De ene medaille is de andere niet

Teleurstelling bij de favorieten Koen Verweij en Ireen Wüst na hun zilver op de 1.500 meter // Terwijl anderen juist blij waren met brons

17 medailles voor Nederland:1. Knegt, brons shorttrack 1.000m;2. Verweij, zilver 1.500m; 3. Ter Mors, goud 1.500m;4. Wüst, zilver 1.500m;5. Van Beek, brons 1.500m;6. Groothuis, goud 1.000m;7. M. Mulder, brons 1.000m;8. Wüst, zilver 1.000m;9. Boer, brons 1.000m;10. Boer, brons 500m;11. M. Mulder, goud 500m;12. Smeekens, zilver 500m;13. R. Mulder, brons 500m,14. Wüst, goud 3 km;15. Kramer, goud 5 km,16. Blokhuijsen, zilver 5 km; 17. Bergsma, brons 5 km.
17 medailles voor Nederland:1. Knegt, brons shorttrack 1.000m;2. Verweij, zilver 1.500m; 3. Ter Mors, goud 1.500m;4. Wüst, zilver 1.500m;5. Van Beek, brons 1.500m;6. Groothuis, goud 1.000m;7. M. Mulder, brons 1.000m;8. Wüst, zilver 1.000m;9. Boer, brons 1.000m;10. Boer, brons 500m;11. M. Mulder, goud 500m;12. Smeekens, zilver 500m;13. R. Mulder, brons 500m,14. Wüst, goud 3 km;15. Kramer, goud 5 km,16. Blokhuijsen, zilver 5 km; 17. Bergsma, brons 5 km. Foto’s AP, AFP, ANP, Reuters

Minutenlang zit hij met zijn hoofd naar beneden op de kussens in de binnenbaan, de handen in zijn haren. Vijftien tellen had er voor zijn naam een ‘1’ gestaan, wist Koen Verweij. Vijftien tellen goud. Langer niet.

Dan heft hij het hoofd omhoog. Tegenover hem, op het grote scorebord, ziet hij nog een keer wat hij al weet: 1. Zbigniew Brodka 1.45,00; 2. Koen Verweij 1.45,00. Drieduizendste van een seconde te traag voor goud. Over het middenterrein van de Adler Arena vliegt een bidon. Met een gezicht als een oorwurm staat Verweij op het podium. Huldiging voor olympisch zilver op het koningsnummer, de 1.500 meter? „Ik verlies hier gewoon.”

Eén hal verderop op het olympisch park, in het Iceberg Skating Palace, was shorttracker Sjinkie Knegt een paar uur eerder op zaterdagmiddag juist „superblij” met zijn bronzen medaille. De behendige Fries schreef op de 1.000 meter historie met de eerste olympische medaille voor Nederland in het shorttrack, een discipline die wordt gedomineerd door Koreanen, Chinezen, Canadezen en Amerikanen. Knegt, die vorig jaar al eens zilver behaalde op de WK in Debrecen, was geëmotioneerd door de grootsheid van het evenement. „Dit is niet iets wat je zomaar doet.”

Ireen Wüst probeerde gisteren haar emoties in toom te houden na haar tweede plaats op de 1.500 meter. „Dit voelt wel een klein beetje als verliezen”, sprak ze slechts. Maar uit de manier waarop ze zich zo snel mogelijk uit de voeten maakte, bleek dat de teleurstelling dieper zat. Hoe logisch. Regerend olympisch en wereldkampioen, torenhoog favoriete was ze op haar lievelingsafstand, na eerder goud op de drie kilometer en zilver op de 1.000 meter. Maar geen moment kon ze gisteren de winnende tijd van Jorien ter Mors bedreigen. Slechts zilver. „Het is nog even moeilijk om te incasseren.” Al omhelsde ze na afloop wel direct de winnares.

Intussen rende Lotte van Beek met een grote glimlach door de Adler Arena. Spontaan pakte ze een rood-wit-blauwe wimpel en zwaaide naar de fans. Haar beste race ooit, derde plaats, vóór ploeggenote Marrit Leenstra. „Ik ben zeker blij met mijn bronzen medaille”, jubelde de 22- jarige olympisch debutant.

De ene olympische medaille is de andere niet. Jan Ykema sprong in 1988 in Calgary op onvergetelijke wijze een gat in de lucht voor een nooit verwachte tweede plaats op de 500 meter, achter de ongenaakbare Duitse Uwe Jens Mey. Ronald Mulder straalde in Sotsji van oor tot oor na zijn brons op de 500 meter, al was het maar omdat tweelingbroer Michel goud had. Zoals Margot Boer ook dol van vreugde over het middenterrein rende na brons op de 500 en 1.000 meter. Eindelijk geen vierde plaats maar een podiumprijs.

Dat zag Leo Visser toch anders, toen hij in Albertville in 1992 op een bankje naast de baan moest toezien hoe de Noren Johann Olav Koss en Ådne Søndral net sneller reden op de 1.500 meter, voor Visser de laatste race van zijn carrière. Geen goud maar brons. Visser vloekte zo hard dat het debutant Rintje Ritsma, die naast hem zat, veiliger leek om strak vooruit te blijven kijken.

„Gvd dit kan niet”, riep Bart Veldkamp in 1994 in Hamar, waar Koss hem zijn olympische titel op de tien kilometer afnam. Brons? Het liefst wilde de Hagenaar de huldiging overslaan. Terwijl hij vier jaar later in Nagano juist dolgelukkig in de armen viel van vader en coach Hans, na zijn derde plaats op de vijf kilometer. Als eerste ‘schaatsbelg’ een medaille.

Verweij (23) kon zaterdag onmogelijk ontevreden zijn over zijn race. Vier jaar geleden kwam de West-Fries niet in de buurt van kwalificatie voor de Spelen, en werd hij bij TVM weggestuurd met een teveel aan branie en tekort aan trainingsijver. Dit jaar keerde hij als volwassen sporter terug. Zijn 1.45,00 is een wereldtijd op een laaglandbaan. De Pool Brodka is al twee jaar lang de regelmatigste van de wereld op de schaatsmijl. Maar verliezen met 0,003 seconde? „Ik hoop dat ik blij kan zijn met zilver”, sprak Verweij sip. Ooit.

Hoever gaat olympisch goud boven zilver? Ritsma wordt regelmatig genoemd in een rijtje grote kampioenen die niets wonnen op de Spelen, net als Hilbert van der Duim en Hein Vergeer. Al behaalde de viervoudig wereldkampioen allround nog altijd twee keer zilver en vier keer brons. Maar geen goud.

Verweij verkeert bij TVM constant in de ‘gouden’ omgeving van Sven Kramer (vijf kilometer) en Wüst (drie kilometer). „Ik krijg op mijn flikker van Kramer”, besefte hij meteen na zijn tweede plaats. Wüst, zijn kamergenoot in het olympisch dorp, stuurde ’s avonds een getergde tweet de wereld in. Oneerlijk dat er geen twee gouden medailles waren uitgereikt. Toen wist ze nog niet dat ze een dag later zelf ook genoegen moest nemen met zilver. Verweij zelf legt zich nog lang niet neer bij een carrière zonder goud. Over vier jaar is hij terug op de Spelen. „Ik moet en zal hem hebben.”