Ex-verdachte Schipholbrand krijgt halve ton schadevergoeding

Het interieur van het in 2005 door de brand verwoeste cellencomplex op Schiphol.
Het interieur van het in 2005 door de brand verwoeste cellencomplex op Schiphol. Foto ANP / Onderzoeksraad voor Veiligheid

Schipholbrand-verdachte Ahmed Al-J. moet een schadevergoeding van bijna vijftigduizend euro van het Openbaar Ministerie krijgen omdat hij onrechtmatig vastzat. Dat heeft het gerechtshof in Den Haag vanochtend bepaald. De Libiër had ruim zes en een halve ton schadevergoeding geëist omdat hij anderhalf jaar vastzat.

Toen de man vastzat werd een vergoeding van 95 euro per dag gehanteerd voor het onterecht vastzitten in voorlopige hechtenis onder zwaardere omstandigheden. De man zat in totaal 504 dagen in voorarrest, wat neerkomt op een totaal van 47.880 euro. Behalve dat bedrag moet het OM ook een deel van de kosten betalen die deskundigen voor de verdachte maakten.

‘Voorlopige hechtenis niet onterecht’

Het OM betoogde juist dat zijn vrijspraak niet betekent dat zijn voorlopige hechtenis onterecht was. De verdenking zou ernstig genoeg zijn geweest om de man vast te houden. Die ontstond mede door zijn eigen verklaringen dat hij vlammen in zijn eigen cel zag ontstaan na het wegschieten van een sigaret naar het voeteneinde van zijn matras.

Al-J werd jarenlang vervolgd voor brandstichting in het cellencomplex op Schiphol, maar werd vorig jaar maart na een lange juridische strijd door de Hoge Raad vrijgesproken, omdat hij niet opzettelijk handelde. De brand kostte in oktober 2005 elf mensen het leven.

De Libiër was zelf een van de zwaargewonden. Op het moment van de brand zat hij in het detentiecentrum Schiphol-Oost op uitzetting te wachten, net als tientallen andere illegalen. De ministers Sybilla Dekker (Volkshuisvesting, VVD) en Piet Hein Donner (Justitie, CDA) traden af vanwege de zaak. De Libiër is in 2009 op het vliegtuig naar zijn geboorteland gezet. Hij is tot ‘ongewenst vreemdeling’ verklaard.

De Onderzoeksraad voor Veiligheid liet in 2009 een film maken waarin de brand wordt gereconstrueerd.