Al was de piste die dag van hout geweest

Een gouden medaille? Het kwam niet in de jonge Nicolien Sauerbreij op. Het vrolijke meisje uit De Hoef dacht nooit in termen van winnen en verliezen. Spelen, dat wilde ze. En spelen kón ze. Op een snowboard, het attribuut waarmee ze al vroeg vriendschap sloot. Dát meisje werd olympisch kampioen op de parallelreuzenslalom. De eerste

Nicolien Sauerbreij viert haar gouden overwinning op de parallel reuzenslalom.
Nicolien Sauerbreij viert haar gouden overwinning op de parallel reuzenslalom. Foto ANP / Robin Utrecht

Een gouden medaille? Het kwam niet in de jonge Nicolien Sauerbreij op. Het vrolijke meisje uit De Hoef dacht nooit in termen van winnen en verliezen. Spelen, dat wilde ze. En spelen kón ze. Op een snowboard, het attribuut waarmee ze al vroeg vriendschap sloot.

Dát meisje werd olympisch kampioen op de parallelreuzenslalom. De eerste sneeuwmedaille voor Nederland. En ook nog eens Hollands honderdste gouden olympische plak. Alle bijzonderheden kwamen op die druilerige vrijdag 26 februari 2010, op Cypress Mountain net buiten Vancouver, bij elkaar. Een memorabele dag.

Als kind vlinderde Sauerbreij door het leven. Met dank aan haar ouders, die haar leerden leven. Pa bouwde, grotendeels eigenhandig, een huis waarin Nicolien en haar jongere zus Marieke zich konden uitleven. Tussen de talrijke dieren reden ze rond met trapkarretje, hingen ze in ringen, klommen ze in touwen, speelden ze in klimrekken en hingen ze aan rekstokken. In de open kap van het huis had pa een hut gebouwd, die alleen met een touwladder bereikbaar was.

Sauerbreij leefde als Pipi Langkous: onbezorgd en ongebonden. In een interview met NRC Handelsblad zei ze over die periode: “Dat huis was onze speeltuin en onze dierentuin. Ik bewaar dierbare herinneringen aan die tijd. Ik vond het ook verschrikkelijk toen het huis werd verkocht.”

Maar daar ligt wel de kiem van haar olympische titel. Vader Maarten had geld nodig om te investeren in de carrière van zijn dochters, in wie hij talentvolle snowboarders zag.

Sauerbreij en Sauerbreij

Nicolien Sauerbreij viert samen met haar vader en coach Maarten feest tijdens haar huldiging in het Holland Heineken House in Vancouver. Foto ANP / Robert Vos

Nicolien had moeite met dat besluit. Omdat ze destijds nog de ambitie van een kampioen miste en de verkoop een hypotheek op haar prestaties legde. Uit vrees voor valpartijen skiede ze ingehouden. In hetzelfde interview: “Als ik er maar niet voortijdig uitvlieg, dacht ik dan. Vooral in verre landen. Als we bijvoorbeeld op kosten van mijn ouders naar Canada gingen, had ik sterk het gevoel niet te mogen falen. Dat heeft overigens niet lang geduurd, want ik besefte al snel dat ik voluit moest skiën om in de prijzen te vallen.”

Naarmate de resultaten beter werden transformeerde Sauerbreij langzaam maar zeker van een vrolijk meisje in een serieuze sportvrouw. En van een zachtaardig, meelevend, sociaal meisje in een weerbare snowboardster, die op de piste keihard is. Het naïeve was er snel vanaf, zei ze. “Ik deed aan snowboarden, omdat ik het leuk vond en omdat ik veronderstelde dat het van korte duur zou zijn. Maar doordat ik het zo leuk bleef vinden, ben ik doorgegaan. Ik dacht vroeger nooit: ik moet die wedstrijd winnen. Dat heb ik echt moeten leren.”

Sinds ze zich heeft gepantserd tegen haar weekhartigheid, ervaart Sauerbreij die houding nog steeds als tegennatuurlijk. “Soms schrik ik van mezelf, den denk ik: waarom reageer je zo heftig. Maar als ik het niet doe, lopen mensen over me heen. Dat besef ik maar al te goed.”

