waarin ze zijn beland sinds ze weer voet op Nederlandse bodem hebben gezet. Vrijdagavond werden de schaatsers nog uitgebreid gehuldigd met een lichtshow, ereronde en het ontsteken van de olympische vlam.

Ook tijdens de wedstrijden lijken ze louter ererondes te schaatsen. Tijdens het sprinttoernooi loopt het applaus van het publiek als een wave met de schaatsers mee. „Dit is de eerste keer dat ik in een olympisch jaar een NK schaats,” zegt Ireen Wüst. „Als het ergens anders was geweest was ik niet gekomen.”

De locatie is voor schaatsers én fans reden eens een kijkje te komen nemen bij het NK. Dagelijks zitten er 15.000 mensen in het stadion. De mobiele baan – De Coolste Baan van Nederland genaamd – is de eerste in zijn soort, een technisch hoogstandje. De zamboni’s voor het onderhouden van de baan moesten speciaal uit Canada worden geïmporteerd, die van Thialf waren te zwaar voor de dunne ijslaag die bovenop de sintelbaan is gelegd.

Niet alleen komen er veel fans op het nationale schaatstoernooi af, in de weken voorafgaand aan het NK zijn er meer dan 100.000 mensen komen schaatsen. Het ijs heeft het allemaal doorstaan, en is tijdens het toernooi nog altijd snel. Nadat Michel Mulder op zijn tweede 500 meter 35,43 heeft neergezet is het Olympisch stadion zelfs na Thialf en Groningen de derde baan van Nederland. „Dat baanrecord pakken ze me voorlopig niet meer af,” grijnst de Zwolse olympisch kampioen.

Het Nederlandse feestje – resultaat van de medailleregen in Sotsji – heeft niet enkel voor hosanna gezorgd. Ook de oude discussie van de breedte van de schaatssport werd door de oranje dominantie weer eens opgerakeld. Bart Veldkamp, bondscoach van de Belgen, riep na het Nederlandse succes de Nederlanders op hun schaatskennis te delen met de rest van de wereld. „Nu staat er een Hongaar aan het hoofd van het opleidingsinstituut van de internationale schaatsbond ISU,” zegt hij. „Dat is alsof je een Nederlander de Oostenrijkers skiles laat geven.”

Voor de benodigde breedte in het topschaatsen is er aanwas van nieuw talent in de andere landen nodig. Volgens Veldkamp kan een mobiele baan als in het Olympisch stadion daartoe bijdragen. „Zo’n baan in München trekt meer nieuwe schaatsers dan een toernooi in Inzell”.

Voorzitter Ottavio Cinquanta van de internationale schaatsunie ISU kwam op uitnodiging van de organisatie zaterdag een kijkje nemen in Amsterdam. De Italiaan noemde tijdens de Spelen de Nederlandse dominantie ‘niet goed voor de sport’, en heeft een onderzoek ingesteld naar het falen van andere traditioneel sterke schaatslanden zoals Amerika, Noorwegen en Canada. Een mobiele baan zou de sport ook buiten Nederland weer kunnen promoten, aldus de Italiaan. „Dit is een manier om de sport te presenteren aan de fans, sponsoren en media”.

Bij de KNSB denken ze al verder. De schaatsbond wil over vier jaar een internationaal toernooi naar het Olympisch stadion halen. Technisch directeur Arie Koops ziet een mobiele baan „voor ieder wat wils” bieden. „De blauwdruk ligt er”, aldus Koops. „En als je de baan kleiner zou maken of op het middenterrein ook ijs zou leggen, kunnen er ook shorttrackwedstrijden en kunstrijden gehouden worden, die weer in andere landen populair zijn. De marketingwaarde van de ijssporten stijgt door zo’n compleet aanbod.”

Vanuit het buitenland is vooralsnog weinig interesse getoond, aldus toernooidirecteur Rintje Ritsma. „Waar ligt nu nog een stadion dat zoiets kan herbergen? In Nederland is dat alleen hier.” Toch dromen hij en mede-initiatiefnemer Patrick Wouter van den Oudenweijer al van een schaatsbaan onder de Eiffeltoren.

Zo ver is het nog niet. De volgende mobiele baan in het Olympisch Stadion zal waarschijnlijk pas weer over vier jaar worden neergelegd. Want het moet uniek blijven, vinden alle betrokkenen. En dan hoopt de KNSB er een wedstrijd te kunnen houden met buitenlandse toppers. De ISU houdt zich bij monde van Cinquanta voorlopig nog op de vlakte: „Een groot toernooi in de buitenlucht rijden is mogelijk,” aldus de Italiaan. „Want volgens de regels van de ISU is het niet verboden.”

Op de baan in Amsterdam blijft het feest. Rit of geen rit, de hits knallen uit de boxen en de toeschouwers juichen mee. De olympische schaatsers zijn zichtbaar vermoeid, maar genieten van alle aandacht. „Misschien was dit wel iets teveel van het goede na de afgelopen week, maar uitrusten kan hierna.” zegt Wüst. Ze had dit niet willen missen. „Dit is echt een uithangbord voor de schaatsport.”