Cito ismeer dan alleen de eindtoets

Eindexamens in Kazachstan, toetsen in Pakistan, toetssystemen in Turkije, lesmethodes in de VS: de expertise van toetsbedrijf Cito is over de hele wereld te koop. Het bedrijf, in Nederland vooral bekend van de Citotoets, doet méér dan het maken van de eindtoets voor achtstegroepers. Zo verkoopt het dus kennis en kunde in het buitenland, en ontwikkelt het ook de eindexamens voor het Nederlands middelbaar onderwijs. Het toetsen van Buitengewone Opsporingsambtenaren? Cito. De examens van secretaresseopleiding Schoevers? Ook.

Het Centraal Instituut voor Toetsontwikkeling, gevestigd in Arnhem, heeft circa 600 werknemers en had in 2012 een omzet van 65 miljoen euro. De bekende eindtoets, die vandaag begint en door ongeveer 164.500 scholieren wordt gemaakt, is slechts goed voor een kleine 3 procent daarvan. Het merendeel van de omzet behaalt Cito met het leerlingvolgsysteem (LVS). Daarmee toetsen basisscholen gedurende de gehele schoolloopbaan de vaardigheden van leerlingen.

In het buitenland is Cito pas sinds zes jaar écht actief, zegt directeur Marten Roorda. Cito heeft nu kantoren in Duitsland, Turkije en Amerika. Roorda werkt sinds 2002 bij het bedrijf. Hoewel de uitbreiding in het buitenland bescheiden is – op het kantoor in Turkije werken zo’n vijftien mensen, in Duitsland vijf – staat Cito volgens Roorda toch in de toptien van de internationale toetsenmarkt. Grote concurrent is het Amerikaanse ETS.

Cito verkoopt producten en diensten via een stichting en een besloten vennootschap. Het gesubsidieerde werk valt onder de stichting – dáár gaat het geld van de overheid heen. De commerciële tak van het instituut, de bv, maakt verlies.

Het Cito is in 1968 opgericht door de Nederlandse overheid, waarna het in 1987 een publiekrechtelijke instelling werd. Nog eens twaalf jaar later werd het bedrijf geprivatiseerd. Tot dat moment ontving Cito altijd direct subsidie van de overheid. Sindsdien krijgt Cito subsidie voor specifieke projecten, zoals voor het organiseren van de eindexamens op middelbare scholen.

Vanaf 2015 zijn basisscholen wettelijk verplicht een eindtoets af te nemen. De overheid is daarmee verantwoordelijk voor het organiseren van een dergelijke toets, en heeft Cito daartoe de opdracht gegeven. Na protest van concurrenten mogen ook andere bedrijven een eindtoets leveren, mits getoetst door de overheid.

Nu nog wordt de Citotoets vanuit de bv aan scholen verkocht – een goedlopende handel, per kind betaalt een school rond de 19 euro. Als het vanaf volgend jaar verplicht wordt voor scholen om een eindtoets af te nemen, verschuift de Citotoets van de bv naar de stichting. De overheid is de financiële structuur voor de overige aanbieders nog aan het uitwerken.

Financieel en organisatorisch zijn de stichting en de bv strikt gescheiden, zegt Roorda. Maar intellectueel eigendom is moeilijk te begrenzen. Onderwijskundige zaken die met overheidsgeld in de stichting bedacht zijn, kunnen commercieel uitgebaat worden in de bv. Al gebeurt dat volgens directeur Roorda niet. „De meeste vernieuwing vindt plaats in de commerciële tak. De stichting profiteert daarvan.”