Eén vonk is genoeg voor verdere opmars en dus oorlog

VS, NAVO en Europa spreken harde, maar machteloze woorden Ze dreigen Rusland economisch en diplomatiek te isoleren Het is de vraag of Poetin onder de indruk is

Russische soldaten op de Krim begeleid door een Poetin-gezinde burger die met een Russische vlag zwaait. Foto AP

Terwijl Rusland de afgelopen dagen op de Krim met militaire middelen voldongen feiten creëerde, stelde het Westen daar alleen woorden tegenover. Het waren harde, maar tegelijk nogal machteloze woorden. Aan de situatie op het Oekraïense schiereiland, nu bezet door Russische militairen, veranderen ze niets. En het Westen kan alleen maar hópen dat ze president Poetin ervan zullen weerhouden ook andere delen van Oekraïne binnen te vallen.

De diplomatieke middelen om Rusland tegen te houden, laat staan terug te dringen, zijn beperkt. En welk westers land wil militairen tegen Rusland inzetten voor de eenheid van Oekraïne? Die factoren bepalen de moeilijke positie van het Westen – en de eenzame en gevaarlijke positie van het belaagde Oekraïne.

Er staat veel op het spel. Sinds het einde van de Koude Oorlog zijn de spanningen tussen Rusland en het Westen niet zó hoog opgelopen. Niet alleen is het gevaar nu reëel dat de Oekraïense crisis uitdraait op een scheuring van dat grote land in een belangrijke hoek van het Europese continent. Maar daarmee is ook het gevaar van een oorlog sterk toegenomen, een oorlog tussen Rusland en een buurland van de NAVO. Oekraïne is geen lid van het bondgenootschap, dus de NAVO is niet verplicht in actie te komen. Maar Oekraïne is wel een partnerland, dat deelneemt aan de NAVO-missie in Afghanistan en dat in 2008 de toezegging heeft gekregen dat het ooit lid mag worden.

Hoe direct de crisis de NAVO aangaat, benadrukte secretaris-generaal Rasmussen gisteren in alarmerende woorden. De Russische inval in de Krim, zei hij, ,,bedreigt de vrede en veiligheid in Europa’’. Gevoegd bij de ,,dreigementen van president Poetin’’ om de soevereiniteit van Oekraïne nog verder te schenden, was dat de aanleiding om een spoedberaad bijeen te roepen van de Noord-Atlantische Raad, waarin alle lidstaten vertegenwoordigd zijn.

De NAVO-landen riepen Rusland op zijn troepen op de Krim te laten terugkeren naar hun bases, en zich te onthouden van interventies elders in Oekraïne. Het bondgenootschap veroordeelde ,,Ruslands militaire escalatie’’, en riep Oekraïne en Rusland op te kiezen voor dialoog en een politieke uitweg te zoeken. Van enige verwijzing naar een militaire reactie van de alliantie was geen sprake. De NAVO zei wél uitdrukkelijk met Rusland in gesprek te willen blijven.

De presidenten Obama en Poetin voerden zaterdag een vruchteloos en voor de twee leiders een uitzonderlijk lang telefoongesprek (van anderhalf uur) over de toestand in Oekraïne. Obama verweet Rusland het internationale recht te hebben geschonden. En Poetin op zijn beurt stelde (volgens een samenvatting van het Kremlin) dat Rusland zich het recht voorbehoudt behalve op de Krim zo nodig ook in het oosten van Oekraïne ,,zijn belangen en die van de Russisch sprekende bevolking te beschermen’’. Het Russische parlement onderschreef die vérstrekkende stelling zaterdag.

Dat is geen bedreiging, dat is een oorlogsverklaring, reageerde de pas aangetreden Oekraïense premier Jatsenjoek, die de macht overnam na de vlucht van president Janoekovitsj. Hij zei dat zijn land ,,aan de rand van een catastrofe” staat en noemde de bezetting van de Krim ,,onacceptabel”. En hij liet het niet bij woorden. Zijn regering gaf opdracht tot een algehele mobilisatie.

Gezien situatie op de Krim en de dreigende woorden van Poetin zat er voor de Oekraïense premier niet veel anders op – ook al weet hij dat zijn omvangrijke maar gebrekkig uitgeruste strijdkrachten weinig kans maken tegen het Russische leger. Bovendien staat hij militair extra zwak omdat de verdeeldheid van het land in Russisch- en Oekraïens-sprekenden ook onder de manschappen bestaat.

