Noodhulp voor het ziekenhuis

Ziekenhuizen zijn de nieuwe voetbalclubs: in geldnood kloppen ze aan bij de gemeente. Die wil immers geen ‘veredelde EHBO-post’.

Foto's Thinkstock / beeldbewerking studio NRC

Of de ziekenhuizen van Den Helder en Alkmaar dit jaar failliet gaan? Wat een onzin. Hoe halen de lokale politici het in hun hoofd om daarvoor te waarschuwen. De gemeente hoeft alleen maar een stuk grond terug te kopen dat de gefuseerde ziekenhuizen eerder kochten voor nieuwbouw – graag tegen de aankoopprijs van een paar jaar geleden. En ze moet even borg staan voor het nieuwe krediet dat nodig is.

Dat was kort gezegd de strekking van het persbericht dat Medisch Centrum Alkmaar en het Gemini Ziekenhuis uit Den Helder deze week uitgaven. De ziekenhuizen, al een aantal jaren verwikkeld in een moeizaam fusieproces, reageerden daarmee op de uitzonderlijke actie van de gemeenteraad van Den Helder.

Ten einde raad schreven de Helderse politici – unaniem – een brief aan de Nederlandse Zorgautoriteit met het verzoek een onderzoek te doen naar de financiële situatie van het ziekenhuis in Den Helder. Want de volksvertegenwoordigers hebben „uit betrouwbare bronnen” vernomen dat beide ziekenhuizen dit jaar failliet gaan als er niet snel wat gebeurt.

De zorgen van de lokale volksvertegenwoordigers zijn begrijpelijk. Het belang van een mooi ziekenhuis in de stad is evident. Welke partij maakt zich in de aanloop van de verkiezingen daar nu niet hard voor? Lokaal zijn politici eensgezind in hun pogingen de intensive care of spoedeisende hulp in hun gemeente te behouden. Laat staan als ze hun ziekenhuis al financieel steunen.

Zoetermeer is zo’n gemeente. „Onverantwoord en absurd” noemt Zoetermeer het op zijn website dat de zorgverzekeraars plannen hebben om de spoedeisende hulp en intensive care te sluiten. Gemeenteraadsleden, van VVD tot SP, stuurden een brandbrief naar de Tweede Kamer. Samen met hun burgemeester, oud VVD-parlementariër Charlie Aptroot, zeggen ze dat ze „verbijsterd” zijn dat de voornemens bestaan. Bewoners worden via een petitie gemobiliseerd.

De zorgverzekeraar is de baas

Ze moeten wat. In het Nederlandse zorgstelsel is ervoor gekozen dat zorgverzekeraars de regie voeren bij inkoop van de zorg – zij bepalen zelf bij welk ziekenhuis ze wat inkopen. Langzaamaan ontwikkelen zij zich dus tot de regisseurs die landelijk bepalen in welke gemeente welke voorzieningen overblijven. Daar gaat de lokale politiek niet over.

Dat merkte burgemeester Karel Loohuis (PvdA) van het Drentse Hoogeveen aan den lijve. De laatste twee jaar werd een taaie strijd gevoerd om een volwaardig ziekenhuis in Hoogeveen te behouden. Eerst fuseerde het ziekenhuis van Emmen met Hoogeveen, nu komt Stadskanaal erbij.

Partijgenoot Wouter Bos wist als KPMG-adviseur paniek te zaaien door in een rapport te pleiten voor één nieuw hoogwaardig ziekenhuis, ergens in Drenthe. „Dat heeft veel commotie veroorzaakt”, zegt burgemeester Loohuis. „We hebben daar flink tegen geageerd.”

Maar wat heeft een gemeenteraad te zeggen over het plaatselijke ziekenhuis of over de zorgverzekeraar die belangrijke medische voorzieningen naar een andere stad dirigeert?

De burgemeester van Hoogeveen koos voor een gewaagd maar uiterst effectief dwangmiddel richting de zorgverzekeraar die 70 procent marktaandeel heeft in de regio. Loohuis: „Wij hebben toen gezegd: wij dreigen onze bewoners het advies te geven een andere zorgverzekeraar te kiezen. Als klanten massaal zouden opstappen, had Achmea een probleem.”

