Mathieu Amalric op zijn best als een charismatische slaapwandelaar

De studentes die de schrijfklas van Marc (Mathieu Amalric op z’n best) bezoeken lijken meer in hem geïnteresseerd dan in literatuur. Hij probeert hun avances te weerstaan maar het vlees is zwak. Zijn meerdere heeft hem al meermalen gewaarschuwd maar hij raakt pas echt in de problemen als een van zijn studentes opeens verdwijnt. Is de sarcastische maar ook charmante Marc de schuldige? Hij claimt ’s nachts te slaapwandelen en niet meer te weten wat hij dan doet, maar is dat ook zo?

Hoewel L’amour est un crime parfait, naar een boek van Philippe Djian, een plot heeft, is die van ondergeschikt belang. Het gaat de regisseurs, de gebroeders Larrieu, om het neerzetten van een broeierige sfeer, met komische en surrealistische terzijdes: passend bij een dwarse docent die de écriture automatique van de surrealisten hoog in het vaandel heeft staan. Op de dag dat een paar Hollywoodscenaristen de campus bezoeken, vertoont hij in zijn klas de surrealistische Buñuel-klassieker L’âge d’or (1930) – een provocerende film die met zijn zeer associatieve vertelling het tegendeel is van Hollywood. Dat levert een grappige scène op die ook iets over de makers van deze film zegt.

De in Nederland tamelijk onbekende Larrieu-broers filmen graag in de bergen en mengen op toegankelijke wijze allerlei registers en genres en dat is in L’amour est un crime parfait niet anders. De broers draaiden hun film in en om het Zwitserse Lausanne, met als belangrijke locaties: de houten chalet waar Marc en zijn zus vastzitten in een benauwende, bijna incestueuze relatie, het fraaie universiteitsgebouw met zijn ronde vormen en hoge ramen. De besneeuwde bergtoppen en hun verraderlijke kliffen zijn een mooi symbool voor de hele film: prachtig, dreigend en mysterieus.