Mogelijk uitstel beursgang ABN

Gerrit Zalm presenteerde vrijdag zwakke resultaten over 2013. Of dit jaar beter wordt? Daarover is ABN’s topman voorzichtig optimistisch.

„Wij hebben écht medewerking nodig van de Nederlandse economie”, beklemtoonde ABN Amro-topman Gerrit Zalm vrijdag bij de presentatie van de tegenvallende jaarcijfers.
„Wij hebben écht medewerking nodig van de Nederlandse economie”, beklemtoonde ABN Amro-topman Gerrit Zalm vrijdag bij de presentatie van de tegenvallende jaarcijfers. Foto Maarten Hartman

Het uitblijven van een antwoord van Gerrit Zalm vrijdag was veelzeggend. De vraag was of de topman van ABN Amro, op basis van de resultaten over 2013 die hij deze dag presenteerde, eigenlijk wel een beursgang zou aandurven in de eerste helft van volgend jaar. Zoals hij eerder zei graag te willen.

Die resultaten waren namelijk zwak. De winst kwam weliswaar uit op vrijwel hetzelfde niveau als vorig jaar (1,16 miljard euro). Maar dat kwam alleen door een paar forse, eenmalige meevallers. Zonder die meevallers daalde de winst met 32 procent. In het vierde kwartaal dook ABN zelfs in de rode cijfers. Tegenover een winst van 400 miljoen een jaar eerder.

Zalm weigerde antwoord te geven. Eerst maar eens de resultaten over komend jaar afwachten, zei hij. „Ik ga niet speculeren over wat ik daarna ga zeggen.” Daarbij: het zou potentiële investeerders niet alleen om het track record gaan, maar vooral ook om de vooruitzichten.

Maar juist als het om die perspectieven gaat, zijn er ook onzekerheden. Het moet blijken of 2014 een beter jaar wordt, ook al was ABN vrijdag voorzichtig optimistisch. Komend jaar wacht ABN een speciale heffing van 200 miljoen euro, in verband met de nationalisatie van concurrent SNS Reaal. Minister Dijsselbloem van Financiën (PvdA) wil dat alle grote banken daaraan meebetalen. De meevallers op slechte Griekse leningen zullen er ook niet meer zijn. Die zijn inmiddels doorverkocht.

Zalm erkende dat „de winstgevendheid behoorlijk verbeterd moet worden” om investeerders te interesseren. Hij zei dat er drie manieren zijn: de kosten moeten omlaag, de inkomsten omhoog en de impairments naar beneden – de leningen aan consumenten en ondernemers die dreigen niet of slechts deels te worden terugbetaald. Maar wat dat laatste betreft is ABN overgeleverd aan de grillen van de economie. Alleen als die herstelt, zal het aantal wanbetalers afnemen. Het herstel is er, maar vooralsnog is het fragiel. ABN geeft zelf aan dat de voorzieningen voor dit jaar op hetzelfde hoge niveau uitkomen als het vorige. Er zit een vertraging tussen het herstel en dalende wanbetalingen.

Het wrange voor ABN is dat zij meer last heeft van dit probleem dan andere banken, omdat ze zo sterk gefocust is op Nederland. Hier wordt 80 procent van het geld verdiend. Daarvoor is bewust gekozen toen ABN in 2008 genationaliseerd werd. De bank moest zich terugtrekken achter de dijken en niet meer proberen een wereldspeler te zijn. Want dat leidde maar tot onbeheersbare risico’s.

„Wij hebben écht medewerking nodig van de Nederlandse economie”, benadrukte Zalm vrijdag. Hij had evengoed kunnen zeggen dat hij medewerking nodig heeft van de staat, want die heeft via macro-economisch beleid invloed op het herstel. De staat is ook gebaat bij goede resultaten, want zij is enig aandeelhouder van ABN en wil straks een zo hoog mogelijke opbrengst.

Geen massaontslag

De kosten gingen juist omhoog. Vooral de personeelskosten (met 10 procent), op een licht gedaald werknemersbestand. ABN geeft nu voor iedere euro die het verdient 65 eurocent uit. Binnen een paar jaar moet dat 56 tot 60 eurocent zijn. Maar hoe dat precies moet gebeuren, is onduidelijk. Zalm gaf aan dat er „geen nieuwe massaontslagronde” komt. Wel zullen er waarschijnlijk op kleinere schaal ontslagen vallen.

De inkomsten opkrikken is evenmin eenvoudig. Bijvoorbeeld omdat ABN, net als andere banken, last heeft van nieuwe concurrenten op de hypotheekmarkt. Verzekeraars verkopen steeds vaker zelf hypotheken. Dat bleek ook uit de jaarcijfers van Aegon en Delta Lloyd. Delta Lloyd zag zijn portefeuille verdubbelen en heeft nu een marktaandeel van 3 procent. „Wij moeten nu echt hard werken”, zei Zalm.

Een beursgang in de eerste helft van 2015 is dus ambitieus. Zalm zegt dat hij eind van dit jaar Dijsselbloem zal adviseren of die de plannen moet doorzetten. De voorbereidingen wil Zalm in ieder geval alvast gaan treffen. Maar, zei hij, de minister kan ook „beslissen om het nog een half jaartje uit te stellen”.