Strijd voor homo’s is nog lang niet voorbij

Eén dag na de sluiting van de Olympische Spelen in Sotsji werd de wereld weer eens met de neus op het feit gedrukt dat antihomowetgeving geen exclusief Russische bezigheid is. President Museveni van Oeganda tekende gisteren een wet die seksuele handelingen tussen homo’s of lesbiennes strafbaar stelt, waarbij sancties als veertien jaar cel tot levenslang mogelijk worden. Hij was trots op zijn handtekening, zo bleek uit de mediashow die hij had laten organiseren.

Er zijn veel meer Afrikaanse, Arabische en Aziatische landen waar homoseks met jarenlange hechtenis wordt bestraft. Maar ook in het ‘beschaafde’ Westen is het met discriminatie op basis van seksuele geaardheid nog lang niet gedaan. De Amerikaanse staat Arizona nam vrijdag een wet aan die bedrijven het recht biedt om homoseksuele klanten te weigeren op grond van religieuze bezwaren. In nog zeven andere staten in Amerika is ‘homo- propaganda’ verboden, het gênante bewijs dat ze in dit opzicht geen haar beter zijn dan het zo luid bekritiseerde Rusland van president Poetin.

Hoe funest het verkeerde voorbeeld van politieke leiders kan uitpakken, bleek gisteren in Oeganda waar een tabloid een lijst van tweehonderd ‘tophomoseksuelen’ publiceerde, in een kennelijke poging hen aan de schandpaal te nagelen.

Natuurlijk klonken er vanuit Europa en de VS verontwaardigde reacties op het besluit van de Oegandese president. De wet is in strijd met de mensenrechtenverdragen die Oeganda heeft getekend, een land dat nota bene lid is van de Mensenrechtenraad van de Verenigde Naties. De Nederlandse minister van Buitenlandse Zaken Timmermans kondigde aan dat het besluit van Oeganda consequenties heeft voor de relatie met dat land, en zijn ambtgenoot Ploumen (Ontwikkelingssamenwerking) schortte een deel van de financiële hulp aan Oeganda op, met name voor de justitiesector. Het is een goede suggestie van het COC om juist de Oegandese beweging voor seksuele minderheden vanuit Nederland wel te steunen.

Onder meer Denemarken en Zweden kondigden soortgelijke financiële sancties aan. Gecoördineerd beleid binnen de Europese Unie is te prefereren, maar dan wordt meteen een ander pijnpunt zichtbaar: niet alle lidstaten hebben een vlekkeloze reputatie als het gaat om homorechten. Met name in een land als Litouwen is in dat opzicht nog een wereld te winnen. Trouwens, als de EU haar banden met Oekraïne verinnigt, dan is dit ook alvast een agendapunt.

Dan gaat het niet alleen om de wettelijke en juridische positie van homo’s en anderen. Het is evenzeer een noodzakelijke strijd om een mentaliteitsverandering, waarin politici zouden moeten voorgaan. Heel anders dus dan nu bijvoorbeeld in Arizona het geval is.