Column

Einde troosteten

Begin januari startte ik hier een maandagse serie columns over troosteten, of, om het nog maar eens in het Engels te zeggen, comfort food. De serie was bedoeld om jou en mij de koudste maanden van het jaar door te helpen. Maar waar bleef nou toch die vermaledijde winter? Waar was de kou waartegen we ons probeerden te wapenen met rendang, romige pasta en kippensoep?

Die kwam niet. En naar het zich laat aanzien gaat hij ook niet meer komen. Nu ben ik daar persoonlijk beslist niet rouwig om. Ik haat kou, en elke ochtend dat mijn oren er niet afvroren zond ik in stilte een dankgebedje naar de weergoden. Maar oké is het natuurlijk niet. Alleen al uit puur culinair perspectief: waar moet dat heen met onze winterkeuken wanneer boerenkool en spruiten het voortaan zonder vorst moeten doen en er in februari munt groeit in de achtertuin?

Afijn, het is inmiddels maart en bij deze verklaar ik het troostetenseizoen voor gesloten. Wat overigens niet wil zeggen dat onderstaand gerecht je dag niet een beetje zou kunnen opfleuren. Integendeel. Alleen de kleurencombinatie al – het warme oranje van de pompoen tegen het frisse groen van de spruitjes en de fonkelende robijnrode granaatappelzaden – maakt dat je er vrolijk van wordt.

Het recept is niet van mij, maar (met toestemming) geleend van Marinka Bil, die het onlangs publiceerde op haar website eetpaleo.nl. Ik heb het een tikje naar eigen smaak aangepast, door de spruitjes grover te laten en door zout, peper en een scheutje balsamicoazijn toe te voegen. Met grover gehakte spruitjes houd je meer beet, en die azijn zorgt voor een mooie smaakbalans tussen bitter, zoet en zuur.

Verwarm de oven voor op 200 graden.

Meng de pompoenblokjes met 1 el gesmolten kokosolie en spreid uit over een met bakpapier beklede bakplaat. Rooster de pompoen in 10 – 15 minuten gaar.

Verhit 1 eetlepel kokosolie in een hapjespan en roerbak de gehakte spruitjes 3 – 4 minuten. (Zowel de pompoen als de spruitjes moeten beet houden.)

Hussel de nog warme pompoen en spruitjes met de granaatappel, munt en olijfolie.

Maak op smaak met zout, versgemalen peper en balsamico.