Met volledig oranje podium is Nederland nu ook sprintland

Net als de 5.000 meter domineert Nederland ook de internationaal sterk bezette sprintafstand. „Dit is te veel.”

Dat Nederland domineert in het allroundschaatsen, oké. En van een compleet oranje podium op vijf of tien kilometer kijkt de schaatswereld ook niet op. Maar de 500 meter mannen leverde nog nooit een wereldtitel op, laat staan olympisch goud.

In 1980 was er brons voor Lieuwe de Boer, acht jaar later zilver voor Jan Ykema. En dan nu in Sotsji ineens goud, zilver én brons? De uitslag stond er echt, na wat commotie en tijdcorrecties: 1. Michel Mulder, 2. Jan Smeekens, 3. Ronald Mulder. Voor het eerst in de historie van de Winterspelen won één land alle medailles op de kortste afstand.

„Dit is te veel”, stamelde viervoudig wereldkampioen Lee Kyu-hyuk uit Zuid-Korea, die zelf als achttiende eindigde. Decennialang was de kortste afstand het domein van rassprinters uit Azië of Noord-Amerika. Gisteren waren de beste Zuid-Koreanen, Japanners, Amerikanen en Canadezen met stomheid geslagen in de Adler Arena. „Nederlanders starten altijd veel te langzaam op de 500 meter”, sprak Lee. „Maar nu kunnen ze echt hard sprinten.”

Twaalf jaar geleden schreef de beginnende schaatscoach Jac Orie de trainingsschema’s die sprinter Gerard van Velde leidden naar een onvergetelijke gouden medaille op de 1.000 meter in Salt Lake City. In de jaren die volgden legden de twee de basis voor het huidige sprintsucces in Nederland. Bewegingswetenschapper Orie bouwde aan een ploeg die in eerste instantie vooral uitblonk op de middenafstanden, 1.000 en 1.500 meter. Tot hij in 2009 de beschikking kreeg over de pure sprintspecialist Smeekens, die overkwam van TVM. Met een uitgekiend programma van (kracht-) training maakte Orie ‘de Sallandse Japanner’, die net zo diep zit als de beste Aziaten, jaar voor jaar sneller.

Intussen zette Van Velde tegen de verdrukking in een ploegje op met de ‘tweederangs’ sprinters Ronald en Michel Mulder. Uitgelachen werd de Zwolse tweeling, met hun rare skeelerslag. Maar Van Velde geloofde erin, sprak zich keihard uit over het slechte sprintklimaat bij schaatsbond KNSB en bewees zijn gelijk door met de Mulders de wereldtop te halen.

Toen Ronald Mulder in 2010 zwichtte voor een lucratief aanbod van Orie, ontstond er even wat spanning tussen de twee sprintcoaches. Maar de progressie bleef. Michel Mulder werd in 2012 tweede op de 500 meter bij de WK afstanden, legde op de kortste afstand de basis voor zijn zeges bij de WK sprint in 2013 en 2014. Broer Ronald reed in 34,25 een Nederlands record. En Smeekens won vorig jaar liefst zeven wedstrijden op rij, om bij de WK afstanden genoegen te moeten nemen met brons. Het historische succes van Sotsji kwam zo bezien niet uit de lucht vallen. „Nederland sprintland”, concludeerden Orie en Van Velde afzonderlijk van elkaar.