Gospel als weg naar de hemel

zongen al decennialang in de kerk. Hun cd ontstond toevallig, nu is er een tournee

Foto Daptone Records

Gospel is een zeldzaam verschijnsel op de Nederlandse poppodia. Als het wordt geprogrammeerd is het gospelsoul à la Aretha Franklin en Mavis Staples. The Como Mamas doen het deze week anders, zij staan op het podium alsof het hun eigen houten kerkje in het dorp Como, Mississippi is. Alles volledig a capella, want „onze kerken hebben geen geld om muzikanten in te huren”.

In de kleedkamer in Genk, waar ze net voor een braaf Vlaams publiek hebben gezongen, spiegelt het interview de zangstijl van de Mamas. Wanneer een van de drie aan het woord is, ondersteunen de anderen haar relaas met een onafgebroken „Hmmhmm” en „That’s right, that’s right”.

Op het podium is het meestal Ester Mae Smith die de lead heeft. Zij bezingt haar vertrouwen in Jezus, hoe Hij haar zal helpen bij het oversteken van de laatste rivier. De zussen Angela Taylor en Della Daniels geven de maat aan met een constant herhaald thema: ‘God is able’, of ‘Can’t thank Him enough’. Hoewel er op het album zelfs geen vingerknip voorkomt, is het onmogelijk om niet de beat en de gospelpiano achter de stemmen te horen.

De Mamas zongen al decennia samen. Gewoon, in de kerk, zoals iedereen in Como dat al eeuwen doet. Pas toen ze een platenlabel zochten voor de rapgroep van het zoontje van Taylor bedacht haar zus dat hun familie in de jaren vijftig al eens was opgenomen door de beroemde bluesonderzoeker Alan Lomax. Via die weg kwamen ze in contact met Daptone Records, een hip New Yorks label dat funk en soul van bijvoorbeeld Sharon Jones uitbrengt. Het rapavontuur van zoonlief was toen al weer vervlogen. „Je weet hoe tieners zijn”, zegt Daniels. „Maar we wilden niet dat die mannen voor niets naar Como waren gekomen.” De connaisseurs van Daptone waren overdonderd door de drie stemmen van de omvangrijke Mamas en dus kwam er een album.

Dat ze nu door Europa toeren zien de Mamas als een gift van God. Daniels: „Het was God die zei: ‘Ga. Ga en verspreid het woord.’ Wij zijn hier om mensen te laten weten dat Hij er is. Op een dag zul je sterven en dan moet je veilig zijn.” Daar komt bij dat een album met a-capellagospelsongs niet zichzelf verkoopt. „Daptone Records steunt onze muziek, maar wij weten heel goed dat we naar de mensen toe moeten om hen te bereiken.”

Die opdracht brengt hen nu naar podia waar mensen heen komen om te dansen. „Het maakt ons niet uit waar we het woord verspreiden”, zegt Angela Taylor. „De club en de kerk zijn voor mij gelijk als ik zing, ook clubbezoekers willen naar de hemel.”

Dat ze altijd zonder instrumenten in ‘the old time way’ zingen, heeft niet meer met een gebrek aan geld voor een band te maken, maar is een bewuste keuze. Daniels: „Van veel gospelsongs verdrinken de woorden in de muziek. Mensen horen niet wat er gezegd wordt. Logisch, deze generatie is verslingerd aan de beat. Wij willen dat mensen eerst luisteren naar wat we zeggen. Als ze ons eenmaal kennen, komt de muziek. Ons volgende album wordt er een met een band.”