Olifanten troosten elkaar met slurf en gepiep

Als Aziatische olifanten elkaar troosten, aaien ze elkaars geslachtsdelen of mond met hun slurf. Regelmatig steken ze hun slurven in elkaars mond. Ze maken er allerlei geluiden bij. Ze piepen, klappen hun slurf op de grond, grommen en trompetteren. Als ze met z’n velen zijn, gaan ze vaak met een groepje om het geschrokken dier heen staan.

Dat gedrag beschreven gedragsbiologen Joshua Plotnik en Frans de Waal gisteren in het wetenschappelijke tijdschrift Peer J. Het is het eerste gedegen onderzoek naar troost bij olifanten.

Er zijn weinig dieren waarvan vast staat dat ze elkaar troosten: mensapen doen het – en roeken en raven opvallend genoeg ook.

Dat olifanten – Afrikaanse olifanten om precies te zijn – elkaar helpen, is vaak beschreven. Er zijn indringende waarnemingen van een stervende matriarch, die door een ander vrouwtje uit de groep op de been wordt geholpen.

Ook voor jongen wordt collectief gezorgd. Als een jong klem zit in een greppel, schiet de moeder te hulp. Andere vrouwtjes uit de groep helpen vaak ook. Het geschrokken jong mag vaak even drinken bij één van de vrouwtjes – iets wat zeker op troost lijkt.

Het is echt troosten, zegt Plotnik nu. Hij toonde aan dat olifanten veel vaker aardig doen als er eerst één geschrokken was.