Adje of een kratje

Op Facebook is het momenteel een hype: de zogenoemde NekNominaties. Het gaat om een online drankspel, waarbij je in een filmpje vrienden uitdaagt om hetzelfde te drinken als jij.

De drank wordt in één keer naar binnen gegoten: ad fundum dus. Gaat de genomineerde vriend of vriendin niet binnen 24 uur op deze uitdaging in, dan moet hij of zij een kratje bier betalen. Vandaar de leus: „Adje of een kratje!” Of nog korter: „Adje kratje.” Vanzelfsprekend komt ook de spelling Atje voor.

Ik zag het een jongen van zeventien doen, met drie flesjes bier. Om die sneller te kunnen leegdrinken stopte hij een dubbelgevouwen rietje in de flessenhals, zodat er meer lucht bij kon. In veertig seconden klokte hij drie flesjes bier naar binnen – het hoofd achterover gebogen om zijn keel zo ver mogelijk open te zetten.

Aan het eind liet hij een harde boer, waarna hij lachend zei: „Hierbij nomineer ik...”, waarna de namen van drie vrienden volgden.

De spelregels zijn niet overal hetzelfde. En ook de drank en inzet niet. In een populair filmpje op YouTube zie je een Ierse jongen op deze manier een fles bier en een hele fles wodka naar binnen klokken. Over de herkomst van de NekNominations of NeckNominations, zoals ze in het Engels bekend staan, bestaat onduidelijkheid. Volgens sommigen is dit spel onlangs komen overwaaien uit Australië, anderen wijzen op een Ierse herkomst.

Het zal u niet verbazen dat er op internet inmiddels fel is geageerd tegen dit drankspel. Onder de leus „Je bent toch geen meeloper” probeert de Nederlandse politie jongeren te stimuleren om creatief op een nominatie te reageren („Geef iets te eten of te drinken aan een dakloze bijvoorbeeld. Film dit en spoor je vrienden aan dit ook te doen”).

Ik was aanwezig bij een discussie onder studenten over dit drankspel. Wat me daarbij het meest boeide, was dat ik erg veel woorden en uitdrukkingen voorbij hoorde komen die ik niet kende. Ze gingen allemaal over zuipen, erg dronken worden (bakkie lam worden) en over hoe dat kan eindigen: met flink over je nek gaan.

Vooral de rijke woordenschat voor ‘kotsen, spugen, overgeven’ vond ik opvallend. Hier een greep: plasje leggen, taartje leggen, barfen, een barfie leggen, een laf barfie leggen (= heel vies kotsen), over je baard gaan, een brokkeltje leggen, over je huig gaan, over je snater gaan, omgekeerd kakken en nekken („Heb je nog genekt gister?”; „Wat hoor ik? Heb je lopen nekken?”).

Mijn persoonlijke favoriet: een straatpizza bakken. ‘Kotsen’ wordt ook wel valsspelen genoemd – het is niet eerlijk als je je drank niet binnen kunt houden.

Nu het toch over jongerentaal gaat: in mijn omgeving (Haarlem) hoor ik steeds vaker „No shit, Sherlock!” als iemand iets zegt wat buitengewoon voor de hand ligt / logisch volgt uit het voorgaande. Dit lijkt een opvolger te worden van „Ja duh!”

Ouderen hoor ik nog wel eens zeggen haal je de koekoek, maar ik heb de indruk dat die uitdrukking echt in onbruik aan het raken is. Nogal wiedes houdt wel dapper stand.