Niemand weet waar deze escalatie eindigt

Vanaf de andere kant van de wereld zag de minister van Buitenlandse Zaken de omwenteling in Oekraïne zich voltrekken. „De snelheid verraste me, de richting niet.”

‘Ik denk dat dit voor de Europese Unie de grootste geo-politieke uitdaging is sinds het einde van de Koude Oorlog. Groter dan indertijd de Joegoslavië-crisis. Als we niet op een stabiele manier met Oekraïne kunnen omgaan, als we niet weten hoe de verhoudingen op het Europese continent in te kleden, kunnen de consequenties heel groot zijn.”

Zo onheilspellend als de boodschap inhoudelijk is, zo rustig spreekt minister Frans Timmermans (Buitenlandse Zaken, PvdA) deze op de vroege vrijdagmorgen op het ministerie uit.

Vijftien uur later. Timmermans is net in Rome geland. Terwijl hij in het vliegtuig zat, namen de berichten over de aanwezigheid van Russische militairen op het Oekraïense schiereiland de Krim toe. Telefonisch laat hij weten „zeer bezorgd te zijn over deze escalatie waarvan niemand kan weten waar deze eindigt”.

Vorige week zaterdag vertrok hij voor een bezoek aan Nieuw-Zeeland en Australië. Slechts een week was hij weg, maar in Kiev is in die periode het politieke speelveld totaal gewijzigd. Ondertussen verplaatste de onrust zich van de straat in het westen naar de zuidelijk gelegen Krim.

De snelheid van de ontwikkelingen in Oekraïne heeft Timmermans verrast, de richting niet, zegt hij. Toen president Janoekovitsj de steun van zijn partij verloren had, was voor hem duidelijk welke kant het op zou gaan. Timmermans: „Men zag hoe hij leefde, hoorde de verhalen over de buitenlandse bankrekeningen. De behoefte om een eind te maken aan de corruptie werd zeer breed gedeeld.”

Vooralsnog is er sprake van een verplaatsing van de onrust naar de Krim.

„Het doet me denken wat in 2008 gebeurde rond Georgië. Als de Russen het gevoel hebben dat vitale belangen in het geding komen, gaan ze kijken waar ze nog wel invloed hebben. Nu is het de Krim. Dat kon je van tevoren uittekenen. Maar er is wel één groot verschil: Oekraïne is geen Georgië. De internationale gemeenschap zal een duidelijk signaal af moeten geven dat de Krim gewoon bij Oekraïne hoort. Dus geen bezetting en ook geen afsplitsing. Rusland dient de territoriale integriteit te respecteren. Dat eisen ze zelf ook altijd van andere landen.”

Baart het u zorgen?

„Dit soort gestook is altijd gevaarlijk. Ik heb het in midden jaren negentig meegemaakt als medewerker van Max van der Stoel [die toen Hoge Vertegenwoordiger was inzake nationale minderheden bij de OVSE], die zich bezighield met de positie van de Krim Tataren. Ze waren een instrument voor Rusland om onrust te stoken. Het is van belang dat iedereen de kalmte bewaart en niet doldriest wordt.”

Dat vertrouwen hebt u?

„Het is natuurlijk een volatiele en onvoorspelbare situatie, omdat de leiders van de partijen maar tot zekere mate controle hebben over de mensen die de straat op gaan. Dat is voortdurend het probleem geweest en dat is niet weg. Alles wat op de Krim gebeurt leidt weer tot radicalisering in West-Oekraïne. Daardoor wordt Kiev weer onder druk gezet. Het is deze interne spanning die momenteel voor Oekraïne het gevaarlijkst is.”

Is de Europese Unie eigenlijk wel op deze uitdaging voorbereid?

„Het valt me alleszins mee, als ik het zo rustig mag formuleren. Natuurlijk geldt het beginsel: ‘Where you sit is where you stand.’ De landen die dicht bij Oekraïne liggen hebben andere aandacht dan de landen die verder weg liggen. Maar tot nu toe vind ik de eensgezindheid die we binnen de Europese Unie hebben weten te bereiken, prima. Het is ook voor het eerst bij een zo grote kwestie dat de Amerikanen volgen en niet leiden. Er wordt echt naar de Europese Unie gekeken.”

Heeft de EU de zaak niet onderschat?

