‘Als ik moet vechten ben ik op mijn best’

Marloes Krijnen

(59) is directeur van Foam Fotografiemuseum Amsterdam.

Foto Maurice Boyer
Foto Maurice Boyer

Oorsprong

„Een ouderwetse dienstmeid die een sprong van een trap neemt. Die foto van Jacques Henri Lartigue zag ik in Parijs toen ik een jaar of negentien was. Het beeld raakte me, ik denk omdat het de verbazing van het moment pakt. Ik werd er vrolijk van. Mijn diepe passie voor fotografie groeide later, als directeur van World Press Photo. Ik had massacommunicatie gestudeerd omdat ik geboeid was door de invloed van media op meningsvorming. Bij World Press zag ik bij uitstek hoe beelden je dingen kunnen laten begrijpen en kunnen bepalen wat je voelt en vindt.”

Strijd

„In mijn jaren bij World Press zag ik de fotojournalistiek langzaam veranderen. Persfotografen brachten ook achtergronden in beeld, maakten vaker vrij werk. Toen mij gevraagd werd een plan te maken voor Foam was ik ervan overtuigd dat we alle soorten fotografie moesten gaan tonen. De Kunstraad oordeelde vernietigend, ik had er niets van begrepen. Vreselijk was dat. Het kon betekenen dat het museum niet doorging. Maar ik wist het zeker en als ik moet vechten ben ik op mijn best. Gelukkig ging de gemeente achter me staan.”

Focus

„Ook Foam heeft zich verbreed, is meer geworden dan het museum aan de gracht. We geven Foam Magazine uit, verkopen werk via Foam Editions. Veel van wat we doen richt zich op jong talent. Op de jaarlijkse Talent Call kregen we vorig jaar inzendingen uit 72 landen. Sinds 2012 organiseren we Unseen, een beurs met werk van nog onbekende fotografen. Een jaar of drie geleden drong tot me door: hiermee kunnen we ons onderscheiden. Ik wilde dat Foam een autoriteit werd, dat is gelukt met jong talent.”

Ondernemen

„Ik ben geen manager die morgen tandpasta kan verkopen. Mijn kracht zit juist in de combinatie van inhoud en de zakelijke kant. Ik verzamel mensen om me heen die met mij de klus willen klaren. Aan mij de regie, ik kijk bij alles mee, maar een solitair beroep waarbij alle motivatie uit mezelf moet komen zou me zwaar vallen. Ik geloof in samenwerken, ook met sponsors. Zo adviseren we advocatenkantoor De Brauw bij de opbouw van hun fotocollectie. Dat is meer dan een wederdienst. Hun mensen leren over fotografie, komen naar het museum, kopen misschien een werk aan. Zo gaat de bal rollen.”

Hartstocht

„In november werd ik op de Biënnale van Venetië geconfronteerd met werk van Richard Mosse. Ik kende hem als fotograaf van stilstaand beeld geschoten met infraroodfilm van het Amerikaanse leger. In Venetië stond ik opeens tussen zes videoschermen met bewegende beelden van een tocht van Mosse met rebellen door Congo. Ook geschoten op infraroodfilm. Waanzinnig, ik was zo geroerd. De beelden hebben me dagen achtervolgd. Ik ben meteen gaan regelen dat The Enclave naar Amsterdam komt.”

Verdriet

„In 1989 zijn allebei mijn ouders overleden, veel te jong. Binnen een jaar waren mijn zusje en ik wees, zo voelde dat. Ik kom uit een warm nest, het gemis was heel tastbaar. Tien jaar geleden verloor ik ook mijn allerbeste vriendin, ze had kanker. Toen realiseerde ik me heel sterk: het kan dus opeens afgelopen zijn. Sindsdien sta ik bewuster in het leven. Pluk de dag klinkt misschien oppervlakkig, maar zoiets is het wel. Als het leven zo voorbij kan zijn, is het belangrijk dat het de moeite waard was, voor mezelf en voor de mensen om me heen.”

Vooruitzicht

„Ik doe dit nu dertien jaar, maar ik heb geen aanvechting iets anders te gaan doen. Het voelt alsof ik hier al vijf banen heb gehad. Dit is het moment dat we internationaal gaan oogsten. We exposeren met jong talent in Rusland, later dit jaar gaan we naar China, Parijs en Dubai, misschien New York. Ja, dat is een beloning voor hard werken. De veelomvattendheid maakt het werk soms moeilijk. Het DNA van Foam moet zichtbaar blijven in alles wat we doen en voor iedereen. Bezoekers, fotografen, sponsoren. Ik ben een perfectionist, maar dat moet ook. Het is aan mij om over het DNA te waken.”