De oude wereld glipt steeds verder weg

Britse adel danst op jazz, overweegt abortus, en lonkt naar dollars

Tot verbijstering van haar familie, danst nichtje Lady Rose (Lily James) metJack Ross (Gary Carr), een jazz-zanger uit Chicago.
Tot verbijstering van haar familie, danst nichtje Lady Rose (Lily James) metJack Ross (Gary Carr), een jazz-zanger uit Chicago.

Lord Fellowes had wat goed te maken. De schrijver van de adelsoap Downton Abbey had voor veel Britse kijkers Kerstmis 2012 verpest door het derde seizoen te laten eindigen met de plotse dood van erfopvolger Matthew. Fellowes moest wel, want de acteur wilde uit de serie worden geschreven, maar de schrijver had het al een keer eerder geflikt. En juist de absurde wijze waarop hij personages laat sterven, en de zeer korte periode van rouw die hij in in acht neemt (hoogstens één episode) tasten de besuikerde schoonheid van de serie aan. Achter de fluwelen gordijnen zie je dan ineens de emmertjes met soap-plots staan. Overigens zit in seizoen 4 een grove gewelddaad die ook onder deze paardenmiddelen valt. Maar vooruit, het zorgt wel voor wat reuring.

Julian Fellowes had dus wat goed te maken en dat lukt hem grotendeels. Veel is hetzelfde: de somptueuze rijkdom van de Britse adellijke familie Crawley in de jaren twintig, de toegewijde drukte in de personeelsvertrekken, de luisterrijke interieurs en adembenemende jurken en kapsels. Die veranderen nu snel want het is 1922, middenin de jazz age.

Meer dan andere seizoenen gaat deze reeks over verandering. En die leidt tot vermakelijke botsingen tussen de behoudende krachten binnen de familie en vertegenwoordigers van de moderne tijden. De adel die langzaam zinkt in de twintigste eeuw is het hoofdthema van de hele serie, maar hier krijgen ze wel heel veel moderne fratsen om de oren. De huwbare dochters worden steeds vrijpostiger, dansen en zoenen met wie ze willen en overwegen zelfs een abortus.

Aanstichter is vooral nichtje Rose, die nachtclubs bezoekt en een Afro-Amerikaanse jazz-zanger binnenhaalt – een van de hoogtepunten van dit seizoen. De opzienbarende verschijning tussen de bleke adel is gebaseerd op zanger Leslie ‘Hutch’ Hutchinson (1900-1969), die zich in Britse hoge kringen begaf en een affaire zou hebben gehad met Lady Mountbatten. Zoals dat gaat, trekt de familie een wenkbrauw op, maar neemt het uiteindelijk ruimhartig op. De Crawleys zijn altijd ruimdenkender dan verwacht en dan historisch geloofwaardig.

Ondertussen wordt journalist Michael, de amant van lady Edith, vermist in Duitsland, na een aanvaring in München met „een bende gangsters in bruine overhemden.” En wat doet de Duitse politie? Niets!

Fellowes verandert ook vaker de plaats van handeling. Dat kasteel kennen we nu wel, en gelukkig gaat de familie steeds vaker naar feestjes in Londen. Dat culmineert in een verrukkelijke Kerstspecial, die draait om het debutantenbal van Rose, inclusief een ontvangst op Buckingham Palace en een paleisintrige rond de prins of Wales, die later die eeuw voor nog grotere ophef zal zorgen.

De komst van de Amerikaanse oma (Shirley MacLaine) en de kalende playboyoom Harold (Paul Giomatti van Sideways) verhogen de feestvreugde. De Britten kijken neer op hun platte, directe manieren, maar proberen tegelijk in hun diepe zakken te komen. De douairière (Maggie Smith) mag altijd de vernietigende bon mots verzorgen, maar dit keer krijgt haar Amerikaanse evenknie het laatste woord: „Mijn wereld komt steeds dichterbij, en de uwe glipt weg, steeds verder weg. Goedenacht.”