De plannen zijn inmiddels van tafel. En de voorzieningen lijken gered. De artsen gaan reizen in plaats van de patiënten. Emmen en Hoogeveen behouden hun spoedeisende hulp.

Zoetermeer zit ook op een harde lijn. Wethouder Edo Haan (PvdA) gaat het niet meemaken dat in zijn stad (123.000 inwoners) „een veredelde EHBO-post” overblijft. „Dat is niet uit te leggen. De zorgverzekeraars blijven vaag, maar sturen hier in onze ogen wel degelijk op aan. Dat doen ze in gezamenlijk overleg – afgestemd marktgedrag. De vraag is of dit wel mag. Wij stappen zonodig naar de Autoriteit Consument en Markt, om dit te toetsen op illegale kartelvorming.”

In Zoetermeer is de dreiging van een gesnoeid ziekenhuis des te pijnlijker omdat de gemeenschap wel de financiële risico’s draagt van het ziekenhuis. Toenmalig wethouder Hannie van Leeuwen (CDA) koos er ooit voor om als gemeente garant te staan voor de leningen die het ziekenhuis Langeland bij banken afsloot. De garantie was 34 miljoen, dat bedrag vermeldt het ziekenhuis nog steeds in de jaarrekening. Maar volgens wethouder Haan gaat er ieder jaar een miljoen af. De gemeente staat nu nog borg voor 12,5 miljoen euro, zegt hij. Wel de lasten van een ziekenhuis, maar niet de lusten?

Een duur betaalde parkeergarage

Dat vraagt Fred den Rooijen uit het Limburgse Sittard zich inmiddels ook af. De fractievoorzitter van de Stadspartij windt zich op over de geruchten dat het plaatselijke ziekenhuis Orbis wordt uitgekleed. De gemeente schoot het ziekenhuis eerder te hulp vanwege financiële problemen. „Wij kochten voor ruim 17 miljoen euro de parkeergarage van het gloednieuwe ziekenhuis, ver boven de marktwaarde. Q-park bood 12 miljoen.”

De gemeente deed het allemaal om het ziekenhuis overeind te houden. Er werden ook leningen verstrekt. Dan is het zuur als vlak daarna de spoedeisende hulp verdwijnt omdat zorgverzekeraars dat willen.

In Den Helder wordt hetzelfde spel gespeeld. De gemeente is al een van de belangrijkste schuldeisers. Dan kan er vast nog wel iets meer bij, redeneert het bestuur van het zieltogende ziekenhuis. Zo zijn er legio voorbeelden. In Heerlen is het Atrium-ziekenhuis een handje geholpen met een achtergestelde lening en met de aankoop van een stuk grond van het ziekenhuis. In Beverwijk onderhandelt het Rode Kruis Ziekenhuis – ook een kliniek met geldproblemen – met de gemeente over verkoop van een stuk grond. Er bestaat nog onenigheid over de prijs.

„De vraag is of dit soort hulp van Brussel mag”, zegt zorgeconoom Marco Varkevisser van de Erasmus Universiteit Rotterdam. Hij wijst erop dat de landelijke overheid en plein public hulp aan noodlijdende ziekenhuizen heeft afgezworen. Het failliet van Ruwaard van Putten Ziekenhuis toonde die nieuwe politieke lijn. „Als ziekenhuizen nu lokale steun krijgen, wordt het gelijke speelveld verstoord. Ziekenhuizen die niet die steun ontvangen worden benadeeld.”

Varkevisser noemt het een ongewenste ontwikkeling – hoe begrijpelijk ook vanuit de lokale volksvertegenwoordiger. „Op die manier helpen ze ondoelmatige instellingen die de bedrijfsvoering niet op orde hebben.” Omdat ziekenhuizen niet in handen van gemeentes zijn, maar private stichtingen zijn, zou die financiële hulp wel eens als illegale staatssteun kunnen worden aangemerkt. Het lijkt een kwestie van tijd dat het eerste ziekenhuis met een dergelijke klacht naar de Europese Commissie stapt.