Dit is een artikel uit het NRC-archief De artikelen in het archief zijn met behulp van geautomatiseerde technieken voorzien van metadata die de inhoud beschrijven. De resultaten van deze technieken zijn niet altijd correct, we werken aan verbetering. Meer informatie.
Bekijk hele krant

Economie

Negativiteit kan ik niet aan

Videomaakster en illustratrice Lize Korpershoek (28) doet alleen dingen die leuk of waardevol zijn. In de nieuwe filmreeks Post voor Petra speelt haar moeder de hoofdrol.

De belangrijkste missie van Lize Korpershoek is: mensen laten lachen. Daar is ze de hele dag zoet mee. In de video’s en illustraties die ze maakt, zit altijd een gebbetje. Tekenend daarvoor is de Spread the leuk-illustratie uit 2010, van een pindakaaspot vol ‘leuk’ en een mes. Of haar Tietshirt uit hetzelfde jaar; een hemd met een illustratie van een borst op hakken – dat was tegelijkertijd een manier om te dealen met een vroegere onzekerheid over haar kleine borsten. Het werk van Korpershoek is vaker autobiografisch.

Zij verwierf bekendheid door de YouTube-reeks Op pad met Petra (2012-2013), waarin ze moeder Petra mee uit neemt. In filmpjes van ongeveer vier minuten praten ze aan de keukentafel na over wat ze samen hebben gedaan. De reeks past in Korpershoeks expeditie om mensen te laten lachen. Moeder Petra was in de winter heel vaak down, en met de uitjes wilde Korpershoek haar opvrolijken. Dat lukte. Omdat Petra heel blij werd van reacties van kijkers, bedacht Korpershoek dat die kijkers iets terug verdienden. Het resultaat is nu de achtdelige reeks Post voor Petra: kijkers kunnen Petra in een brief om een gunst vragen. In de laatste aflevering vraagt schrijver Ronald Giphart bijvoorbeeld of ze voor even zijn invalmoeder wil zijn.

„Misschien moet ik dingen doen waarmee ik mensen laat nadenken over het leven, oorlogen of bijvoorbeeld de situatie in Kiev”, denkt Korpershoek soms. Maar die gedachte wimpelt ze dan meestal snel weg: „Je druk maken over dingen is belangrijk, maar het is leuker om te lachen.’’

Waarom vind je het belangrijk dat je werk grappig is?

„Ik heb het altijd belangrijk gevonden om mensen aan het lachen te maken. Misschien komt het doordat het mijn moeder best zwaar viel om twee kinderen alleen op te voeden – al jong probeerde ik met grappen haar humeur recht te trekken. Mijn zus en ik raakten getraind in anticiperen op haar gemoedstoestand. Als ik ergens binnenkom en er heerst een negatieve sfeer dan zie ik het als mijn taak om dat op te lossen en het leuk te maken. Ik kan negativiteit niet aan, denk ik. Waarschijnlijk volg ik het nieuws daarom ook niet zo nauw. Daar voel ik me best schuldig over. Ik wil wel op de hoogte van alles zijn, maar ik heb er geen ruimte voor in mijn hoofd. Ik ben blij dat er mensen zijn die zich boos maken over slechte dingen die in de wereld gebeuren, anders zou het overal een fucking bende zijn, maar ik houd me er gewoon amper mee bezig. Ik voel me tegelijkertijd best wel dom, nu ik dit zo zeg.’’

Veel twintigers nemen juist meer afstand van hun ouders. Waarom maak jij een filmpjesreeks met je moeder?

