Zelf staan ze niet te juichen

Begin februari maakte het CDA de ommezwaai: partijleider Sybrand Buma sprak zich uit vóór een gekozen burgemeester. Direct door de bevolking, of indirect door de raad – daar liet hij zich niet op vastpinnen. Feit is: door de Kroon benoemde burgemeesters stroken niet langer met de partijlijn. Dat is saillant, want het CDA is hofleverancier van burgemeesters. Ongeveer 34 procent van alle door de Kroon benoemde burgemeesters is christen-democraat. VVD (27 procent) en PvdA (24 procent) volgen op afstand. Een democratischer verkiezing is dus riskant: het CDA kan bijna alleen maar verliezen.

CDA-burgemeesters hebben dan ook weinig op met Buma’s switch. Slechts twee van de 21 geënquêteerde CDA-burgemeesters zijn vóór een door het volk gekozen burgemeester. Het meest democratische alternatief dat overblijft, een openbare stemming door de gemeenteraad na een voorselectie van de kandidaten door een vertrouwenscommissie, bevalt de CDA-burgemeesters ook niet. Geen van de 21 vinkte die optie aan. Ze houden vast aan de benoeming door de Kroon. Of: een lichte versterking van de positie van de raad, die kandidaten kiest via een geheime stemming.

Een direct gekozen burgemeester is ook niet echt in trek bij die andere twee grote burgemeesterspartijen. Van de VVD is 15 procent voor, bij de PvdA 20. En van alle zestig responderende burgemeesters is slechts 12 procent voor een openbare stemming in de gemeenteraad.

Een direct gekozen burgemeester is te partijpolitiek, vinden de meesten. „Een burgemeester moet er zijn voor alle inwoners”, zegt een CDA’er. „Bij een gekozen burgemeester is een deel tegen.” Áls er al een gekozen burgemeester moet komen, dan moet die de bevoegdheid krijgen om zelf meer de koers te bepalen, zeggen er velen. „Anders is de gekozen burgemeester als een gekozen trambestuurder”, zegt een VVD’er. „Populair bij de passagier, maar zonder invloed op de richting.”