Dat recht op onbereikbaarheid werkt niet

Werknemers moeten dag en nacht bereikbaar zijn. BMW maakt nu goede sier met het besluit dat hun mensen na kantoortijd de telefoon niet hoeven op te nemen. Maar er blijven veel drukmiddelen over, constateert Clara van de Wiel.

Er is geen onderscheid meer tussen ‘voor de zaak’ en ‘voor thuis’. Foto ANP

Vrijheid, gelijkheid en onbereikbaarheid. Sinds vorige week lijkt de heilstaat voor arbeiders weer iets dichterbij. Autofabrikant BMW maakte bekend dat zijn werknemers na werktijd niet meer hoeven te reageren op telefoon of mail. Applaus alom. Eindelijk een werkgever die paal en perk stelt aan de dictatuur van de bedrijfscommunicatie. Weg met de dwingende bereikbaarheidstirannie!

Inderdaad is werkdruk voor velen een probleem. Een druk die bovendien door alle telefoontjes en mails ná kantooruren als sterker wordt ervaren. De aankondiging van BMW klinkt dan ook als een prachtig gebaar. Maar alle lof is ook een tikje absurd. Want welk bedrijf zal met droge ogen durven te beweren dat zijn werknemers géén recht op vrije tijd hebben? Voor de eigen pr-afdeling is zo’n persbericht een mooie opsteker. Maar of er voor de werknemers veel zal veranderen, valt te betwijfelen.

In veel beroepen is het lastiger werk en privé te scheiden. Met je collega’s bel en mail je niet alleen, die WhatsApp en Skype je even makkelijk. Vergaderingen worden voor- en nabesproken in speciale Facebook-groepen. Om over bedrijfscommunicatie via zakelijke netwerksites als LinkedIn nog maar te zwijgen.

Dat is allemaal reuze handig en efficiënt. Maar het zorgt er wel voor dat ‘voor de zaak’ en ‘voor thuis’ vaak niet meer onderscheiden kúnnen worden.

En zelfs al ben je op gezette tijden niet bereikbaar, zichtbaar ben je tegenwoordig bijna continu, voor vrienden, familie én collega’s. En dat maakt het nog lastiger de rollen gescheiden te houden. Natuurlijk, vroeger letten we ook wel een beetje op elkaar. Maar al met al onttrok iedereen zich na vijf uur relatief eenvoudig aan het oog van baas en bureaugenoten. Dat is tegenwoordig moeilijker. Een collega die zich snotterend ziek meldt maar wel de hele dag kattenplaatjes op haar profiel post, wordt de volgende dag toch wat argwanend bekeken. Collega’s die niet op mail reageren maar ondertussen wel in ellenlange Twitterconversaties zitten, wekken wrevel.

Ja, de baas kan rustig zeggen dat zijn mensen het recht hebben niet mee te doen. Sociale druk doet de rest wel.

Van die druk kun je je natuurlijk niets aantrekken. Maar voor veel mensen in een competitieve baan gaat dat niet zo makkelijk. Daarom zal er voor de medewerkers van BMW waarschijnlijk maar weinig veranderen. Degenen die erop vertrouwen dat ze hun werk goed genoeg doen, zetten ’s avonds nog altijd moeiteloos hun telefoon op stil. En zij die het gevoel hebben collega’s constant te moeten overtreffen of die denken het nooit goed genoeg te doen, zullen er na werktijd nog steeds als de kippen bij zijn om te reageren.

Het enige dat verandert, is het management. Dat kan voortaan zeggen: aan ons heeft het niet gelegen. Wij hebben immers jullie recht op onbereikbaar nog eens onderstreept. Werk je je in de avonduren nu alsnog een burn-out, dan is dat helaas je eigen dikke schuld.

Werkdruk los je niet op door simpelweg te roepen dat mensen heus recht hebben op een vrije avond. Wil een onderneming haar werknemers echt behoeden voor een burn-out, dan kan ze er beter voor zorgen dat er iets aan de cultuur verandert. Een cultuur waarin mensen kennelijk denken dat ze vierentwintig uur per dag moeten werken om niet te worden ontslagen.

Inderdaad, dat is een stuk moeilijker en levert minder mooie persberichten op. Maar het is wel waar werknemers recht op hebben.

    • Clara van de Wiel