Marcels Vitesse Mo Allach

De mascotte van Vitesse is een arend.
De mascotte van Vitesse is een arend. Foto Pics United

Zes weken volgde ik de club voor deze krant, een periode waarin Vitesse steeds slechter ging voetballen. Ik zag trainer Peter Bosz met de week toeschietelijker worden richting het uitdunnende groepje journalisten. Waar hij kritiek op zijn elftal eerder nog wegwuifde als ‘makkelijk’ en ‘goedkoop scoren’ stond hij na de nederlaag tegen FC Twente (2-0) ‘helemaal open’.

Hij liet de motor van de gereedstaande spelersbus zelfs een kwartiertje stationair draaien op het parkeerterrein in Enschede om uitgebreid met ons, de vier overgebleven Vitessewatchers van de pers, van gedachten te wisselen. Hij vroeg ons mee te denken over de vormcrisis waarin zijn elftal verkeerde.

Wat kon hij nog doen? Wat zouden wij doen als we in zijn schoenen stonden? Wat vonden we van de tactiek? Wie zouden wij wisselen?

Met Voetbal International en De Gelderlander dook hij de diepte in, aan het hoofd was niet te zien dat het met lichte tegenzin ging. Een acteerprestatie van formaat, wie hem een beetje kende wist dat hij zelf ook vond dat hij er veel meer verstand van had. Bij het afscheid gaf hij ons allemaal een hand.

„Tot de volgende keer!” – „Sterkte Peter!”

Een van ons gooide er zelfs een geruststellend ‘Het komt allemaal wel goed, hoor!’ uit. Een paar meter verderop legden FC Twentetrainer Alfred Schreuder en analist Marc van Hintum, die beiden een Vitesseverleden hadden, de vinger op de zere plek. Vitesse had in de winterstop gewoon ‘slecht gewinkeld’.

„Wil je nou meedoen voor de landstitel of niet?”, vroeg Marc van Hintum zich hardop af. „Koop dan een spits.”

„Ze hebben geen geld”, zei ik. „Voor het budget waar zij mee werken had ik er wel een paar geweten”, zei Marc. Alfred Schreuder noemde wat namen van spitsen die gratis af te halen waren geweest.

Het leek me een leuke vraag voor technisch directeur Mohammed Allach, maar die had via persvoorlichter Ester Bal laten weten dat hij alleen nog ‘in zee ging’ met positie ingestelde journalisten, en die was hij in Arnhem nog niet tegengekomen.

Als de clubleiding vergaderde ging het eigenlijk vooral over de media, en hoe je die het best kon beteugelen. ‘Mo’ – levensmotto: ‘Doe gewoon aardig’ – was al een paar keer voor ons weggerend. Bij de affaire rondom de Israëlische speler Dan Mori, die in de winterstop niet mee mocht naar Dubai vanwege zijn nationaliteit, wees hij naar persvoorlichter Ester Bal, hetgeen opmerkelijk was, omdat hij als enige wist van de hoed en de rand.

Het strookte niet met de open persoonlijkheid die hij claimde te zijn. Als speler van Excelsior, FC Groningen en VVV Venlo had hij gewerkt aan een ‘sociaal betrokken imago’. Bij de Tweede Kamerverkiezingen van 2012 stond hij als lijstduwer op plaats 73 op de lijst van de PvdA, net boven Maarten van Rossem.

Iedereen wist dat hij werd gebruikt om de club naar buiten toe een socialer imago te geven. Met een technisch directeur die er teksten als ‘Kinderen hebben geen keus als het gaat om welzijn, volwassenen kunnen kiezen’ uitgooide, vergat je het grote geld dat op de achtergrond alles bepaalde, dat was de gedachte.

Zelf vergeleek hij zich het liefste met zijn grote voorbeelden Ali B. en Najib Amali. ‘Jij bent mijn held en inspiratiebron’, liet hij de cabaretier via Twitter weten. ‘Al jaren in de top actief. Talent, durf, inspiratie en energie. Mooie gezegende cocktail.’

In het programma Vitesse TV, een programma waarin ze hem tenminste lieten uitpraten en waar hij geen niet ter zake doende vragen over zijn salaris en zijn idealen hoefde te beantwoorden, keek hij fris geboend en gladgeschoren ‘tevreden terug’ op ‘een hele hectische transferperiode’, waarin hij ‘keihard had gewerkt’.

Ik zag het op de computer in Zanzibar, waar ik vakantie vierde. Mo keek ons heel tevreden aan. Alles kwam goed was de boodschap, ‘we’ gingen er met weinig middelen het beste van maken, zijn specialiteit.

Een dag later won Vitesse van RKC (3-1), met Mo Allach aan het roer kwam alles goed.