EU-steun aan Oekraïne moet vooral van lidstaten zelf komen

De Europese Commissie wil op korte termijn 1 miljard euro beschikbaar stellen.

Na de omwenteling van afgelopen week is het vooral aan de afzonderlijke Europese landen om de Oekraïeners te hulp te schieten. Omdat de ruimte binnen de EU-begroting beperkt is, moeten de afzonderlijke lidstaten op een donorconferentie „substantiële financiële hulp” verlenen aan Oekraïne, zei eurocommissaris Olli Rehn (Economische Zaken) gisteren in Straatsburg.

De Europese Commissie zelf is bereid zo’n 1 miljard euro aan ‘brugfinanciering’ beschikbaar te stellen aan het vrijwel failliete land, nog voordat het Internationaal Monetair Fonds (IMF) over omvangrijker steun beslist. Daarover vinden nu in Washington gesprekken plaats. De eerste tranche van de Europese Commissie kan al in maart worden overgemaakt.

De nieuwe machthebbers in Kiev pleitten eerder deze week voor een donorconferentie. Omdat die niet meteen kan worden gehouden, werkt Brussel aan een plan om Oekraïne de komende weken door te helpen, samen met onder meer de Europese Investeringsbank (EIB).

Eurocommissaris Janusz Lewandowski (Begroting) denkt dat de commissie een in november aan Oekraïne aangeboden – maar destijds door Kiev afgewezen – hulppakket van 610 miljoen euro kan verhogen tot „één miljard euro of meer”.

De geldnood in Oekraïne werd dit weekeinde nijpend door het Russische besluit om, omgerekend, 11 miljard euro aan noodhulp in de ijskast te zetten. Moskou steunde president Viktor Janoekovitsj, die werd afgezet na het bloedbad in Kiev van vorige week. Het Oekraïense straatprotest begon toen hij in november op de valreep een handelsakkoord met de EU afwees. De Oekraïense munt, de hryvnia, staat zwaar onder druk.

Het EU-geld moet komen uit het budget voor ‘macro-financiële steun’ aan buurstaten. De EU gebruikt hierbij haar eigen kredietwaardigheid om op financiële markten gunstig te lenen voor landen in acute nood. Lewandowski benadrukte dat hiervoor strenge voorwaarden gelden. „De steun aan Oekraïne zal nooit meer onvoorwaardelijk zijn”, zei hij. „We kunnen niet zomaar geld sturen, ook al raakt de moed van de mensen op Maidan een emotionele snaar, want we sturen het al twintig jaar en dat heeft niets opgeleverd.” Corruptie geldt als het grootste probleem in Oekraïne.

De Commissie stelt alvast de volgende voorwaarden: de nieuwe regering moet niet op wraak uit zijn en de democratische principes respecteren. De bereidheid om te hervormen moet groot zijn. En er moet „een overtuigend economisch plan” liggen.

Voor het steunpakket uit november gold als voorwaarde dat afspraken gemaakt moesten worden met het IMF over diepgravende economische hervormingen. Die eis staat volgens Lewandowski overeind. Als Oekraïne er snel uitkomt met het IMF, kan de eerste tranche worden uitbetaald, aldus de eurocommissaris.

Volgens het Oekraïense interim-staatshoofd Alexander Toertsjinov staat het land op het punt failliet te gaan, en drogen de reserves op. Volgens Toertsjinov heeft Oekraïne 25 miljard euro aan leningen nodig van de internationale gemeenschap.

De Nederlandse bewindvoerder bij het IMF, Menno Snel, pleit voor voorzichtigheid. „Iedereen valt nu over elkaar heen met plannen, bedragen en voorstellen voor donorconferenties. Die paniek is niet nodig. Oekraïne heeft voldoende reserves om het nog even uit te zingen. Er moet eerst een regering geïnstalleerd zijn, voordat we leningen kunnen verstrekken.”

Snel is niet alleen namens Nederland bewindvoerder bij het IMF. Omdat Nederland een kiesgroep voorzit waar ook Oekraïne deel van uitmaakt, vertegenwoordigt hij ook de Oekraïense regering.