China, spreek Noord-Korea eens aan!

Het belang van het huiveringwekkende rapport dat een commissie van de Verenigde Naties maandag uitbracht over de gevangenkampen van Noord-Korea, is groot. Niet omdat het nieuws is dat het stalinistische regime 80.000 tot 120.000 van zijn eigen burgers in onmenselijke omstandigheden vasthoudt. Via voormalige gevangenen is al eerder veel bekend geworden over de vernederingen, de martelingen, de permanente honger, de indoctrinatie, de ontvoeringen, de executies en de cynische manier waarop gezins- en familieleden tegen elkaar worden uitgespeeld.

Maar het rapport, gebaseerd op meer dan 300 openbare en vertrouwelijke getuigenissen van slachtoffers en anderen, is zo uitgebreid en gedetailleerd dat het de bekende feiten opnieuw onthutsend maakt. En het internationale debat erover onontkoombaar. „Dit zijn misdaden die het geweten van de mensheid schokken”, zei de voormalige Australische rechter die de commissie voorzat. „We kunnen niet zeggen dat we het niet wisten.”

Om zijn boodschap kracht bij te zetten vergeleek hij de Noord-Koreaanse hel met de toestand in de Duitse concentratiekampen in de jaren dertig en veertig. Hoewel in Noord-Korea geen vernietigingskampen zijn, herinneren veel van de gruwelen die er worden begaan inderdaad aan die zwarte bladzijde uit de geschiedenis. In veel gevallen gaat het om misdaden tegen de menselijkheid. En veel mannen, vrouwen en kinderen overleven hun gevangenschap niet.

De commissie schroomt niet China onomwonden te kritiseren voor de harteloze manier waarop het Noord-Koreaanse vluchtelingen terugstuurt – rechtstreeks in de armen van het wrede regime. Het is binnen de VN uitzonderlijk dat een permanent lid van de Veiligheidsraad zo hard de les wordt gelezen, maar het werd hoog tijd. De Chinese regering heeft de kritiek verontwaardigd van de hand gewezen, maar het is terecht dat de aandacht van de wereld nu ook op haar is gericht. Als er één land is dat invloed heeft op het naar binnen gekeerde regime van Kim Jong-un, dan is het China.

Beijing is met reden bezorgd om de stabiliteit in de regio, en om de onberekenbaarheid van het met een kernwapen en raketten bewapende land. Maar dat China Noord-Korea niet aanspreekt op de volstrekte minachting voor de mensenrechten, is beschamend. Het is winst dat dit rapport daar de aandacht op vestigt.

De commissie bepleit tot slot dat de VN-Veiligheidsraad de toestand in Noord-Korea aan de orde stelt bij het Internationaal Strafhof. Maar niet alleen zal China dat verhinderen. Het zou Kim Jong-un voorlopig alleen maar aansporen zich verder te verschansen in zijn gevaarlijke en totalitaire staat.