Opinie

Op naar het kwartaal van de waarheid

Het moet zo’n 40.000 kilometer per uur zijn, de snelheid die nodig is om aan de zwaartekracht van de aarde te ontsnappen. Komende vrijdag komt Nederland meer te weten over de ontsnappingssnelheid van de economie. Een eerdere poging om de recessie af te schudden, begin 2011, mislukte. Toen groeide de economie twee kwartalen achtereen meer dan 2 procent in vergelijking met een jaar eerder, en respectievelijk 1 procent en 0,6 procent ten opzichte van het vorige kwartaal.

Het bleek niet genoeg. Sinds het eerste kwartaal van 2011 tot het derde kwartaal vorig jaar was er sprake van zeven maal krimp ten opzichte van het vorige kwartaal, twee maal groei en éénmaal stilstand. Op jaarbasis is de vergelijking nog erger: vanaf het derde kwartaal van 2011 waren er acht kwartalen achtereen met krimp.

Dat maakt het vierde kwartaal van 2013, waarover het centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) komende vrijdag bericht, bijzonder. Er is zelfs een kleine kans dat er sprake is van economische groei op jaarbasis – de eerste maal sinds eind 2011.

De vraag is dan: wat is het momentum van de economie? Gaat het ditmaal hard genoeg om wel aan de recessie te ontsnappen? Dat is het beste af te lezen aan de economische groei van kwartaal op kwartaal. Het probleem daarbij is dat deze groei heel lastig te berekenen is. Kwartalen verschillen nogal: in het vierde, met zijn feestdagen, geven mensen bijvoorbeeld meer uit dan in het derde. Daar moet voor worden gecorrigeerd, om te voorkomen dat er een enorme groei wordt gerapporteerd, gevolgd door een even forse terugval van het feestelijke vierde naar het kalme eerste kwartaal.

Toch krijgt de groei op kwartaalbasis steeds meer de voorkeur – een trend die in de jaren negentig al uit de VS is komen overwaaien. Het resulterende cijfer mag dan wispelturig zijn. Het moet regelmatig meermalen achteraf worden gecorrigeerd. Het gaat gebukt onder onzekerheden over voorraden en restposten. Het is, volgens sommigen, veel te hijgerig. Maar het is er en het gaat niet meer weg.

Het voorspellen van de kwartaalgroei is, zo mag duidelijk zijn, notoir lastig. Maar, met heel veel slagen om de arm: de voortekenen voor het vierde kwartaal van 2013 zijn niet slecht. Een doorgaans goede voorspeller van de economische activiteit, de zogenoemde purchasing managers index, steeg naar zijn hoogste waarde sinds de vorige ontsnappingspoging in 2011. De industriële productie beleefde zijn beste kwartaal sinds destijds. Ook het vertrouwen van producten én consumenten ging omhoog naar waarden uit die tijd. De consumentenbestedingen in november groeiden met 0,2 procent op jaarbasis – de eerste toename sinds 2,5 jaar. Daar staat tegenover dat werkgelegenheid verder afkalft, maar dat is een maatstaf die altijd bij de conjunctuur achterloopt.

Het CBS heeft een aardige illustratie van de stand van de economie, de zogenoemde conjunctuurklok. Daaruit blijkt dat in de loop van het vierde kwartaal een meerderheid van de dertien onderzochte economische indicatoren een herstel vertoonde. Dat maakt optimistisch. In het derde kwartaal was er sprake van een economische groei van 0,2 procent ten opzichte van het kwartaal daarvóór. Je zou zeggen dat dit in het vierde kwartaal geëvenaard of zelfs iets verbeterd kan worden. Maar nogmaals: het cijfer is, zeker in eerste lezing, grillig. Wel lijkt het er op dat, als de kwartaalgroei in het vierde kwartaal een beetje meevalt, er voor het eerst weer een heel kleine, positieve groei op jaarbasis uit de bus kan komen. Genoeg snelheid voor het begin van een ontsnapping? Dat is nog te vroeg. Maar het zou zeer goed zijn voor de moraal.