Medailles, gemaakt van klatergoud

Michel Mulder, Ireen Wüst, Sven Kramer. Gouddelvers in Sotsji. Schaatsers in euforische stemming, maar ook al bezig met een volgende afstand waarop meer eremetaal is te verdienen. Gelijk hebben ze. Straks, in Nederland, wachten meer huldigingen.

De tol van de roem is een rekening die dan nog openstaat, en die ze hopelijk nooit hoeven te vereffenen. De stilte na het applaus, de leegte na het succes. Ian Thorpe, ex-topzwemmer uit Australië, is ermee geconfronteerd. Vijfvoudig olympisch kampioen, verzamelaar van negen olympische medailles, dertien keer wereldkampioen. Hobby, ooit: het vestigen van wereldrecords.

In een kliniek vraagt Thorpe, een man van 31, zich sinds vorige week af hoe het met zijn leven verder moet. De superster, vroeger tot gekmakend toe op handen gedragen, betaalt de tol van de roem. Of is geconfronteerd met de doem van de rol, zoals Neerlands Hoop ooit bezong. Hij is in het zwarte gat gedonderd waar hij al zolang inkeek. Zijn successen in het zwembad waren een façade.

Ze noemden hem Thorpedo. Flipper. Ferrari. Een reus van 1 meter 98, schoenmaat 52, voeten als zwemvliezen. Ze vonden hem een levende legende, zijn coach omschreef hem als het grootste fenomeen dat hij ooit had gezien. Al op vijftienjarige leeftijd werd hij wereldkampioen, de jongste ooit, op de 400 meter vrije slag. Hij werd viermaal wereldzwemmer van het jaar. Toen hij pas zeventien was wist zijn coach zeker dat Ian nooit onder de spanning zou bezwijken, omdat hij een uit zijn krachten gegroeide puber was die als een man van bijna veertig door het leven ging. Een verslaggever van NRC Handelsblad deed daar tien jaar van af, maar ook als dertiger is een zeventienjarige jongen al erg volwassen. Niet van zijn voetstuk te krijgen. Hij kon zich volledig afsluiten van de druk, zeiden ze, dachten ze, die in het sportgekke Australië op hem werd gelegd. Waar zwemmen een van de grootste sporten is. Iedereen kijkt.

En Ian werd rijk. Rijker dan een schaatser ooit met zijn sport zal worden. Bij Adidas tekende hij een contract dat ruim 6 miljoen euro waard was en andere sponsors stonden voor hem in de rij. Op posters, op billboards, in commercials, overal was de de beeltenis van Thorpe te vinden. Hij werd een internationaal idool. In Fukuoka, Japan, waar in 2001 de WK werden gehouden, stonden honderden fans, inbegrepen gillende tienermeisjes, elke dag bij zijn hotel te wachten. Een vrije slag in het water garandeerde Thorpe geen vrije loop op het droge. Ze huurden bodyguards voor hem in.

Goed, in sportief opzicht was er een smet. Juist op de Spelen van 2000 in Sydney werd Thorpe op de 200 meter verslagen door de vier jaar oudere Pieter van den Hoogenband, die ze The Dutch Dolphin noemden. Thorpedo versus Dolphin. Dolphin versus Flipper. Thorpedo nam later revanche.

Het was allemaal uiterlijke schijn. Op 24-jarige leeftijd, in 2006, stopte Ian Thorpe als een verzadigd man met zwemmen. Hij was al eens naar Californië gevlucht, om te ontsnappen aan de eeuwige aandacht van publiek en pers. Maar in 2012 deed hij een bizarre, mislukte poging om aan de top terug te keren. De verzadiging voorbij. De roem en de tol, de doem en de rol.

In zijn autobiografie This Is Me die eind 2012 verscheen, vertelde Ian Thorpe over de depressies waaraan hij al tijdens zijn zwemloopbaan leed. Pikzwarte dagen. Altijd geheimgehouden voor de buitenwacht, ook familie en vrienden. Hij vluchtte in de drank, dacht aan zelfmoord. Toen al.

Eerder deze maand zag de politie in een buitenwijk van Sydney een verwarde man die een poging leek te doen om in een auto in te breken. Een man, volgepropt met antidepressiva en medicijnen tegen een schouderblessure.

Ze brachten hem naar een kliniek en daar denken ze zes maanden nodig te hebben om de voormalige topzwemmer af te helpen van de grootste blessure uit zijn leven: zijn depressies. Zijn vader vraagt het publiek om hem met rust te laten. Misschien heeft Ian Thorpe wel zijn medailles bij zich.

Die weet hij nu, van klatergoud waren.