Dat minimumloon kan best wat lager

Laat minima minder belasting betalen, zodat ze minder kosten, aldus Aart Gerritsen en Bas Jacobs.

Internationaal staat het minimumloon meer dan ooit in de belangstelling. President Obama noemde de groeiende inkomensongelijkheid de uitdaging van onze tijd. Hij wil het Amerikaanse minimumloon verhogen van 7,25 tot 10,10 dollar per gewerkt uur. Hij krijgt steun van prominente economen, onder wie zeven Nobelprijswinnaars.

Duitsland had geen minimumloon, maar de nieuwe Duitse regering zal vanaf 2015 een landelijk minimumloon van 8,50 euro per uur invoeren. En in het Verenigd Koninkrijk gaan zelfs binnen de conservatieve partij stemmen op voor een hoger minimumloon. In Nederland bedraagt het minimumloon 9,02 euro per uur op basis van een 38-urige werkweek. Tweemaal per jaar wordt dit aangepast aan het gemiddelde cao-loon. In tegenstelling tot eerdergenoemde landen vindt er in Nederland bijna geen discussie plaats. Dat is in onze ogen onterecht. Het gaat om een doelmatigheidsvraag: als de overheid inkomen wil herverdelen naar de laagstbetaalden, hoe kan dat tegen zo laag mogelijke maatschappelijke kosten? Dit staat los van de rechtvaardigheidsvraag: hoe hoog zou het netto inkomen van laagbetaalden moeten zijn? Daar gaan economen niet over maar politici.

Ons onderzoek laat zien dat belastingverlaging voor de laagstbetaalden doelmatiger is dan een hoger minimumloon. Het verschil is dat het minimumloon de loonkosten van de laagstbetaalden verhoogt. Dit leidt tot hogere werkloosheid onder juist die werknemers die het minimumloon had moeten helpen.

Hogere werkloosheid levert maatschappelijk welvaartsverlies op omdat werklozen geen belasting meer betalen en een werkloosheidsuitkering ontvangen. Daarnaast zijn er immateriële welvaartsverliezen: mensen worden ongelukkiger als ze geen werk kunnen vinden. Sommige laagbetaalden zullen meer investeren in hun opleiding om te ontsnappen aan de toegenomen kans op werkloosheid. Dit levert maatschappelijke welvaartswinst op aangezien beter opgeleiden meer belasting betalen. Kortom, tegenover welvaartsverliezen van hogere werkloosheid staan welvaartswinsten van meer scholing.

Een hoger minimumloon is alleen beter dan een belastingverlaging voor laagbetaalden als de kosten van hogere werkloosheid kleiner zijn dan de opbrengsten van meer scholing. Bij de huidige vormgeving van het belasting-, uitkering- en onderwijsstelsel is dat niet het geval. Het aantal mensen dat zich beter zal scholen door een hoger minimumloon is te klein ten opzichte van het aantal mensen dat werkloos wordt. Lastenverlichting voor laagbetaalden is daarom doelmatiger dan een hoger minimumloon.

Als het economisch onverstandig is om het inkomen van de werkende armen te verhogen met het minimumloon, waarom is het minimumloon dan toch zo populair?

De discussie gaat meestal alleen over de vraag of het minimumloon moet worden verhoogd of niet. Is de inkomensstijging voor de werkende minima voldoende om de kosten van werkloosheid te compenseren? Het antwoord is controversieel, omdat economen verdeeld zijn over de grootte van de werkloosheidseffecten van het minimumloon. Maar ook omdat de inkomenseffecten door politici en niet door economen moeten worden gewogen.

Deze discussie berust op een valse beleidskeuze: het minimumloon verhogen of niets doen. Maar de overheid kan ook de belastingdruk voor laagbetaalden verlagen. Dat is volgens ons economisch minder schadelijk dan het minimumloon verhogen. Het minimumloon kan ook zo populair zijn omdat de politiek het makkelijker vindt om het minimumloon te verhogen dan om belastingen te verhogen teneinde lastenverlichting voor werkende minima te betalen. Maar kiezers, politici en beleidsmakers hebben niet goed door dat een hoger minimumloon een impliciete belastingverhoging is.

Bedrijven kunnen hogere loonkosten van werkende minima alleen betalen door salarissen van andere werknemers te verlagen, prijzen te verhogen of aandeelhouders minder winst uit te keren. Bedrijven zullen bovendien minder minimumloonverdieners aannemen of hun contracten niet verlengen. Door verhoging van expliciete overheidsbelastingen kan exact dezelfde stijging van inkomen van werkende minima worden betaald met exact dezelfde inkomenseffecten op andere werknemers, consumenten en aandeelhouders, maar zonder ontslag van laagbetaalden. Gewone belastingen zijn economisch doelmatiger dan de impliciete belastingen van het minimumloon.

We concluderen dat door het minimumloon de netto inkomens van de Nederlandse werkende minima niet op de meest doelmatige manier worden verhoogd. De belastingen voor laagbetaalden kunnen worden verlaagd met een hogere, uitkeerbare arbeidstoeslag. Dank kan ook het minimumloon omlaag. Door goedkoper inkomen her te verdelen, kan de overheid meer werk of een hoger netto inkomen of een combinatie van beide realiseren voor laagbetaalde werknemers. In alle gevallen stijgt daardoor de maatschappelijke welvaart.