Zachtaardige ijsbeul bezorgt Sven Kramer nieuw trauma

Elfstedentochtwinnaar Henk Angenent noemde hem de beste schaatser ter wereld. Jorrit Bergsma wint overal. Op slopend natuurijs. En in windstille hallen.

Binnen de koude wereld van het marathonschaatsen staat hij bekend als een meedogenloze ijsbeul. Gewetenloos, als hij ergens zijn zinnen op heeft gezet. Eenmaal over de finish verandert hij in een zachtaardig, bijna verlegen mens. „Een lieve jongen”, zoals zijn coach Jillert Anema hem typeert.

Jorrit Bergsma (28), die innemende Fries met zijn jongensachtige lach, zadelde gisteren provinciegenoot Sven Kramer in de Adler Arena in Sotsji op met een nieuw olympisch trauma dat hem nog lang zal heugen.

„De beste schaatser ter wereld”, oordeelde Henk Angenent, de laatste winnaar van de Elfstedentocht, twee jaar geleden al over Bergsma, van huis uit fietsenmaker. Die had toen net een loodzware marathon over honderd kilometer gewonnen op natuurijs, de NK in Emmen. Dat is precies wat Angenent bedoelde: Bergsma kan alles: hij won wedstrijden over tweehonderd kilometer, of honderd, of tien of vijf – op spiegelgladde vloeren in aangename, windstille hallen, maar ook op natuurijs met scheuren, wind en strenge vorst. Over allrounden gesproken. „Dat kan niemand in de hele wereld”, zei Angenent destijds.

Maar het scheelde maar weinig of de gouden medaille van gisteren was bijgeschreven op het conto van Kazachstan.

Het was een jaar of vijf geleden dat Anema na een verloren marathon van zijn BAM-ploeg met de pest in zijn lijf thuiskwam – totdat er een licht bij hem opging. Hij had die avond nog eens goed gekeken naar die jonge rijder met die aparte slag. „Ik dacht: ik moet Jorrit in mijn team hebben”, zei hij gisteren in de Adler Arena.

Nog diezelfde avond reed Anema terug naar Thialf om Bergsma vast te leggen. Een wild plan om al in Vancouver op de Spelen te rijden leidde tot een naturalisatieverzoek in Kazachstan, maar de internationale schaatsunie (ISU) stond het de Nederlandse schaatser niet toe. En om voorgoed als Kazach door het leven te gaan ging misschien ook wel wat ver. „Ik ben nu wel blij dat het zo gelopen is”, erkende Bergsma gisteren.

De tien kilometer van Vancouver, zo dramatisch verlopen voor Kramer, zag Bergsma nog samen met een vriend op tv, in Kampen. Maar onder de vleugels van Anema groeide Bergsma zo snel dat hij een jaar later voor Nederland wereldbekers mocht rijden. Wat hij allemaal won, en waar, tekent de enorme veelzijdigheid van het schaatsdier Bergsma: wereldbekerwedstrijden op de langebaan, marathons, de Alternatieve Elfstedentocht over 200 kilometer, het NK marathon op natuurijs in 2010 en 2012, de tien kilometer op de WK afstanden van vorig jaar. Bergsma schakelt moeiteloos om. „De hardheid die je krijgt op de marathon kun je weer gebruiken op de langebaan”, zei hij twee jaar geleden in deze krant. Kramer weet er inmiddels alles van.

Bergsma is gewoon sneller

Bergsma, die na Sotsji zal trouwen met de Amerikaanse schaatsster Heather Richardson, is er trots op: de eerste marathonschaatser die olympisch kampioen werd. Of hij het goud zou willen inruilen voor een zege in de Elfstedentocht? „Als Fries en als marathonschaatser is de Elfstedentocht natuurlijk het ultieme – maar dit komt aardig in de buurt”, zei hij diplomatiek.

Eerlijk is eerlijk: Anema riep al een jaar of drie dat Bergsma in staat was Kramer te verslaan. „Sven is een groot vakman, hij haalt eruit wat erin zit. Maar hij is niet snel: je ziet aan zijn beweging dat hij op zijn limiet rijdt. Zijn persoonlijk record op de 500 meter is 36 seconden. Als je die snelheid niet hebt, is het altijd gevaarlijk.” Anema ziet in het lichaam van Bergsma een hogere maximale snelheid.

Een jaar geleden zag Bergsma de bevestiging van de theorieën van zijn coach. Op dezelfde baan in Sotsji versloeg hij Kramer tijdens de WK afstanden, maar destijds wist Bergsma precies wat hij moest rijden. Gisteren, om het olympisch goud, mocht Kramer als laatste de baan op. Twee ronden voor het einde brak hij op de tijd van Bergsma, met 12.44,45 een fenomenaal wereldrecord op zeeniveau. „Een heroïsche tien kilometer”, straalde Anema.

Ondertussen is Bergsma al de derde van de zes Nederlandse kampioenen in Sotsji die vanuit een andere discipline de langebaanelite naar de kroon steekt, na inlineskater Michel Mulder en shorttrackster Jorien ter Mors. Het tekent de stille revolutie die zich de laatste jaren in de Nederlandse schaatswereld heeft voltrokken. Nog niet zo lang geleden was het ondenkbaar, de kruisbestuiving tussen langebaanschaatsers, shorttrackers en inlineskaters.

Na de coup van Ter Mors is de opmars van Bergsma het nieuwste bewijs dat de langebaan nog lang niet is uitontwikkeld. Kan niet bestaat niet: het is misschien wel het grootste geheim achter de adembenemende goldrush van TeamNL aan de Zwarte Zee.