Oud-collega van ‘de echte’ Wolf voelt zich belachelijk gemaakt en klaagt Scorsese aan

Martin Scorsese en Paramount Pictures worden voor de rechter gesleept door Andrew Greene. Greene was vroeger een collega van Jordan Belfort, op wiens carrière de bijzonder goed ontvangen Hollywoodhit The Wolf of Wall Street is gebaseerd.

De makers van de film zijn door Greene aangeklaagd voor 25 miljoen dollar, zo schrijft showbizzsite TMZ vandaag. Daarnaast eist hij alle kopieën van de film op, die hij bovendien uit de bioscopen wil halen.

Scorsese en zijn collega’s zouden zich schuldig hebben gemaakt aan smaad: Greene vindt dat hij wordt afgeschilderd als een hoerenlopend, toupetdragend, drugsgebruikend feestbeest. Hij voelt zich schandalig belachelijk gemaakt om zijn kaalheid en hij vindt dat er een onjuist beeld van hem wordt neergezet. De film beschadigt volgens Greene zijn carrière terwijl niemand van de makers ooit zijn toestemming heeft gekregen om zijn naam of identiteit voor de film te gebruiken.

‘Wigman’

Nicky Koskoff is de naam van het personage uit The Wolf dat op Greene is gebaseerd, die wordt gespeeld door P.J. Byrne. In de trailer van de film is Koskoff een paar keer kort te zien, bijvoorbeeld op seconde 54:

Volgens de site wolfofwallstreet.infowas Andrew Greene een jeugdvriend van Belfort, en is hij later door Belfort benoemd tot hoofd van de financiële afdeling van zijn bedrijf Stratton Oakmont Inc. De twee heren leerden elkaar kennen op de middelbare school, maar ze verloren elkaar uit het oog. Greene leidde namelijk een zeer teruggetrokken leven uit schaamte voor zijn haarverlies, een proces dat bij hem al op zeer jonge leeftijd begon.

Jaren later, toen hij al volledig kaal was, had Greene een rechtendiploma op zak en voegde zich bij het team van Belfort bij Stratton. De bijnaam ‘Wigman’ kreeg al snel toegewezen dankzij zijn, volgens zijn collega’s, bijzonder slecht ontworpen toupet. In de film wordt hij naast Wigman ook vaak ‘Rugrat’ genoemd.

Waar is de moraal in The Wolf of Wall Street?

Recensenten zijn wereldwijd lyrisch over de film, maar sinds het verschijnen van The Wolf is de discussie ontstaan of de film moreel verantwoord is. Zo zou de film vrouwen minachten en het leven van hebzuchtige schurken verheerlijken. Daar viel ook Christina McDowell over, voorheen Christina Prousalis genaamd en dochter van Tom Prousalis. Hij werd veroordeeld voor aandelenfraude op enorme schaal, en een stroom aan schuldeisers en armoede was het gevolg voor zijn hele gezin.

McDowell schreef een open brief aan de makers van The Wolf, een pleidooi tegen de film en de manier waarop het gedrag van Belfort en de zijnen wordt geportretteerd:

“So here’s the deal. You people are dangerous. Your film is a reckless attempt at continuing to pretend that these sorts of schemes are entertaining, even as the country is reeling from yet another round of Wall Street scandals. We want to get lost in what? These phony financiers’ fun sexcapades and coke binges? Come on, we know the truth. This kind of behavior brought America to its knees.

And yet you’re glorifying it - you who call yourselves liberals. [...] You drive a Honda hybrid, Leo. Did you think about the cultural message you’d be sending when you decided to make this film?”

Een tegengeluid tegen de diverse aanklachten komt onder anderen van Paroolrecensent Mark Moorman:

“Al in het eerste kwartier, als we zien hoe op het kantoor van Stratton Oakmont het weekend wordt ingeluid, met seks, drugs en nog meer drugs, krijgt een secretaresse tienduizend dollar aangeboden om kaal te worden geschoren: just for kicks. En daar zit ze dan, met half weggeschoren haar, tranen in haar ogen, geld in haar schoot geworpen, tegenover haar collega’s die in een schuimbekkende menigte zijn veranderd.

Scorsese laat de camera in een voortdurende glijvlucht over de duistere taferelen glijden; altijd op zoek naar beelden die ons in het hoofd van zijn intense personages kunnen plaatsen. [...] Wolven zijn het, die weten dat ze op een vulkaan leven. In het laatste beeld van The wolf of Wall Street zien we hoe een groep mensen afwachtingsvol naar spreker Jordan Belfort kijken, in afwachting van zijn wijze woorden. Schapen, vlak voor de slacht. Die schapen, dat zijn wij. Daar is je moraal.”