Harold Ramis, voor altijd ‘Groundhog Day’

Harold Ramis (1944-2014)

Regisseur Harold Ramis verrijkte de filmgeschiedenis met begrippen als ‘Ghost Busters’ en ‘Groundhog Day’ en was de ontdekker van Bill Murray.

Harold Ramis, links inGhost Busters (1984), rechts in 2009 als regisseur bij de première vanYear One, zijn laatste speelfilm
Harold Ramis, links inGhost Busters (1984), rechts in 2009 als regisseur bij de première vanYear One, zijn laatste speelfilm Foto Reuters

Het bestond al, maar niemand geloofde het. Groundhog Day, oftewel ‘bosmarmottendag’. Die 2de februari waarop, zoals de folklore wil, iedereen in Pennsylvania op de uitkijk staat of de bosmarmot al uit zijn winterslaap ontwaakt om zo de komst van het voorjaar te voorspellen. De gisteren aan de gevolgen van een auto-immuunziekte overleden acteur, scenarist en regisseur Harold Ramis maakte er in 1993 een existentialistische tragikomedie over, met Bill Murray in de hoofdrol als weerman die gedoemd lijkt die dag tot in de oneindigheid te herleven.

En sindsdien is ‘Groundhog Day’ een wereldwijd cultverschijnsel, en wil iedereen weten: hervat de gewekte bosmarmot in het plaatsje Punxsutawney midden in Pennsylvania zijn winterslaap of niet. Zo ja, dan blijft het nog even winter. Zo nee, dan is het voorjaar nabij.

Het is maar weinig filmmakers gegeven de popcultuur met begrippen te verrijken die ook buiten de film een eigen leven gaan leiden. De op 21 november 1944 als zoon van hardwerkende middenstanders in Chicago geboren Harold Ramis had dat kunstje al eerder geflikt.

Met Ghost Busters, de titel van de gelijknamige film uit 1984 die hij samen met acteur Dan Aykroyd schreef over een groepje nerdy geestenjagers, gebeurde hetzelfde.

De titelsong van Ray Parker Jr. werd een hit, de film kreeg een tweede en derde leven als animatieserie en videogame. Ramis speelde er zelf een van de hoofdrollen in, naast Aykroyd en Bill Murray, voor wie hij met Meatballs (1979, regie Ivan Reitman) al zijn eerste hoofdrol had geschreven en wiens carrière nauw met die van Ramis verbonden zou blijven. En iets ‘busten’ staat sindsdien synoniem voor iets op ludieke wijze ontmaskeren en onschadelijk maken.

En wat te denken van de depressieve maffiabaas Robert De Niro die bij psychiater Billy Crystal op de divan gaat in Analyze This (1999) en Analyze That (2002), films waarvoor hij het scenario schreef en die hij regisseerde? Zonder hem zou The Sopranos nooit zo’n succes zijn geworden.

Zelf was hij natuurlijk bescheiden, zoals het komieken past. „Ik heb een stuk of vier films gemaakt die misschien voetnoten bij de filmgeschiedenis zijn”, vertelde hij ooit aan The New York Times.

Hij was ook serieus. Die ernstige parapsycholoog met dat brilletje die hij in Ghost Busters speelde was hem op het lijf geschreven. Wie zin heeft om te filosoferen ontdekt dat de komische situaties waarin zijn personages zich bevinden vaak het gevolg zijn van grotere machten dan zijzelf.

Ze struikelen niet zomaar over een bananenschil, maar bevinden zich in surreële universums die zo dwaas zijn dat ze subversief worden.

Meer nog dan een icoon van de humor uit de jaren tachtig was Ramis iemand die de lach van de tijd aanvoelde. Toen het tijd was om de kolderieke sketches van Caddyshack (1980) en National Lampoon’s Vacation (1983) achter zich te laten ging hij in de late jaren tachtig en negentig zwartere komedies maken.

De laatste jaren vond hij juist weer aansluiting bij de vervreemdende anarchie van tv-serie The Office (waar hij tussen 2006 en 2010 vier afleveringen voor regisseerde) en het clubje rondom producent, schrijver, regisseur Judd Apatow, in wiens Knocked Up (2007) hij in een van zijn laatste acterende rollen te zien was.