Homohaat is een westers exportproduct

De antihomowetten in Oeganda en Nigeria zijn niet antiwesters zoals wordt beweerd // Het Westen voedt de homofobie in Afrika met een zeer actieve lobby // Zuid-Afrika wordt daarbij niet gespaard

Een Oegandese priester en antihomoactivist biedt gratis hulpverlening aan homoseksuelen.
Een Oegandese priester en antihomoactivist biedt gratis hulpverlening aan homoseksuelen. foto ap

Toen Errol Naidoo hoorde over de gaypride in het anders zo kleurloze kustplaatsje Knysna aan Zuid-Afrika’s tuinroute haalde hij onmiddellijk het boek Jesajah uit de kast. ‘En hun zonden spreken zij vrijuit, gelijk Sodom; zij verbergen ze niet. Wee hun ziel; want zij doen zichzelf kwaad’.

In zijn lijfblad Joy vervolgt hij: ‘De gaypride in de hoofdstraat van Knysna op zaterdagmiddag was een schaamteloze viering van seksuele verdorvenheid. Kinderen met roze veren werden rondgeparadeerd samen met halfnaakte en drinkende volwassen homoseksuelen met make-up op hun gezicht. Ouders met jonge kinderen stonden langs de weg om een glimp te kunnen opvangen van deze schaamteloze orgie’.

Errol Naidoo is de stem van christelijk, fundamentalistisch Zuid-Afrika. Televisiepriester, schrijver van talloze boeken, bewaker van het gezin als hoeksteen van de samenleving. Hij hield jarenlang kantoor tegenover de slagboom die toegang biedt tot het parlement in Kaapstad. Een lobbyist van het eerste uur. „Ik werk samen met het parlement en de regering van dit land om wetgeving tegen te werken die het gezin als hoeksteen van de samenleving bedreigt”, zegt hij. „Het huwelijk is iets tussen man en vrouw, niet tussen man en man.”

Misvattingen over homofobie

De persoon van Errol Naidoo en zijn Family Policy Institute rekenen af met twee hardnekkige misvattingen over homofobie in Afrika, die de ronde doen nu in Nigeria en Oeganda openlijke homoseksualiteit strafbaar is gesteld. De eerste misvatting is dat Zuid-Afrika door zijn progressieve grondwet van homofobie gered is.

De tweede misvatting wordt gepromoot door presidenten als Yuweri Museveni (Oeganda) en Jonathan Goodluck (Nigeria) én door actiegroepen die vechten voor meer rechten voor homo’s en lesbiennes in Afrika: dit is een gevecht tussen westerse versus Afrikaanse waarden. Op die basis heeft Duitsland zijn ontwikkelingshulp aan Oeganda al ingetrokken en overwegen de Nederlandse en Amerikaanse regeringen hetzelfde te doen.

Sporen van het kolonialisme

Maar het tegendeel is waar, zegt Haley McEwen, die op de Witwatersrand Universiteit in Johannesburg promoveert op het onderwerp. „Ik kijk naar de broodkruimels op het pad naar deze antihomowetgeving. En overal zie ik de sporen van kolonialisme en christelijk rechts in Amerika, dat zijn afgenomen invloed in eigen land probeert te compenseren in Afrika.”

Neem Errol Naidoo. Zijn kruistocht tegen homoseksualiteit in Zuid-Afrika begon in 2006, het jaar waarin het Zuid-Afrikaanse parlement het homohuwelijk erkende als eerste land in Afrika. Naidoo trok naar Amerika en liep zes maanden stage bij de Family Research Council in Washington, die bekendstaat om zijn antihomolobby in Afrika. ‘Ik kwam terug in oktober 2007 en vestigde het Family Policy Institute voor de Glorie van God’, schrijft hij in het blad Joy.

Naidoo ontkent desgevraagd dat zijn instituut geld ontvangt uit de Verenigde Staten. Zijn organisatie draagt wel dezelfde naam als het instituut, dat in Washington onder meer een wet aanvecht tegen therapieën voor jongeren met homoseksuele gevoelens. In Zuid-Afrika wordt Naidoo in de flanken bijgestaan door het Christian Action Network. De voorman Peter Hammond werd in 2005 gearresteerd nadat hij met verfkogels had geschoten op kinderen die huis-aan-huis Halloweenliederen zongen. Hammond werkt samen met een Amerikaanse kerkbeweging (Great Commission Church Movement) die in meer dan tachtig landen antihomowetgeving promoot. Oeganda is een van de landen op hun lijst.

„Als ik kijk naar de taal die gebruikt wordt, naar het debat over homo’s zoals het nu gevoerd wordt in Afrika, dan is het een spiegel van wat er gebeurt in Amerika”, zegt onderzoekster Hawley McEwen, zelf Amerikaanse. „Afrika bevindt zich aan de frontlinie van onze cultuuroorlog tussen progressief en conservatief. Waarom nu? Omdat de ene na de andere staat in Amerika het homohuwelijk goedkeurt. Christelijk rechts verliest steun in eigen land en hoopt in Afrika weer winst te behalen. Het idee dat de antihomowetten in Nigeria en Oeganda voortkomen uit de achterlijkheid van het continent is pertinent verkeerd.”

Het is en blijft een politiek spel

Maar de homofobie die dinsdag in Oeganda in de wet werd vastgelegd, is niet alleen het gevolg van Amerikaanse invloeden, zo waarschuwt voormalig Afrika-correspondent Bart Luirink, die samen met Madeleine Maurick werkt aan een boek over homoseksualiteit in Afrika. „Het is erg simplistisch te denken dat alle homohaat geïmporteerd is. Het blijft intrigerend dat Museveni alsnog heeft getekend na zo veel verklaringen in de afgelopen jaren dat hij zoiets niet zou doen.” Luirink heeft sterk de indruk dat Museveni de wet heeft ondertekend onder druk van zijn achterban en politieke tegenstanders in zijn partij, de NRM.