Opeens is dat hotelletje onvindbaar

Mooi, een hotelkamer boeken via Booking.com, die de ‘laagsteprijsgarantie’ biedt. Maar die garantie zou ook nadelig zijn voor klanten – en hotels.

Bijna een derde van de Nederlandse hotelkamers wordt via een boekingsite gereserveerd. Tien jaar geleden was dat nog 8 procent.
Bijna een derde van de Nederlandse hotelkamers wordt via een boekingsite gereserveerd. Tien jaar geleden was dat nog 8 procent. Foto Thinkstock

Ze bieden altijd de laagste prijs. Van een suite in Londen of Parijs tot een kamer in een Achterhoeks hotelletje. Boek bij ons, zeggen grote boekingsites tegen mensen die een hotelkamer zoeken – goedkoper is het nergens.

Klinkt goed, altijd de laagste prijs. Toch is juist deze laagsteprijsgarantie reden voor mededingingsautoriteiten in zeven landen om te onderzoeken of zulke boekingsites de markt juist verstoren. Simpel gezegd: dergelijke sites lijken goed voor de concurrentie, maar zijn dat misschien juist niet.

Vijf landen richten hun onderzoek specifiek op het Nederlandse bedrijf Booking.com. Dat melden de mededingingsautoriteiten van Duitsland, Engeland, Oostenrijk, Zweden en Zwitserland. Twee andere, die van Frankrijk en Hongarije doen ook onderzoek, maar zeggen niet naar welke bedrijven.

De markt voor onlinehotelboekingen groeit hard. Inmiddels wordt bijna eenderde van de Nederlandse hotelkamers via een boekingsite gereserveerd, blijkt uit cijfers van onderzoeksbureau Horwath HTL. Tien jaar geleden was dat nog 8 procent.

Die groei is te zien in de resultaten van Booking.com, dat met ruim 428.000 aangesloten hotels in 197 landen naar eigen zeggen wereldmarktleider is. Elke week worden ruim 2,8 hotelkamers beslapen na een reservering bij Booking.com. Het bedrijf werd in 2005 overgenomen door het Amerikaanse Priceline, maar is nog steeds gevestigd in Amsterdam.

Booking.com wil niet reageren op de onderzoeken van de mededingingsautoriteiten, zo laat het bedrijf per e-mail weten.

Stad, kust en platteland

Net als andere grote boekingsites garandeert Booking.com klanten de laagste prijs. „Of u nu in de stad, aan de kust of op het platteland verblijft”, is de belofte op de website. Maar deze belofte verhindert dat de kamerprijzen ergens anders nog lager mogen zijn – en dat is natuurlijk níét goed voor de klant.

Dat werkt zo: sites als Booking.com, Expedia en Hotel Reservation Service (HRS) verplichten hotels op hun site altijd de laagste prijs aan te bieden. Daardoor is er geen prijsconcurrentie mogelijk tussen verschillende boekingsites. En voor nieuwelingen is het moeilijk de markt te betreden. Die kunnen zich immers niet op prijs onderscheiden.

Om deze redenen oordeelde het Duitse Bundeskartellamt in december dat de laagsteprijsgarantie „alleen op het eerste gezicht” voordelig is voor de klant. Het onderzoek richtte zich specifiek op HRS, de Duitse concurrent van Booking.com. Die moet de laagsteprijsgarantie nu schrappen. HRS heeft aan die verplichting voldaan, zegt een woordvoerder, maar gaat wel in hoger beroep. „Dat alleen HRS die garantie nu niet meer mag geven, lijkt ons ook oneerlijke concurrentie.”

Inmiddels kijkt het Bundeskartellamt dus ook naar Booking.com en het Amerikaanse Expedia, net als andere Europese landen – buitenlandse bedrijven mogen net zo goed als binnenlandse worden aangepakt.

Onvindbaar in de Achterhoek

Niet alleen de concurrentiewaakhonden zien problemen in de laagsteprijsgarantie. Ook hotels zélf klagen. Zij mogen op hun eigen website ook geen kamers aanbieden tegen een lagere prijs dan op de boekingsite. „Dus ook niet als ze bijvoorbeeld ineens een paar kamers overhebben”, zegt mededingingsadvocaat Eric Janssen van advocatenkantoor Dirkzwager.

Het is een dilemma waar zijn cliënten – veelal hoteliers – tegenaan lopen. Want stiekem toch een kamer tegen bodemprijzen aanbieden, is risicovol. Boekingsites speuren het internet af om te controleren of de hotels zich wel aan hun afspraak houden. Wie die schendt, kan voor straf van de site gegooid worden – en dan wordt dat hotelletje in de Achterhoek ineens weer onvindbaar.

Ja, erkent brancheorganisatie Koninklijke Horeca Nederland (KHN), hotels zijn natuurlijk zelf akkoord gegaan met die laagsteprijsgarantie in het contract. „Maar de balans is zoek geraakt”, zegt een woordvoerder. De KHN is dan ook van mening dat die garantie de vrijemarktwerking beperkt.

Ingehaald door het buitenland

In Nederland is de Autoriteit Consument en Markt (ACM) verantwoordelijk voor het markttoezicht. Die organisatie wil graag „thought leader” zijn, schrijft ze in haar ‘strategiedocument’. Dat betekent: „voorop lopen” als markttoezichthouder, in Europa en zelfs wereldwijd. De nadruk moet daarbij onder meer liggen op marktwerking online.

Nu wordt de ACM ingehaald door haar buitenlandse collega’s. „We kunnen niet álles doen”, zegt een woordvoerder. „We volgen wat er in het buitenland gebeurt.” Er zijn geen aanwijzingen dat de ACM de marktmacht van boekingsites ook onderzoekt – al doet de waakhond daar officieel geen uitspraken over.

Als het aan de Consumentenbond ligt, was de de macht van grote boekingsites allang aangepakt. „De ACM loopt niet voorop”, zegt Michiel Karskens van de bond. In 2012 vroeg de organisatie de ACM – toen nog de Nederlandse Mededingingsautoriteit geheten – al in actie te komen. Uit eigen onderzoek was gebleken dat de laagsteprijsgarantie een „negatief prijsopdrijvend effect” heeft.

Dat mogelijke negatieve effect signaleren buitenlandse mededingingsautoriteiten nu dus ook. En dat betekent op termijn misschien een einde aan het monopolie op de laagste prijs.