Overgangsklasse

Soms wil je dat een taboe een taboe blijft. Afgelopen week las ik alles over de overgang. Daarover schijnt maandag een documentaire op tv te komen en de maakster van die docu speelt daarin ook de hoofdrol.

Ik kreeg de indruk dat het meer over haar overgang dan over de overgang gaat. In al die interviews praatte ze ons gezellig bij. Hoofdpijn, opvliegers, depressies, een gortdroge poes, een lijf dat gutst van het zweet waardoor haar nest drie keer per nacht verschoond moet worden, de seksinteresse die weg was, haar best wel intelligente man die niet meer met haar wilde neuken en een beetje domme stier, die dit klusje van hem heeft overgenomen. Ze komt weer klaar.

Niet meer als de sirene die ze vroeger was (toen krijste ze zes keer per nacht de lampen van het plafond), maar een summier tevredenheidskuchje wil haar nog wel voorzichtig verlaten. Het schijnt dat we allebei de mannen maandag ook uitgebreid in beeld krijgen. Ik wens beide heren vanaf dinsdag veel succes op hun werk en in de supermarkt.

Ik las trouwens niet alleen interviews met de mevrouw, ik zag haar ook op de televisie. Onder andere bij de bejaardenzender Max, waar de presentator van dienst haar aan het eind van haar jammerklacht heel begripvol een zakventilatortje aanbood.

Steeds als ze zei dat de overgang een taboe is waar niemand in Nederland over durft te praten, dacht ik: is dat zo? Volgens mij hadden wij het er in de jaren zestig bij mijn ouders thuis gewoon over. En nu ook. Alleen niet met alle gruwelijke details die de mevrouw zo gretig aan de media prijsgaf, maar dat vind ik eigenlijk wel prettig.

Na alle interviews was ik een beetje verzadigd. Zeker toen ik ook nog las waarom ze een menopauzehondje had genomen en dat ze de hele dag baby’s wilde knuffelen. Volgens mij was er gewoon meer aan de hand. Ik was murw door haar hormonologen. Maar er wachtte mij nog een verrassing. Ik mocht woensdagavond aanschuiven bij Pauw & Witteman om iets te vertellen over een dik boek van mij dat deze week is verschenen. En wie was er ook gast? De overgangsmevrouw, die haar hele riedel nog een keer afstak. Alleen het detail van de uitgeneukte echtgenoot en de bronstige stier ontbrak dit keer.

Tijdens haar verhaal keek ik af en toe opzij naar Bennie Jolink, de Achterhoekse rocker van de popgroep Normaal, die kwam vertellen dat hij op de vader van Klaas-Jan Huntelaar stemde. Bennie is een man die tijdens zijn werk hectoliters bier over zich heen heeft gekregen. Hij heeft in zijn leven meer vocht verwerkt dan menig overgangsteefje. Bennie keek steeds vol begrip terug. Het schijnt dat de regisseur ons kijkgedrag af en toe in beeld bracht. Mijn leuke vrouw, die de overgangsklasse vrolijk fluitend doorstaan heeft, had het gezien en moest er wel om lachen.

„Maar hier krijg je wel gezeik mee Youpie”, sprak ze vrolijk en ze kreeg gelijk. De volgende ochtend liep mijn mailbox vol. Honderden kokendhete mailtjes gingen tekeer in mijn computer en al lezend kraaide ik het uit van plezier. Vooral omdat ik de dampende dames met hun praktische kapsels de stukjes schuimbekkend zag tikken. Hoe ik zo had durven kijken? En wat hadden ze een medelijden met mijn vrouw! Wat was ik een onbehouwen schoft. Of ik wel wist wat het allemaal betekende om in de overgang te zitten? Geen lachebekjes die menomeisjes, dacht ik toen ik het allemaal las.

Een mevrouw wees mij op het begrip menopauzeverpleegkundige. Die schijnt serieus te bestaan.

Inmiddels heb ik ook begrepen dat er een heuse menopauzemutsenvereniging is opgericht. Waarna ik las dat de meeste oude mannen inferieur zaad hebben dat voor zwakzinnige kinderen op de wereld zorgt. Misschien moeten die jongens ook een clubje beginnen? En dat ze dan met die menopausinnen een reisje langs de Rijn gaan maken. Wie weet wil de stichting Zonnebloem het hele zootje verplegen en verschonen. Kom ik wel optreden op die boot.

Of ik maandag ga kijken. Weet ik nog niet. Er kan eigenlijk geen druppel oestrogeen meer bij. Hoewel? Ik ben natuurlijk wel geïnteresseerd in die twee mannen. Die slimme dooie en die beetje domme stier. Ik denk dat ik Bennie Jolink vraag of hij bij mij komt kijken. En ik verheug me nu al zo op de boze brieven op dit brute stukje. Kom op dames, achter de laptop en aan de slag. Ik lees het maandag wel bij de ingezonden brieven!