‘IMF moet niet overhaast geld lenen’

Oekraïne is bij Wereldbank en IMF vertegenwoordigd door Nederland. Bewindvoerders Snel en Heemskerk spelen een voorname rol. „Ik moet er ook op wijzen dat het IMF eisen stelt”, zegt Snel.

De toekomst van Oekraïne wordt mede bepaald door twee Nederlanders. Menno Snel is een van hen. De bewindvoerder van het Internationaal Monetair Fonds (IMF) heeft net telefonisch kennisgemaakt met de nieuwe president van de Centrale Bank van Oekraïne, Stepan Kubiv. Een oppositieleider, die demonstranten leidde op de Maidan. „Die man zit er net twee dagen”, zegt Snel. „Ik probeerde hem duidelijk te maken dat ik er voor hem ben, dat wij hem kunnen helpen.”

Menno Snel is niet alleen namens Nederland bewindvoerder bij het IMF in Washington. Omdat Nederland een kiesgroep voorzit waar ook Oekraïne deel van uitmaakt, spreekt hij ook namens de Oekraïense regering. Het is „af en toe een lastige dubbelrol”, zegt hij zelf. „Aan de ene kant moet ik het IMF duidelijk maken wat Oekraïne wil. Tegelijkertijd moet ik de Oekraïners erop wijzen dat het IMF eisen stelt aan leningen.”

Naast Snel treedt nóg een Nederlander namens Oekraïne op: bewindvoerder Frank Heemskerk van de Wereldbank. De ex- staatssecretaris van Economische Zaken (PvdA) vertegenwoordigt Oekraïne ook in zijn kiesgroep. Samen spelen ze een voorname rol bij het bepalen van de economische toekomst van het land. „Het IMF verstrekt leningen, de Wereldbank financiert projecten op langere termijn. Zij zijn de brandweer, wij zijn de aannemer voor Oekraïne”, zegt Heemskerk.

Amerikaanse hulp

De interim-regering in Kiev waarschuwt dat het land op het punt staat economisch in te storten. Volgens interim-president Alexander Toertsjinov staat het land op het punt failliet te gaan, en drogen de reserves op. Volgens Toertsjinov heeft Oekraïne direct 25 miljard euro leningen nodig van de internationale gemeenschap. De Amerikaanse minister van Financiën Jack Lew kondigde al financiële hulp aan. De Russische regering schortte de hulp aan Oekraïne op, uit protest tegen het vertrek van president Janoekovitsj, maar wil wel dat het IMF voorkomt dat het land failliet gaat.

De Wereldbank waarschuwt al jaren voor de verslechterde economische situatie van Oekraïne. Heemskerk: „De economie van Oekraïne zat al in een recessie voordat de protesten begonnen. Ze haalden begrotingstekorten van 8 procent, de gasprijzen hielden ze kunstmatig laag en de inflatie nam toe. Het is belangrijk dat de economie niet verder afbrokkelt, maar dat er perspectief ontstaat voor de bevolking.” Oekraïne, zegt hij, is geen land zonder perspectief. „Ze hebben een enorm potentieel aan landbouwgrond. Ik zie kansen voor het land, dus we hoeven niet in paniek te raken. Eerst moet er stabiliteit in het land zijn, en moeten we berekend hebben wat er nodig is, voordat er leningen verstrekt gaan worden.”

De razendsnelle omwenteling in het land stelt Snel en Heemskerk voor een dilemma. Ook zij denken dat Oekraïne leningen nodig zal hebben, maar willen geen overhaaste beslissingen nemen. Een noodfonds voor Oekraïne onder leiding van het IMF is volgens de Nederlanders nog niet nodig.

Menno Snel: „Iedereen valt nu over elkaar heen met plannen, bedragen en voorstellen voor donorconferenties. Die paniek is niet nodig. Oekraïne heeft voldoende reserves om het nog wel even uit te zingen. Er moet eerst een regering geïnstalleerd zijn, voordat we leningen kunnen verstrekken. Over een week zit er naar verwachting een overgangsregering. Er moet een ploeg zitten met draagvlak onder de bevolking, anders kunnen hervormingen niet worden doorgevoerd. Pas daarna kunnen we praten over financiële hulp, eventueel samen met de Europese Unie en Rusland.”

Relatie met IMF bekoeld

De relatie tussen Oekraïne en het IMF was onder de vetrokken president Janoekovitsj ernstig bekoeld. In 2008 en 2010 ontving het land nog IMF-leningen, maar de onderhandelingen over het laatste pakket, eind vorig jaar, liepen stuk. Het IMF stelde eisen aan de hulp, zoals minder corruptie, hogere gasprijzen en grote bezuinigingen. Tegelijkertijd bood de EU Oekraïne een handelsakkoord aan, in combinatie met deze lening van 610 miljoen euro. De onderhandelingen mislukten, waarna Rusland de regering-Janoekovitsj te hulp schoot met leningen van circa elf miljard euro. Daarvan is overigens maar ruim twee miljard verstrekt. Janoekovitsj verwees naar de strenge eisen van het IMF toen hij koos voor Rusland. Deze beslissing leidde tot de eerste grootschalige protesten van de bevolking tegen zijn regering.

Menno Snel zegt dat het onterechte beeld is ontstaan dat het IMF tegenover Rusland staat, en in Oekraïne alleen de westerse belangen vertegenwoordigt. „Ik lees overal dat Oekraïne een fundamentele keuze tussen Oost en West moet maken, waarbij wij als westers worden gezien. Ik bestrijd dat. We hebben veel overeenkomstige belangen, en de Russen zijn gewoon in het IMF vertegenwoordigd.” Frank Heemskerk: „De wij-zij-sfeer die de laatste tijd is ontstaan, is contraproductief voor Oekraïne. De Wereldbank werkt internationaal nauw samen met de Russen, dat zou in Oekraïne ook kunnen. Wij hebben geen politieke voorkeuren.”

Correctie (3 maart 2014): In dit artikel staat dat Oekraïne in het verleden  begrotingstekorten haalde van 8 procent. Dat moet zijn tekorten op de lopende rekening van de betalingsbalans.