Daarmee is een uitzonderlijk explosieve situatie ontstaan. Een niet ingewerkte, niet-gekozen en grotendeels hulpeloze Oekraïense regering moet de chaos in het verdeelde land onder controle zien te krijgen, terwijl een deel van het land (de Krim) bezet is door Rusland en pro-Rusland-groepen, en in een ander deel (het oosten) het gezag van Kiev niet of nauwelijks meer wordt erkend. Allerlei overheidsgebouwen in steden in het oosten zijn al ingenomen door pro-Russische groepen en voorzien van Russische vlaggen.

Rusland heeft niet meer dan een incident nodig - een Oekraïense legereenheid of zelfs een enkeling die zich laat provoceren tot geweld - om grotere delen van het land militair te bezetten. Tot nog toe hebben de nieuwe machthebbers in Kiev zich niet laten provoceren, maar ook als ze dat zouden volhouden kan er zó een fatale vonk in het kruitvat vliegen. En mogelijk is alleen een verzoek om bijstand door pro-Moskou-politici in het oosten van Oekraïne al voldoende voor het Kremlin om de invasie uit te breiden. Op de Krim was immers ook geen sprake van een werkelijke bedreiging van de Russisch-sprekende meerderheid. Inmiddels zijn havens, luchthavens en grensovergangen op de Krim volledig in handen van Rusland, een situatie die moeilijk terug te draaien zal zijn.

Maar helemaal machteloos is het Westen niet. Ook als het Rusland niet op zijn schreden kan doen terugkeren, zijn er wel mogelijkheden de druk op de regering-Poetin op te voeren. Obama waarschuwde dat Rusland zich door het internationaal recht te blijven schenden, politiek en economisch zal isoleren. Zonder in details te treden zei hij nogal vaag dat er ,,kosten verbonden zijn aan een militaire interventie in Oekraïne’’. Obama doelde daarbij niet alleen op het VN-Handvest dat Rusland schond door het buurland aan te vallen, maar ook op het zogeheten Boedapest Memorandum, uit 1994, waarbij Oekraïne – in ruil voor het opgeven van zijn kernwapens – van de VS, Rusland en het Verenigd Koninkrijk de garantie kreeg dat zijn grenzen gerespecteerd zouden worden.

Om te voorkomen dat het conflict nu verder uit de hand loopt, zoeken de Verenigde Staten en Europese landen koortsachtig naar diplomatieke wegen om Rusland in te tomen. VN-chef Ban Ki-moon is naar Europa gereisd om te pogen te gemoederen tot bedaren te brengen en, zo mogelijk achter de schermen, een uitweg te vinden.

Zaterdagavond werd de situatie in Oekraïne, tot onvrede van Rusland, besproken in een haastig bijeengeroepen zitting van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties. De zitting leverde geen concrete resultaten op. Rusland heeft een veto in de raad, waardoor een resolutie die de bezetting van de Krim veroordeelt er niet zal komen. Maar mogelijk zal zo’n resolutie toch in stemming worden gebracht, om te tonen hoe geïsoleerd Rusland is. Het westen zou er veel aangelegen zijn steun voor zo’n resolutie te krijgen van China, vaak een bondgenoot van Rusland in de Veiligheidsraad, maar van oudsher ook sterk gekant tegen buitenlandse interventies in de aangelegenheden van een land.

De voorgestelde boycot van de G8 in Sotsji is niet een erg indrukwekkende sanctie. En ook de waarschuwing van minister van Buitenlandse Zaken Kerry dat de Russen hun lidmaatschap kunnen verspelen van deze exclusieve club van rijke landen zal Moskou niet snel tot een koerswijziging in Oekraïne bewegen. Maar economisch kan Rusland zich een isolement, zeker op de wat langere termijn, heel slecht permitteren. En de Russische machtselite evenmin. Die omstandigheid kan ook de Europese Unie, die aan de wieg van dit conflict staat maar zich dit weekeinde opvallend stil hield, mogelijk benutten.

Gerichte financiële sancties tegen politici en oligarchen met bezittingen in het Westen, kunnen de Russische machthebbers op een gevoelige plek raken – in hun eigen portemonnee en die van het netwerk waarvan ze afhankelijk zijn om politiek te overleven. Het is niet veel, maar met die instrumenten kunnen de westerse landen proberen enig weerwerk te geven.

    • Juurd Eijsvoogel