„Mijn vader overleed toen ik vijf was. Tijdens mijn studie in Amerika kreeg ik een opdracht: representeer iets wat je eigenlijk niet kunt representeren. Ik heb iemand gevraagd om mij te interviewen over herinneringen aan mijn vader, en dat heb ik gefilmd. Omdat ik zo jong was toen hij overleed, was er vrij weinig om op terug te grijpen. Maar ik wist nog dat hij de kat bij zijn nekvel greep en van tafel bonjourde tijdens het kerstdiner. En dat hij kruimeltjes om zijn mond had tijdens het barbecuen en ik daar moeite mee had. Ik herinner me nog dat hij in zijn kist lag en ik tegen mijn moeder zei: ‘Mam hij heeft geen sloffen aan, en het is hartstikke koud onder de grond.’ Ik vind het interessant dat dit juist dingen zijn die blijven hangen; in hun aanvankelijke irrelevantie relevant. Ik ben heel blij met het filmpje omdat het een eerlijk verhaal vertelt over iemand die me heel dierbaar is. Daarom besloot ik destijds om ook een videodocument over het leven van mijn moeder maken. Maar Op pad met Petra kwam er pas van nadat ik een periode overspannen was; na mijn burn-out besloot ik om alleen nog maar dingen te doen waar mijn hart in zit. Dingen die ik leuk of waardevol vind.”

Waardoor raakte je overspannen?

„Ik had een project bedacht om geld te verdienen voor een nieuwe laptop. Voor een paar euro tekende ik gekke poppetjes op profielfoto’s van sociale netwerksites. Het werd een groot succes. Ik kon de aanvragen bijna niet aan. En het bleek ook nog eens de beste acquisitie ooit: ik werd overladen met aanvragen van bedrijven die wilden dat ik filmpjes of illustraties voor ze maakte. En tegen alles zei ik ja. Dit is succes, dacht ik. Dat ik het ontiegelijk druk heb. Dat mensen op feestjes tegen me zeggen: ‘Dus jij bent Lize Korpershoek’. Ik heb een videodagboekfragment uit die tijd waarin ik zeg: ik ben nog nooit zo moe geweest. En toch ging ik door.”

Hoe voelt een burn-out?

„Ik voelde het voor het eerst toen ik live aan het tekenen was in Engeland, op een groot evenement van Wacom [een producent van tableaus waarmee je digitaal kunt tekenen]. Zes dagen achter elkaar, acht uur per dag. Na een werkdag kon ik niet meer praten, ik kon geen zinnen formuleren. Het kriebelde in mijn hoofd, ik weet niet hoe ik het anders moet zeggen. Een vreemd soort druk en jeuk. Ik had problemen met ademen en werd heel onrustig. Als ik in een winkel wilde pinnen en de automaat was stuk, dan dacht ik: error, error, ik moet nu weg. Ik kon niet simpelweg verzinnen dat er om de hoek misschien ook een automaat was. Telefoontjes wilde ik niet opnemen en e-mails wilde ik niet openen. Contact maken met mensen was te spannend. Het betekende dat ik nog meer energie moest geven. In september 2011 heb ik op pauze gedrukt. Daarna heb ik een half jaar bijna niet gewerkt. Ik speelde The Sims op Facebook, waarin je een huishouden moet runnen. Dat gaf structuur. In dat huishouden gebeurde wel precies wat ik wilde dat er gebeurde.’’

En nu doe je alleen nog wat je leuk vindt?

„Ik doe nu modellenwerk naast mijn werk als videomaakster en illustratrice. Ik sta bijvoorbeeld op de Zeemanfolder en in de Vriendin. Daar ligt mijn hart niet, maar daar ligt wel financiële en geestelijke rust. Omdat het heel ver weg staat van wat ik écht wil, kan het ernaast. Alleen maar werk doen dat je heel erg leuk vindt, kan het ook kapot maken. ‘Nee’ zeggen tegen opdrachten waar ik geen tijd voor of zin in heb, gaat me nu goed af.’’

Er is de laatste jaren veel gezegd en geschreven over opgebrande twintigers. Hoe komt dat?

„Het is zo sneu. Dat komt natuurlijk doordat er nu heel veel keuze is, er is heel veel twijfel over de toekomst en weinig duidelijkheid over het nu. Het is volgens mij vooral iets waar creatievelingen uit grote steden last van hebben, niet iedereen ziet de wereld hetzelfde. Als ik mezelf zo hoor praten denk ik ook: ja, ja, dat weten we nu wel. Je raakt een beetje verzadigd door al het gepraat erover. Maar het blijft interessant, want het zegt iets over onze tijd.’’