De val van Janoekovitsj is bedreiging voor het Kremlin

Heimelijk zien veel Russen Oekraïne nog altijd als klein-Rusland.

Ruslands reactie

Het steunt Janoekovitsj. Het geweld tegen zijn regering is het werk van „extremistische en terroristische krachten”, met name uit het „bruine” Westen van Oekraïne.

Ruslands belangen

Heimelijk zien veel Russen Oekraïne nog altijd als klein-Rusland, zoals het gebied heette sinds de expansie ten tijde van tsarina Catharina de Grote. De Russisch Orthodoxe Kerk heeft de ambitie niet opgegeven om het Kievse patriarchaat te domineren. Zo zou de lange lijn sinds de kerstening van Kiev Rus in 988 in ere worden hersteld.

Rusland wil zijn economische belang in het industriële mijnbouwgebied in noordoostelijk Oekraïne niet kwijt. Als Europa zijn politiek-economische invloedssfeer rond de Zwarte Zee kan uitbreiden, wordt Rusland teruggedrongen tot het continentale kernland voor en achter de Oeral.

Het idee dat de Russische Zwarte Zeevloot zijn marinebasis in de ijsvrije haven van Sevastopol op de Krim zou verliezen, is helemaal een gruwel.

De val van Janoekovitsj is ook voor het Kremlin zelf een bedreiging Sinds de val van Milosevic (2001), de Rozenrevolutie in Georgië (2003) en de Oranje Revolutie in Oekraïne (2004) heeft Poetin er alles aan gedaan om vergelijkbare protestbewegingen in Rusland zelf in de kiem te smoren: met wetgeving en politiemacht. Hij is daarin succesvol geweest. Maar ook het systeem-Poetin kan niet rekenen op voldoende actieve steun onder de bevolking om protesten duurzaam de baas te kunnen.

Ruslands opties

Rusland heeft in december een hulpakkoord gesloten ter waarde van 15 miljard dollar. Dat bedrag is bedoeld om te voorkomen dat de Oekraïense staat niet meer aan zijn verplichtingen kan voldoen. Bovendien heeft Rusland beloofd dat Oekraïne aardgas krijgt voor een prijs die dertig procent onder de marktprijs ligt. Die korting kan de Oekraïense oligarchie ten dele in eigen zak steken en is zo smeermiddel voor Moskous belang.

Een directe Russische interventie is een ultimum remedium. Het Kremlin heeft slechte ervaringen met militair ingrijpen. De oorlog met Georgië in 2008 heeft Rusland opgezadeld met twee afgescheiden provincies die afhankelijk zijn van subsidies maar toch niet altijd doen wat het Kremlin wil.

Ook de invasies in Afghanistan (1979), Tsjechoslowakije (1968) en zelfs Hongarije (1956) hadden achteraf veel meer voeten in de aarde dan de communistische partijleiding had ingecalculeerd. Om nog maar te zwijgen van mogelijke consequenties in West-Oekraïne. Het Rode Leger heeft tot in de jaren ’50 de nationalistische partizanen in Galitsië bevochten.

Ruslands ideale scenario

Volgens Inna Bogoslovska, een uit de regerende Partij der Regionen gedeserteerde parlementariër, zou het Kremlin het liefst de hele Oekraïne als ‘Russisch protectoraat’ terug hebben. Nu dat onmogelijk is, opteert Rusland voor ‘federalisering’ van Oekraïne. Bogoslovska voorspelde in deze krant dat het Kremlin dat scenario via anti-westerse actie in Charkov zal gaan uitlokken. Vrijdag heeft de gouverneur van Charkov alle volksvertegenwoordigers uit de Russische regio uitgenodigd voor een parlementaire sessie van dit zogeheten Oekraïense Front. Ook rond het Kremlin klinkt de roep om federalisering. Volgens Poetins adviseur Sergej Glazjev moet die zo ver gaan dat de regio’s ook hun eigen buitenlandse beleid kunnen voeren.

Op die manier wordt Oekraïne als eenheidsstaat verzwakt en houdt Rusland invloed op het rijkere industriële Zuiden en Oosten zonder de lasten te hoeven dragen voor het armere Westen. Er is ook een theorie dat Rusland geen schisma wil. Juist door de permanente dreiging dat Oekraïne uiteen kan vallen, houdt het Kremlin een zwaard van Damocles in eigen hand.