‘Als ik eraan terugdenk, denk ik wel: hoe heb ik dat gedurfd?’

Peter (60) en Fenna (56) van der Slikke begonnen beiden na hun vijftigste een nieuwe carrière. Peter zegde zijn baan bij ABN Amro op. „Ik had veel eerder bij de bank weg moeten gaan. Ik heb te lang de organisatie willen pleasen.”

‘Hoe heb ik dat gedurfd?’

Peter: „Het was een enorme sprong in het diepe om mijn baan bij ABN Amro op te zeggen en voor mezelf te beginnen, maar ik kon niet anders. Ik kwam zoveel misstanden tegen bij de bank. Het draaide voor mij veel te veel om winst en te weinig om de klanten. Daar kon ik niet meer tegen. Een vertrekregeling wilde ik niet, ik wilde vrijelijk over de bank kunnen praten en schrijven.”

Lidewij: „Je bent ook altijd tegen hoge bonussen geweest.”

Peter: „Ja, het is toch bizar dat mensen twee jaarsalarissen krijgen als ze hun werk goed doen? Mijn omgeving verklaarde me overigens voor gek dat ik voor mezelf begon. Zonder een flinke buffer deze stap maken zag men als waaghalzerij. Het risico was dat we ons huis zouden moeten verkopen.”

Fenna: „Mensen hebben me toen vaak gevraagd: ‘Wat vind jij er nou van?’ Ik zei altijd: ik denk er niet over na. Ik heb niks met financiën.”

Peter: „Onze hypotheek werd meteen bijna 1.000 euro per maand hoger toen ik bij de bank vertrok. Als werknemer kreeg ik namelijk korting.”

Fenna: „En het was precies in de tijd dat de kinderen gingen studeren.”

Peter: „Ja, als ik eraan terugdenk, denk ik wel: hoe heb ik dat gedurfd? Maar de drang om te vertrekken was te sterk. Gelukkig zijn we geen big spenders, verre van dat. Inmiddels heb ik twee bedrijven en het gaat goed. Na drieënhalf jaar had ik weer het inkomen dat ik bij de bank had.”

‘Ik heb het zelf ook druk’

Fenna: „Ik ben opgeleid als röntgenlaborant. Stilletjes dacht ik al heel lang: ik wil liever verpleegkundige worden. Toen de kinderen kwamen, heb ik enkele jaren niet gewerkt, ook omdat Peter 80 uur per week werkte en zich nauwelijks met de kinderen kon bezighouden. Toen die groter werden, ben ik een paar avonden per week in een verpleeghuis gaan werken en op mijn 51ste ben ik begonnen aan een opleiding tot verpleegkundige. Nu ben ik verpleegkundig dag- en avondhoofd in datzelfde verpleeghuis.”

Peter: „We hebben dus allebei na ons vijftigste nog voor een andere carrière gekozen.”

Lidewij: „Ik heb er nooit last van gehad dat mijn ouders zoveel werken. Ik heb het zelf ook druk. Naast mijn werk ben ik actief als dj en in het weekend zie ik veel vrienden.”

Fenna: „Lidewij heeft altijd haar eigen plan getrokken. De andere twee dochters hadden er meer moeite mee. Zo schrijft een van onze dochters haar naam in mijn agenda als ze wil dat wij tijd voor haar vrijhouden. Toen Peter bij ABN Amro werkte, deed ik voornamelijk leuke dingen met de kinderen. Ik weet niet hoe ons huwelijk was gelopen als zij er niet geweest waren.”

‘De tuinman doet jouw klussen’

Fenna: „Als ik nu twintig zou zijn, ging ik weer verpleegkunde studeren. Of geneeskunde.”

Peter: „Ik had veel eerder weg moeten gaan bij de bank. Ik heb te lang de organisatie willen pleasen. Ik zeg nu tegen iedereen: volg je hart, daar word je gelukkiger van. Ik werk nu meer dan toen, maar voel me altijd energiek.”

Fenna: „Peter is, doordat hij zoveel werkt, wel verwend door mij. Ik kook, ik was, doe de boodschappen.”

Peter: „Maar we hebben wel een schoonmaakster.”

Fenna: „En de tuinman doet jouw klussen, niet de mijne. Als ik nu opnieuw kon beginnen, zou ik de taakverdeling anders aanpakken.”

Lidewij: „Zou je nu een papadag inlassen?”

Fenna: „Ik zou meer samen willen doen met het gezin.”

Peter: „Het was een andere tijd, vijfentwintig jaar geleden. Bij de bank was je een loser als je vier dagen wilde werken.”

Fenna: „En een watje als je vrouw tijdens een vergadering belde dat je kind ziek was.”

Peter: „Ik heb eens één week het huishouden en de kinderen gedaan. Toen was Fenna op cursus. Dat was echt héél zwaar.”

‘Jij houdt van contact met mensen’

Peter: „Ik ga dit jaar weer vrijwilligerswerk doen. Bij Buddyzorg Midden Nederland, een halve dag per week. Omdat ik gezond ben en het goed heb, wil ik een bijdrage aan de samenleving leveren. Ik heb het gewoon ingepland, want als ik ga wachten tot ik er tijd voor heb, komt het er niet van.”

Lidewij: „Jij houdt van contact met mensen.”

Peter: „Ja, ik vind geld helemaal niet belangrijk. Ik ben toevallig goed in cijfers en dan kun je iets betekenen voor mensen. De rode draad in mijn leven is mensen.”

Lidewij: „Hij stuurt klanten ook altijd een kaartje met speciale verjaardagen en met Kerstmis.”

Peter: „Maar die mensen delen ook veel met me: hun zorgen, hun plannen. Ik ben eigenlijk een financiële buddy.”

Fenna: „Ik zou wel meer vrije tijd willen hebben. Om in de tuin te werken en te schilderen, dat moet nu allemaal tussendoor.”

Peter: „Ik plan tegenwoordig vaker in dat we bijvoorbeeld samen naar een film kijken. Door andere dingen te doen ontstaat er een betere balans.”