Het ziet er verraderlijk mooi uit

Een publiekssucces én een geheide Oscarwinnaar // Deze slavernijfilm is een meesterwerk // Regisseur McQueen gebruikt oogverblindende schoonheid om de wreedheid te benadrukken

Illustratie Thinkstock

Om te voelen wat slavernij is, heb je een held nodig. Een held die het lot van slaaf zijn niet accepteert, net zoals de kijker het niet accepteert. En wil je dat er mensen komen kijken, dan moet de held ook winnen. Een filmmaker vertelde ooit dat ze een ‘authentieke’ holocaustfilm wilde maken waarin iedereen stierf. Dat werkte niet.

In deze film is de held Solomon Northup, een vrije zwarte violist en timmerman die in 1841 werd gedrogeerd en verkocht als slaaf op de plantages van Louisiana. Hij gaf nooit de moed op en herwon zijn eigen vrijheid. Hij is een klassieke held. En hij heeft echt bestaan.

In zijn relaas, en de voortreffelijke verfilming van McQueen, is hij sluw en wendbaar genoeg om te overleven. En wilskrachtig, hoopvol en koppig genoeg om zijn doel – vrijheid, zijn familie terug – niet uit het oog te verliezen. Chiwetel Ejiofor speelt hem met de juiste mix van kwetsbaarheid en waardigheid. Een held die vernederingen slikt, veinst en zichzelf klein maakt, maar zonder te breken.

McQueens slavernijfilm is mainstream, én grimmig

Eigenlijk is het verbijsterend dat er vóór 12 Years nauwelijks een Amerikaanse film was met een slaaf als held. Des te beter dat McQueen zijn enorme talent als visueel artiest en verteller inzet voor dit vrij toegankelijke avontuur. Zijn eerdere films hadden lang niet het bereik van 12 Years a Slave. Met zijn toeristische camerawerk en – spaarzaam en smaakvol ingezette – cellothema van Hans Zimmer is de film mainstream. En toch grimmig en compromisloos.

McQueen gebruikt schoonheid namelijk om de wreedheid, willekeur en systematische vernedering van slavernij te accentueren. Northup die plots op een lynchpartij stuit. Patsey (Lupita Nyong’o) die gehuld in kant en tule thee nipt op een zonovergoten veranda, om even later zo genadeloos de zweep te krijgen dat haar rug een reliëfkaart van bloed en vleesrafels wordt. Of het sterkste beeld: Northup met de nek in een strop, balancerend op zijn tenen om niet te stikken, terwijl zijn medeslaven in de schemering hun werkdag beginnen. Horror in een decor van wolkenvelden katoen, neuriënde slaven en withouten landhuizen.

Slavernij is een systeem dat goede mensen verachtelijke dingen laat doen in 12 Years a Slave. Northups eerste eigenaar William Ford (Benedict Cumberbatch) waardeert zijn intelligentie en geeft hem een viool. Bij hem was Northup misschien een Oom Tom geworden die zich met zijn lot verzoende, fiedelend voor zijn negerhut.

Voor slaven was niets zeker

Maar zijn kansen keren: als hij zich verweert tegen een jaloerse blanke voorman, moet hij aan de strop. Ford redt hem daarvan, maar verkoopt hem daarna wel aan een regelrecht monster. Hij weet dat Northup een vrij man is, maar negeert dat. Northup is tenslotte ook zwart, dus rechteloos. En flink wat geld waard.

Northups nieuwe baas, plantagehouder Edwin Epps, is zo’n verknipte psychopaat dat acteur Michael Fassbender van deze sterke cast de Oscar nog het meest verdient. Epps is een dieptrieste knoop tegenstrijdige impulsen die met echte en verzonnen bijbelteksten zijn wankele heerschappij schraagt. Hij hongert naar liefde, maar weet dat hij haat zaait, wat hem paranoïde en onvoorspelbaar maakt. Het zwaarst lijdt katoenplukker Patsey, door Epps radeloos bemind. Zij kan zijn liefde niet beantwoorden noch liefde veinzen, hoe hard hij haar ook slaat en verkracht.

Bij Edwin Epps loopt iedere slaaf continu op zijn tenen, met de nek al bijna in de strop. Dat toont de irrelevantie van argumenten om de horreur van slavernij te verzachten: plantagehouders waren vaak welwillend familiaal, slaven hadden het als kostbaar bezit vaak beter dan vrije arbeiders.

Dat zal best, maar één terloopse transactie en je verloor je kinderen of viel in handen van een sinistere verkrachter. En dan kwam geen held je redden, laat staan de wet.