Plasterk belooft niet meer te speculeren

Brenno de Winter, IT-journalist voor onder meer NU.nl, zit in de wandelgangen van de Kamer tijdens het debat met Plasterk en Hennis.
Brenno de Winter, IT-journalist voor onder meer NU.nl, zit in de wandelgangen van de Kamer tijdens het debat met Plasterk en Hennis. Foto David van Dam

Met uitgebreide verontschuldigingen en de toezegging zich in de toekomst zorgvuldiger te gedragen, probeerde minister Ronald Plasterk (PvdA) gisteren grote twijfels bij oppositiepartijen over zijn functioneren weg te nemen.

Hoewel coalitiepartijen VVD en PvdA de minister van Binnenlandse Zaken leken te steunen, was dat bij de deadline van deze krant niet vanzelfsprekend voor andere partijen . En welke conclusies Plasterk zelf zou trekken uit de hevige kritiek van oppositiepartijen was ook nog onduidelijk.

Plasterk was in de problemen gekomen omdat hij de Tweede Kamer tegenstrijdige verklaringen had gegeven voor het feit dat de Amerikaanse afluisterdienst NSA beschikte over 1,8 miljoen belgegevens van Nederlandse herkomst.

Op 30 oktober legde hij uit dat die gegevens, gemeld in een publicatie van het Duitse blad Der Spiegel over spionageactiviteiten van de Amerikaanse afluisterdienst, door de Verenigde Staten zonder medeweten van Nederland moesten zijn verzameld. Dit was speculatie, maar Plasterk bracht het als feit. „Zeer onverstandig” noemde hij dit gisteravond. „Ik zal niet meer speculeren.”

Plasterk wist al snel dat zijn uitspraken over de belgegevens niet klopten. Niet de NSA had de data verzameld, de Nederlandse inlichtingendiensten had ze zelf aan de VS verstrekt. Geen gegevens van Nederlandse telefoongesprekken overigens, maar van gesprekken in het buitenland. Maar deze nieuwe informatie deelde Plasterk maandenlang niet met de Kamer, omdat hij daarmee de werkwijze van Nederlandse inlichtingendiensten zou blootgeven. Plasterk kwam pas op dat besluit terug toen hij naar eigen zeggen de echte herkomst van de 1,8 belgegevens moest bekendmaken om een civiele rechtszaak tegen de Staat over samenwerking met Amerikaanse inlichtingendiensten te winnen.

De voltallige oppositie toonde zich zeer kritisch over de plausibiliteit van deze verklaring en de geloofwaardigheid van de minister in het algemeen. Plasterk moest overigens in het debat ook toegeven dat hij door minister van Defensie Jeanine Hennis-Plasschaert (VVD) was aangesproken over zijn eerste verklaring. Zij had geadviseerd om zo weinig mogelijk over de geheime diensten te praten.