‘Bij beelden Kiev voel ik dezelfde buikpijn als in 1989’

De Duitse president ziet parallellen tussen de opstand in Oekraïne en de periode vlak voor de val van de Muur.

Toen hij een paar weken geleden op de Veiligheidsconferentie in München zei dat Duitsland een grotere rol moest spelen in de wereld, wilde hij niemand schrik aanjagen. De Duitse bondspresident Joachim Gauck benadrukt in een gesprek gisteravond in het paleis Schloss Bellevue met de buitenlandse pers dat hij alleen „velen wilde bemoedigen”. En hij bedoelt: veel functionarissen in eigen land. Daarin lijkt hij overigens wel geslaagd: zo reisde vandaag minister van Buitenlandse Zaken Frank-Walter Steinmeier (SPD) samen met zijn Poolse en Franse collega’s naar Oekraïne om te bemiddelen in de crisis.

De bondspresident benadrukt dat hij als staatshoofd geen „operationele opmerkingen” kan maken, maar indirect spoort Gauck Europa ook nu weer aan actie te ondernemen. Hij verwijst naar zijn persoonlijk geschiedenis als predikant en later burgerrechtenactivist in de voormalige DDR. „Wij voelden ons alleen gelaten door het Westen toen burgers in Oost-Duitsland in 1953 rebelleerden. En weer in 1961 toen er een muur werd gebouwd in Berlijn. En opnieuw in 1968 toen de burgers in Praag in opstand kwamen. En toen ik de beelden zag van Oekraïne, voelde ik weer de buikpijn die we hadden toen we [vóór de val van de Muur] in 1989 op straat stonden en niet wisten of de ‘Grote Broer’ in de Sovjet Unie ook nu weer tanks op ons af zou sturen.”

In de hoge, stijve Grote Zaal van het Pruisische paleis roept Gauck de ongedwongen stemming van een pub quiz op door volkomen op zijn gemak de meest uiteenlopende vragen te beantwoorden na daar eerst een momentje neuriënd over te hebben nagedacht. Waarom ging hij niet naar de omstreden Winterspelen in Sotsji? „Omdat dat niet verplicht was.” Wat vond hij ervan dat het Nederlands vorstenpaar wel gegaan was? „Dat moest de collega helemaal zelf weten”. Hoe kijkt hij aan tegen Turkije? „We moeten praten over het optreden van de autoriteiten tegen de burgerrechtenbeweging daar. De democratie in Turkije is nog niet in gevaar.” Wat denkt hij van immigratie? „Duitsland kan nog meer vluchtelingen uit Syrië opnemen”. Hoe ziet hij de verhouding tussen christenen en moslims? „Ik zie geen botsing tussen christenen en moslims. Wel tussen seculieren en gelovigen. Veel Duitsers vinden het al fundamentalistisch als iemand bidt.”

Gauck staat het langst stil bij de relatie met het Oosten, met de Russen. Hij beschouwt zichzelf als een man uit Oost-Europa voor wie vrijheid, burgerrechten en democratie niet vanzelfsprekend zijn. Datzelfde geldt, volgens hem, voor de bondskanselier. Daarom is Duitsland nu ook zo betrokken bij Oekraïne. „Het Westen greep in het verleden nooit in. Dat was logisch. Daarvoor was de vrede te kostbaar”, zegt Gauck. En in de richting van de tafel met Russische correspondenten zegt hij: „Niemand in Europa is blij als Oekraïne niet bij de Europese Unie kan komen. Dat gaat niet om de uitbreiding van een invloedssfeer. Maar om een bevolking die zelfbeschikkingsrecht heeft.”