‘Stedelijk Museum moet ruimte bieden aan niet-westerse kunst’

Het Stedelijk Museum in Amsterdam zou meer aandacht aan niet-westerse kunst moeten besteden. En er moet meer ruimte komen voor jonge Nederlandse kunstenaars. Dat blijkt uit een rondgang die deze krant heeft gemaakt langs deskundigen uit de kunstwereld. Zij geven tien aanbevelingen aan de nieuwe directeur, die binnenkort bekendgemaakt wordt.

De benoemingsprocedure van de opvolger van directeur Ann Goldstein, die in november vertrok, is bijna afgerond. Het Stedelijk heeft daartoe een externe adviseur aangesteld: John Leighton, algemeen directeur van de Schotse National Galleries en oud-directeur van het Van Gogh Museum. Hij heeft gesprekken gevoerd met de vijf kandidaten die de eindronde hadden gehaald. Namen die de afgelopen maanden circuleerden waren vooral die van Beatrix Ruf, directeur van de Kunsthalle in Zürich, en Rein Wolfs, directeur van de Kunsthalle in Bonn. Ook Bart De Baere, directeur van het Muhka in Antwerpen, en Dirk Snauwaert, directeur van Wiels in Brussel, worden genoemd. Met twee zou het museum nog in gesprek zijn.

Vooruitlopend op die benoeming vroeg NRC Handelsblad acht galeriehouders, kunstenaars en verzamelaars wat zij van de nieuwe directeur verwachten. „Verloochen nooit je thuisfront”, is een advies, maar ook: „Kijk naar wat er bijvoorbeeld in Afrika, Azië of Zuid-Amerika gebeurt.” Volgens de experts moet het Stedelijk zich niet willen meten met grote musea als Tate Modern of het MoMA. „Het gevaar dreigt nu dat het Stedelijk een tentoonstellingsmachine wordt”, zegt critica Anna Tilroe. Het museum moet weer het avant-gardistische karakter krijgen, vinden de ondervraagden .