Vader Maarten, die haar altijd heeft begeleid, zei tegen NRC Handelsblad ambivalente gevoelens bij de gekweekte hardheid van zijn oudste dochter te hebben. Een tikje schuldbewust: “Ze was altijd een lief meisje, dat nooit ruzie had en met iedereen kon opschieten; een goeiig, ontspannen kind. Door de sport heb ik haar zien veranderen in een pittige tante met zelfs een beetje haar op de tanden. Soms denken mijn vrouw en ik wel eens: goh, waar is dat lieve kind gebleven.”

Vlagdrager Sauerbreij

Sauerbreij oefent met de Nederlandse vlag in Salt Lake City. Ze droeg tijdens de openingsceremonie van die Olympische Winterspelen de Nederlandse vlag. Foto ANP / Jasper Juinen

De topsport heeft Sauerbreij gehard. Want aan die gouden medaille zijn veel tegenslagen vooraf gegaan. Blessures deden letterlijk pijn, maar haar uitschakeling op zowel de Spelen van Salt Lake City (2002) als Turijn (2006) hakten er men taal in. Gehannes met haar materiaal voorkwam dat ze gefrustreerd van haar olympisch debuut terugkeerde. In Turijn kwam hoogmoed voor de val. Sauerbreij waande zich zeker van een plaats in de kwartfinales, liet zich uitbollen, waarna ze op de finishlijn met honderdsten van een seconde verschil alsnog werd verslagen door de Duit Amelie Kober. Sauerbreij en de Olympische Spelen leek geen gelukkige combinatie.

Turijn werd een ijkpunt in haar carrière. Omdat ze weer vanaf nul moest beginnen. Haar contracten liepen af en de uitkering van sportkoepel NOC*NSF werd stopgezet wegens gebrek aan resultaten. Uiteindelijk heeft haar manager Ed Hasselman Sauerbreij er financieel weer bovenop geholpen. Hij regelde nieuwe sponsors en legde daarmee de basis voor een herstart van haar carrière.

In die tijd flitste het wel eens door haar hoofd om te stoppen. Want naast de financiële sores werd Sauerbreij gehinderd door een hernia. Ze wilde echter niet dat lichamelijk ongemak het einde van haar carrière zou bepalen. Ze tuimelde niet in een sportieve afgrond en knokt zich uit de ellende. Wat volgde waren drie sublieme jaren die resulteerden in de olympische titel.

Sauerbreij en haar goud

Sauerbreij toont haar gouden medaille. Foto ANP / Robin Utrecht

In Vancouver had Sauerbreij de dag van haar leven. Alles lukte, terwijl de olympische piste niet in haar voordeel was. Niet steil genoeg. Daar kwam nog eens de regen bij die de door gewenste harde piste deels had veranderd in een zachte piste. Het maakte Sauerbreij niet uit. Ze verkeerde in een soort transcendentale toestand. Al was de piste die dag van hout geweest, dan was Sauerbreij nog olympisch kampioen geworden. In trance werkte ze haar races af, om pas na de finale uit haar roes te ontwaken om de gouden medaille in ontvangst te nemen.

Uniek: een Nederlander die goud wint in een sneeuwsport. Sauerbreij bewees dat een sporter uit een vlak land ook op een berg tot grootse prestaties in staat is. Als je maar doorzet, steeds maar weer doorzet.

De jaren die volgden verliepen sportief aanzienlijk minder voorspoedig. Sauerbreij had lang getwijfeld om door te gaan. Uiteindelijk besloot ze er nog vier jaar, tot en met ‘Sotsji’, aan vast te plakken. Daar werd ze roemloos tiende; uitgeschakeld in de achtste finale.

In die vier tussenjaren was ze een bekende Nederlander, die selectief omging met de vele uitnodigingen. Ze ging alleen in op verzoeken die of heel bijzonder waren of waarmee ze mensen kon helpen. Op die manier bleef het leven leuk en kon ze ook een centje bijverdienen. Alleen: op het snowboard wilde het maar niet vlotten. Ze ging ondanks alles stug door, maar die de flow van Vancouver heeft zo nooit teruggevonden.