Opinie

Een gaaf gebit

Wie de afgelopen dagen de avonturen van Sven en Irene in Sotsji wilde volgen, kreeg Camiel Eurlings er gratis bijgeleverd. Dat was even slikken. Omdat hij niets van sport afweet, mocht hij Nederlands enige lid van het Internationaal Olympisch Comité worden. André Bolhuis, tweemaal speler en tweemaal chef de mission op de Olympische Spelen, had ook graag gewild, maar koning Willem-Alexander moest ’m niet. Met sporters moet je hossen, niet wheelen en dealen.

Zaterdag zagen we Eurlings op de tribune naast de koning, de koningin en premier Rutte zitten. Hij deed dat veel beter dan Bolhuis ooit had gekund. Alleen al die volle, brede glunderlach waarbij de tanden parelend blootkomen – Bolhuis, die tandarts is, zal er met respect naar gekeken hebben. Eurlings zat erbij alsof het vergezellen van het koninklijk paar zijn dagelijks werk is, maar toch was hij zo verstandig zijn armen nog niet om de vorstelijke schouders te leggen. Het gaf al voldoening genoeg dat hij daar zat. Zouden ze in Limburg niet erg trots op hem zijn?

’s Avonds op tv, blij gezeten naast Irene, vertelde hij dat hij zelf president Poetin had aangesproken op de mensenrechtenkwestie. En die Poetin had zó ontspannen gereageerd! Hoe verrassend! Daarmee was het ongelijk van de kritische thuisblijvers wel bewezen, vond hij. Het lag niet zozeer aan Poetin, voegde hij eraan toe, het was de Russische bevolking die op dit punt nog wat achter was gebleven. Kwam wel goed.

De laatste keer dat Eurlings mijn netvlies verrijkte, was op dat onvergetelijke CDA-congres van ruim drie jaar geleden. Hij salueerde toen voordat hij partijleider Maxime Verhagen brullend aanmoedigde („Chapeau!”) om fijn in zee te gaan met de PVV. Het voerde bijna naar de ondergang van het CDA, maar Willem-Alexander, het IOC en de KLM wisten het toen zeker: daar stond hún man. Eurlings praat altijd met veel nadruk, alsof hij iemand moet overtuigen van iets dat niet helemaal deugt. Laatst hoorde ik hem van de geruchten over verkwanseling van de KLM zeggen: „Apénkool”. Ja, hij sprak ook de ‘n’ uit en ik dacht onwillekeurig: KLM, let op uw zaak.

Waar was Eurlings toen Poetin in het Holland House zijn verbroederend Heinekenbiertje kwam drinken met onze koning en koningin? Hij stond niet op de foto. Misschien vond Willem-Alexander het een wat al te carnavalesk beeld met zo’n proostende Limburger erbij. Poetin had het allemaal best gevonden, vermoed ik. Hij was in puike stemming en gaf zelfs een knuffel aan Irene, wat voor hem toch geen geringe tegemoetkoming was gezien haar lesbische verleden. „Good people, good results, good party”, complimenteerde hij.

Kortom, Poetin mocht die kaaskoppen wel. Ze kunnen een stevig potje zaniken, over homorechten en zo, maar zodra het eerste goud binnen is, zijn ze alles vergeten. Ja, hij had gehoord dat Mark Rutte thuis nogal gedoe had gehad; daarom was hij ter ondersteuning bij het Holland House langsgegaan. Even maar, hoor, hij had er zijn trainingspak niet voor uitgedaan.

Hij was eerder ook nog aangesproken door een Hollander met een welgedane, alsmaar schaterende kop. Af en toe had de man zijn rechterhand naar zijn voorhoofd gebracht, alsof hij wilde salueren. Nee, hij had hem niet goed kunnen verstaan, hij had eigenlijk alleen naar dat gebit gestaard: verdomd goed. Moest hij niet wat Hollandse tandartsen naar Rusland halen – liefst getrouwde?