„Noem één speler die dit niet heeft onderschat. Dat geldt zeker voor de dynamiek. Die is toch ook door Moskou onderschat? Anders hadden ze president Janoekovitsj niet in een positie gebracht waarbij hij de Europese Unie opzij zette en voor Moskou diende te kiezen. Ik denk dat de afgelopen weken door alle partijen is onderschat hoe zwak de positie van Janoekovitsj was geworden.”

De Europese Unie zal nu moeten leveren.

„Ja, op basis van een IMF-akkoord. Het land is bijna bankroet en er moet een herstelprogramma komen. En als het associatieakkoord met de Europese Unie getekend wordt, moet gesproken worden over de consequenties daarvan voor de relatie met Rusland. Want daarover waren voor een deel oprechte zorgen in Moskou.”

Is vanuit het Westen dat in Moskou levende sentiment onderschat?

„Dat is iets voor bilaterale gesprekken tussen de Europese Unie en Rusland. Maar we moeten Rusland niet, zoals het claimt, een veto geven over wat er in Oekraïne gebeurt. De boodschap van de Russen aan Brussel is constant geweest: als jullie over Oekraïne willen praten kom je maar naar Moskou. Ja sorry hoor… zo werkt het natuurlijk niet. Oekraïners bepalen zelf wat ze willen.

„In Rusland is sinds kort het besef doorgedrongen dat de Europese Unie ook een geopolitieke dynamiek krijgt. Altijd dacht men: we spelen de EU-landen wel tegen elkaar uit dan hebben we geen last van hen. Die geopolitieke rol komt voor Rusland heel erg als een verrassing. Hun reactie is feller omdat ze geconfronteerd worden met een speler die ze nooit echt serieus hebben genomen.”

Het is een reactie met weinig resultaat.

„De Russen zitten nu met een heleboel gebroken porselein in hun handen, maar ze hebben het zelf laten vallen. Voor Russen is het bijna niet mogelijk te accepteren dat er ook sprake kan zijn van een win-winsituatie. In hun denken heb je winnaars én verliezers. Win-win, dat kan niet. Terwijl voor Oekraïne win-win de enige manier is om het land de ruimte en de lucht te geven zelf een oplossing te vinden. Ik begrijp nog steeds niet waarom het voor Oekraïne niet mogelijk zou kunnen zijn zowel goede relaties met Rusland als met de Europese Unie te hebben.

„Oekraïne is natuurlijk het hart van het Europese continent, een plek die grenst aan de Europese Unie en aan Rusland. Het moet een brug zijn tussen EU en Rusland en geen ravijn. Dat wordt de grote uitdaging in de komende dagen, weken, maanden en misschien wel jaren.”

Oekraïners willen nu het lidmaatschap van de Europese Unie

„Dat zou best kunnen. Maar dat is voorlopig niet aan de orde. De komende dertig jaar zeker niet.”

Er is verschil tussen niet aan de orde of op termijn perspectief bieden.

„Ik vind dat er geen enkele aanleiding is voor de Europese Unie nu opeens een andere strategie te kiezen. Want dan geef je de Russen juist munitie om te zeggen dat we met iets anders bezig zijn. We hebben een paar jaar geleden het Oostelijk Partnerschap in het leven geroepen als alternatief voor een toetredingstraject naar het EU-lidmaatschap. Ik zie geen enkele aanleiding om daar nu van af te wijken.”

Dit partnerschap wordt door Oekraïne gezien als voorportaal voor het lidmaatschap.

„Dat mag. Maar ik vind het geen verstandige benadering om nu plotseling meer perspectief te bieden. Europa moet aan de eigen strategie vasthouden en niet in midden van een crisis van strategie te veranderen. De crisis moet worden bestreden.”

De historische opdracht van Europa na de val van de Muur 1989 geldt niet voor Oekraïne?

„Nee, het is niet nodig voor Oekraïne, en het is niet haalbaar voor Oekraïne. Daarom ben ik het ook totaal oneens met het standpunt van het Europees Parlement hierover. Midden in de crisis spiegelen zij Oekraïne lidmaatschap voor. Het allerergste vind ik nog dat ze iets voorspiegelen dat niet kan worden waargemaakt. Dan bouw je de frustratie over Europa van tevoren al in.”

Of wilt u de Russen niet tarten?

„Dat speelt hier niet. Wat wel speelt is dat je door koerswijzigingen onrust creëert. Waar Russen grote minachting voor hebben, is als je je door hen laat intimideren. Waar ze ook minachting voor hebben, is dat je gekke dingen gaat doen in tijden van crisis.”