Bedrijven roepen vaker hulp in vanwege fraude

Fraudeadvocaten hebben het druk en breiden hun praktijk uit.

Nederlandse bedrijven huren steeds vaker advocaten in om omkoping door buitenlandse vestigingen te voorkomen of te bestrijden. Fraudeadvocaten melden dat ze het aantal verzoeken van cliënten om bijstand in verband met fraude in vijf jaar sterk hebben zien toenemen.

Dat blijkt uit een rondgang langs vijf van de grootste advocatenkantoren met een afdeling gespecialiseerd in financieel economisch strafrecht.

Advocatenkantoor Allen & Overy zag het fraudewerk de afgelopen jaren verdubbelen, zegt partner Hendrik Jan Biemond. Advocatenkantoor Houthoff Buruma schat de toename op 25 procent. De afdeling van het grootste advocatenkantoor op dit gebied, De Brauw, groeide in acht jaar tijd van 4 naar 28 mensen, zegt partner Marnix Somsen. De Brauw breidt het kantoor in New York zelfs uit met een afdeling die Nederlandse bedrijven daar bijstaat. Ook fraudeadvocaten van de andere kantoren geven aan dat de vraag vanuit bedrijven is toegenomen.

Advocaten zeggen dat Nederlandse bedrijven alerter zijn omdat corruptie actiever opgespoord wordt door justitie in de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk. Maar ook het Nederlandse Openbaar Ministerie (OM) is volgens de advocaten de laatste jaren actiever geworden in het opsporen van omkoping door Nederlandse bedrijven in het buitenland.

Het OM laat weten de afgelopen jaren te hebben „geïnvesteerd in kennis en expertise” om fraudezaken op te sporen. Maar de ontwikkeling gaat de Oeso, de club van rijke landen, nog niet snel genoeg. Vorig jaar kreeg Nederland nog kritiek van de Oeso vanwege laksheid bij het opsporen en vervolgen. Volgens advocaat Joost Italianer van NautaDutilh heeft de Nederlandse wet die omkoping verbiedt lang „een slapend bestaan” geleid.