Geëngageerde vernieuwer van de filmtaal

Alain Resnais (1922-2014)

Met zijn experimentele, kunstzinnige films droeg Alain Resnais bij aan de hoogtijdagen van de arthousefilm.

Alain Resnais in 1980 op het Filmfestival van Cannes Foto AFP

De Japanse architect die in Hiroshima mon amour een kortstondige affaire heeft met een Franse actrice rept tijdens een van hun gesprekken over de ‘gruwel van het vergeten’ – een terugkerend thema in de films van de zaterdagnacht op 91-jarige leeftijd overleden Franse regisseur Alain Resnais.

Het verglijden van de tijd doet zelfs de grootste historische trauma’s vergeten, en om dat te voorkomen maakte Resnais er films over. In het beroemde Nuit et brouillard (1955) documenteerde hij de gruwelen van concentratiekamp Auschwitz en smokkelde hij er tegelijkertijd een toen actuele subtekst in. Hij maakte de film ten tijde van de Franse oorlog in Algerije, waar Franse soldaten gruwelijke martelingen uitvoerden. Dat was toch iets wat in het post-Auschwitztijdperk nooit meer zou gebeuren? Ook Muriel (1963), een van zijn meest complexe en beste films, verwijst rechtstreeks naar de Algerijnse oorlog.

Resnais’ speelfilmdebuut Hiroshima mon amour (1959, naar een script van de Franse schrijfster Marguerite Duras) gaat over het traumatische verleden. Zowel de Japanse architect als de Française heeft een oorlogstrauma. De door Emmanuelle Riva gespeelde actrice had tijdens de bezetting van Frankrijk een relatie met een Duitse soldaat die vlak voor de bevrijding werd doodgeschoten, waarna zij werd bestempeld tot ‘moffenhoer’ en werd kaalgeschoren. Riva rouwt om de vervagende herinnering aan haar eerste grote liefde, net zoals de pijn van het platgebombardeerde Hiroshima ook ooit zal slijten.

De in 1922 geboren Resnais begon vlak na de Tweede Wereldoorlog met het maken van korte documentaires over kunstenaars, zoals Van Gogh en Picasso. Toute la mémoire du monde (1956), over de immense Bibliothèque Nationale, herbergt al zijn belangrijkste thema’s: geheugen, herinnering en verbeelding. Samen met gelijkgestemde filmmakers als Chris Marker en Agnès Varda vormde hij de Rive Gauche-groep, die ten tijde van de nouvelle vague de intellectuele en politiek geëngageerde kant van de filmbeweging representeerde. Zijn linkse politieke opvattingen zijn ook zichtbaar in de twee films die hij samen met schrijver Jorge Semprun maakte, La guerre est finie (over Franco) en Stavisky (deels over de nadagen van Trotski).

In veel van Resnais’ films zijn herinneringen onbetrouwbaar, worden tijdlagen door elkaar gehaald en is het lastig, zo niet onmogelijkheid, een objectieve werkelijkheid te construeren. In het modernistische meesterwerk L’année dernière à Marienbad (1961) claimt een man dat hij het jaar ervoor een affaire heeft gehad met een vrouw die dat op haar beurt krachtig ontkent. Wat is waar? Wie heeft gelijk? Is de vrouw het vergeten? Heeft ze het verdrongen? Is wat de kijker ziet droom of werkelijkheid? Resnais en scenarist Alain Robbe-Grillet, aanjager van de nouveau roman, laten het bewust open.

Tijdens de hoogtijdagen van de Europese arthousefilm in de jaren vijftig en zestig stond de naam Resnais, samen met Antonioni en Godard, garant voor intense en uitdagende filmervaringen, zowel in vorm als inhoud. Door te experimenteren met beeld, montage, taal, geluid en muziek vernieuwde hij de filmtaal. De sensuele camerabewegingen door de gangen van het statige slot in L’année dernière à Marienbad geven veel (filmisch) genoegen, evenals de bewust theatrale voice-overs in Hiroshima mon amour en de prikkelende elliptische montage van Muriel.

Zijn latere werk is lichtvoetiger, zoals de geliefde quasimusical On connaît la chanson (1997). Ook zijn Alan Ayckbourn-bewerkingen, zoals Smoking/No Smoking en Private Fears in Public Places bieden veel plezier.

Zijn zwanenzang Aimer, boire et chanter, die vorige maand zijn première op de Berlinale had, is opnieuw een Ayckbourn-adaptatie. Resnais hield van populaire cultuur en stak dat niet onder stoelen of banken. Pas sur la bouche (2003) was zijn sprankelende hommage aan de operette uit zijn jeugdjaren en zijn voorliefde voor strips sprak uit I Want to Go Home (1989).

Zijn imposante oeuvre beïnvloedde vele kunstzinnige regisseurs, onder wie Michael Haneke. Zijn Amour, ook met Emmanuelle Riva, is inhoudelijk verwant: de ontmenselijking die het gevolg is van een aangetast geheugen.

    • André Waardenburg